Archief 745
Inventaris 745-369
Pagina 300
Dossier 2A
Jaar 1942
Stadsarchief

Politierapport (Afschrift).

Betreft klachten van 10 en 15 maart 1942.

Origineel

Politierapport (Afschrift). Betreft klachten van 10 en 15 maart 1942. No.2C/13/2 M. A f s c h r i f t .

Politie te Amsterdam.
Hoofdbureau,
3de Bureau.

Groep Ir. B.Dossier Ir.P. No.26/1/42 Agenda 1942 Lr. G. No. 4983.
Groep Ir.B. Dossier Ir.P. No. 26/1/42 Agenda 1942 Lr.G.No. 5437.

                            R A P P O R T .
                            ---------------

        Naar aanleiding van twee op het Hoofdbureau van Politie ingekomen klachten respectievelijk gedateerd 10 Maart en 15 Maart 1942, Agenda 1942, Lr.G.No.4983 en 5437, van H.Schouten, wonende Gen.Vetterstraat 39 en H.Oosterhof, Da Costastraat 89 beiden alhier, betreffende vermoedelijke koppelverkoop gepleegd door verschillende groentehandelaren in Amsterdam-Z en Amsterdam W., heb ik ondergetekende Willem Theodorus Riezebos, agent van Politie, tevens onbezoldigd veldwachter der gemeente Amsterdam, dienst doende aan het Hoofdbureau van Politie, 3de Bureau, na daartoe bekomen opdracht een onderzoek ingesteld en gehoord het Bestuur van de groentewinkeliersvereeniging "Centraal Belang". De verantwoordelijk Bestuurder gaf mij desgevraagd op te zijn:-----------------------

------------------------- J.F.Barends, --------------------------------
geboren te Amsterdam, 23 Mei 1889, groentehandelaar, wonende Kleine Kattenburgerstraat 81, alhier, en verklaarde mij, nadat ik hem had medegedeeld, waarover ik hem wenschte te hooren als volgt:---------------
De groentetoewijzing voor de stad Amsterdam geschiedt middels het bureau Velders, Den Haag. Centraal Belang, dat met de distributie van de groenten is belast, zat met de moeilijkheid, op welke wijze men de groenten zoo eerlijk mogelijk onder de 3000 groentehandelaren zou verdeelen. Wij hebben toen aan de hand van het distributieboekje, waarin vermeld zijn de aardappeltoewijzingen voor de groentehandelaren, een bepaald systeem opgebouwd, en naar aanleiding van de aardappelomzet een groentetoewijzing verstrekt. Deze toewijzing komt neer op:
1 collie groente bij een omzet van 1-15 mud aardappelen.
2 " " " " " " 15-30 " "
3 " " " " " " 30-50 " "
4 " " " " " " 50-70 " "
5 " " " " " " 70-100 " "
6 " " " " " " 100 of meer mud aardappelen.
De combinatie bestaat uit wortelen, rapen en uien, waarbij dan later ook nog kool is gekomen. Men begrijpt, dat de toewijzing van groente te gering is, dan dat alle menschen voldoende groente kunnen bekomen.
De oorzaak is velerlei en ligt o.a. hierin, dat:
1. Voor den oorlog ging de productie van onze witte kool voor 70% naar de conservenfabrieken, 20% voor binnenlandsche gebruik en 10% was bestemd voor de export.
2. Thans is 70% bestemd voor de export, 10% voor de conservenfabrieken en 20% voor binnenlandsch gebruik, waarbij rekening moet worden gehouden dat het bezettende leger bij de afname voorgaat.
Conserven zijn practisch niet te bekomen, en de vraag naar groente is tweemaal zoorgroot als vroeger, tengevolge van de geringe brood-en aardappelrantsoenen. Het publiek eet tweemaal warm eten.
Ten slotte gaat nog zeer veel groente in den zwarten handel, waardoor ook de markt beïnvloed wordt.
Omdat wij een bepaalde basis moesten hebben, waarop wij de groentehandelaren groente toewijzen, hebben wij daarom deze toewijzing gebaseerd op de aardappelen- omzet. Deze omzet van aardappelen is intusschen eenigszins vergroot, doordat de menschen bij hun groentehandelaren aardappelen betrekken, zoodat men niet tweemaallin de rij behoeft te staan én bij den groentehandelaar én bij den aardappelhandelaar. Er heeft dus automatisch een zekere verschuiving plaats gehad. * Kernproblematiek: Het document onderzoekt de schaarste aan groenten in Amsterdam tijdens het voorjaar van 1942. De politie onderzoekt klachten over "koppelverkoop" (het verplicht moeten kopen van een ander product om het gewenste product te krijgen).
* Distributiesysteem: Er wordt onthuld dat groente niet direct gerantsoeneerd was via eigen bonnen, maar dat de toewijzing aan winkeliers gekoppeld was aan hun aardappelomzet (gemeten in 'mud'). Dit creëerde een scheve verhouding tussen vraag en aanbod.
* Economische verschuiving: De tekst geeft een glashelder inzicht in de oorlogseconomie: waar vóór de oorlog slechts 10% van de witte kool werd geëxporteerd, is dat onder de bezetting 70% geworden (grotendeels naar Duitsland), waarbij het "bezettende leger" voorrang heeft.
* Consumptiegedrag: Door de schaarste aan brood en aardappelen probeerde de bevolking de honger te stillen door vaker warm te eten (groenten), waardoor de vraag verdubbelde terwijl het aanbod kromp. Dit rapport is geschreven in maart 1942, een periode waarin de tekorten in bezet Nederland nijpend begonnen te worden. De organisatie "Centraal Belang" fungeerde als een schakel in de distributieketen. Het document illustreert de rol van de Nederlandse politie, die in deze periode enerzijds reguliere taken uitvoerde (zoals het controleren van handelspraktijken), maar anderzijds ook te maken had met de economische uitbuiting van Nederland door de Duitse bezetter. De term "bezettende leger" (Wehrmacht) geeft aan dat de schaarste een direct gevolg was van de Duitse opeisingen. De vermelding van de "zwarte handel" toont aan dat het officiële distributiesysteem op dat moment al niet meer aan de behoeften van de bevolking kon voldoen.

Samenvatting

  • Kernproblematiek: Het document onderzoekt de schaarste aan groenten in Amsterdam tijdens het voorjaar van 1942. De politie onderzoekt klachten over "koppelverkoop" (het verplicht moeten kopen van een ander product om het gewenste product te krijgen).
  • Distributiesysteem: Er wordt onthuld dat groente niet direct gerantsoeneerd was via eigen bonnen, maar dat de toewijzing aan winkeliers gekoppeld was aan hun aardappelomzet (gemeten in 'mud'). Dit creëerde een scheve verhouding tussen vraag en aanbod.
  • Economische verschuiving: De tekst geeft een glashelder inzicht in de oorlogseconomie: waar vóór de oorlog slechts 10% van de witte kool werd geëxporteerd, is dat onder de bezetting 70% geworden (grotendeels naar Duitsland), waarbij het "bezettende leger" voorrang heeft.
  • Consumptiegedrag: Door de schaarste aan brood en aardappelen probeerde de bevolking de honger te stillen door vaker warm te eten (groenten), waardoor de vraag verdubbelde terwijl het aanbod kromp.

Historische Context

Dit rapport is geschreven in maart 1942, een periode waarin de tekorten in bezet Nederland nijpend begonnen te worden. De organisatie "Centraal Belang" fungeerde als een schakel in de distributieketen. Het document illustreert de rol van de Nederlandse politie, die in deze periode enerzijds reguliere taken uitvoerde (zoals het controleren van handelspraktijken), maar anderzijds ook te maken had met de economische uitbuiting van Nederland door de Duitse bezetter. De term "bezettende leger" (Wehrmacht) geeft aan dat de schaarste een direct gevolg was van de Duitse opeisingen. De vermelding van de "zwarte handel" toont aan dat het officiële distributiesysteem op dat moment al niet meer aan de behoeften van de bevolking kon voldoen.

Gerelateerde Documenten 6