Administratieve brief / wekelijks verslag.
Origineel
Administratieve brief / wekelijks verslag. 1 juli 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Voedselvoorziening of een aanverwante dienst). Den Heer Burgemeester van Amsterdam. [Handgeschreven rechtsboven:] Directeur l.v. Duinlooo [onleesbaar/paraf]
[Handgeschreven middenboven:] Verzonden 1/7
[Getypt rechtsboven:] VD/HB.
den Heer Burgemeester van Amsterdam,
Raadhuis,
A l h i e r .
2A/14/14M. 1 Juli 1942.
Naar aanleiding van den brief van Uw Secretaris d.d. 2 April j.l. (No.P.3.B.1942) en ten vervolge op mijn brief d.d. 24 Juni j.l. (No.2A/14/13M.) heb ik de eer U onderstaand een opgave te doen toekomen van den aardappelvoorraad te Amsterdam op 22 Juni j.l.; de aanvoer in de week van 22-27 Juni; de aflevering aan kleinhandel en instellingen in deze week en de boekvoorraad op 27 Juni j.l. des avonds.
De Directeur,
| Omschrijving | Hoeveelheid |
|---|---|
| Voorraad op 22 Juni 1942 | 6.130 hl. |
| Aanvoer week 22-27 Juni 1942 | 23.040 hl. |
| --------- | |
| 29.170 hl. | |
| Aflevering week 22-27 Juni 1942 | 28.350 hl. |
| --------- | |
| Voorraad op 27 Juni 1942 des avonds | 820 hl. |
Samenvatting
Het document is een zakelijke rapportage over de aardappelvoorziening in Amsterdam tijdens de bezettingsjaren. De toon is strikt formeel en bureaucratisch. Wat opvalt in de cijfers is de uiterst krappe marge: aan het einde van de week (27 juni 1942) is de voorraad geslonken tot slechts 820 hectoliter, terwijl er die week ruim 28.000 hectoliter is afgeleverd. Dit duidt op een "just-in-time" distributie waarbij de stad volledig afhankelijk was van de wekelijkse aanvoer om de bevolking te kunnen voeden. De aflevering geschiedde niet alleen aan de kleinhandel (voor de burgers op de bon), maar ook aan "instellingen" (zoals ziekenhuizen of gaarkeukens).
Historische Context
Dit document stamt uit juli 1942, een periode in de Tweede Wereldoorlog waarin de voedselschaarste in Nederland steeds nijpender werd. Hoewel de beruchte Hongerwinter pas twee jaar later zou plaatsvinden, was de distributie van basisbehoeften zoals aardappelen in 1942 al volledig onder controle van de overheid en de bezetter. Het feit dat de burgemeester wekelijks op de hoogte werd gehouden van de exacte voorraden in hectoliters, onderstreept hoe kritiek de voedselpositie van een grote stad als Amsterdam was. De aardappel was het volksvoedsel nummer één; een tekort zou direct leiden tot sociale onrust.