Handgeschreven ambtelijke notitie / begeleidend schrijven.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie / begeleidend schrijven. SPOED
HEDEN
26/β2/1.
Aan den Comm. van Politie
Dahmen von Buchholtz
Marnixstr. 260-264
In aansluiting aan ons
telefonisch onderhoud van
heden, heb ik de eer U in bijlage
dezer een anonieme klacht te
doen toekomen betreffende de
kleinhandelaren in a. g. e. fr. J. de
Moor, geb. 16.11.1895, wonende
Jan Lievensstr. 68 en G. Crone, geb.
31.1.1905, wonende Kolenwagens-
straat 25, met beleefd verzoek
de behandeling hiervan op U te willen
nemen! Dit document is een formeel geleidbiljet voor een anonieme aangifte. De afzender (waarschijnlijk een andere politie-instantie of een controle-orgaan) draagt een binnengekomen klacht over aan de Amsterdamse hoofdcommissaris voor nader onderzoek.
De kernpunten van de analyse zijn:
* Personen: De klacht richt zich op twee specifieke winkeliers: J. de Moor (Jan Lievensstraat 68, Amsterdam) en G. Crone (Kolenwagensstraat 25, Amsterdam).
* Sector: De afkorting "a. g. e. fr." staat voor "aardappelen, groenten en fruit".
* Urgentie: De rode stempels "SPOED" en "HEDEN" wijzen op een zaak die direct prioriteit moest krijgen, wat vaak het geval was bij economische vergrijpen tijdens de schaarste.
* Handschrift: Het is geschreven in een duidelijk, ambtelijk midden-20e-eeuws cursief schrift. Het document stamt uit de periode van de Duitse bezetting in Nederland (Tweede Wereldoorlog). De geadresseerde, Dahmen von Buchholtz, was een prominente figuur binnen de Amsterdamse politie onder het gezag van de bezetter. Het adres Marnixstraat 260-264 was (en is deels nog steeds) het hoofdbureau van de Amsterdamse politie.
Anonieme klachten over kleinhandelaren waren in deze tijd zeer frequent en hadden vaak betrekking op de zwarte handel, het achterhouden van voorraden of het overtreden van de distributieregels. Vanwege de voedselschaarste werden dergelijke meldingen door de autoriteiten zeer serieus genomen en vaak met strenge sancties bestraft. De Jan Lievensstraat bevindt zich in de wijk De Pijp, een buurt die in die tijd veel kleine neringdoenden kende. G. Crone J. de Hoofdbureau Politie