Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekening.
Origineel
Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekening. 31 maart 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Levensmiddelen of een gerelateerde gemeentelijke instelling). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). [Handgeschreven in paars potlood/inkt:] Verzonden 1/4
VD/HG.
3/2/5 M.
n 2
31 Maart 1942.
Diefstal rijwiel contrôleur
J.C.N. Helsloot.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 24
dezer om advies ontvangen stukken No. 289 L.M. 1942 heb ik de
eer U naar aanleiding van de op mijn brief van 10 Maart jl.
door U gestelde opmerkingen te berichten, dat Helsloot mij
hieromtrent het volgende heeft medegedeeld.
1e. dat hij, toen hij van huis ging, nog geen aandrang tot
urineeren had, doch dat hij dit onderweg kreeg; hij is
woonachtig in de 1e Oosterparkstraat en heeft op het Fer-
dinand Bolplein van een urinoir gebruik gemaakt.
2e. de urinoir op het Ferdinand Bolplein is een vierkanten
betonnen inrichting van waaruit men geen uitzicht naar
buiten heeft; bovendien gebeurde een en ander des avonds
om 9 uur 30 minuten en het was dien avond buitengewoon
donker.
De Directeur, Deze brief vormt een verslag of verweerschrift naar aanleiding van de diefstal van een dienstrijwiel van een controleur genaamd J.C.N. Helsloot. De directeur van de betreffende dienst reageert op vragen van de Wethouder voor de Levensmiddelen over de omstandigheden van de diefstal.
De kern van de verklaring is dat de diefstal plaatsvond terwijl Helsloot gebruikmaakte van een openbaar toilet (urinoir) op het Ferdinand Bolplein in Amsterdam. Er worden twee argumenten aangevoerd waarom hij de diefstal niet heeft kunnen voorkomen:
1. De noodzaak was plotseling opgekomen tijdens zijn rit van huis (1e Oosterparkstraat) naar zijn bestemming.
2. De architectuur van het urinoir (gesloten betonnen wanden) belette het zicht op de fiets, en de duisternis (het was 21:30 uur) maakte het onmogelijk om de omgeving in de gaten te houden.
De toon is zakelijk en ambtelijk, bedoeld om de controleur vrij te pleiten van nalatigheid. Het document dateert van maart 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de fiets een essentieel vervoermiddel, zeker voor functionarissen zoals controleurs van de Voedselvoorziening (Levensmiddelen), aangezien brandstof voor auto's zeer schaars was.
De opmerking dat het "buitengewoon donker" was om 21:30 uur is cruciaal; dit verwijst niet alleen naar het tijdstip, maar ook naar de verplichte verduistering die door de bezetter was opgelegd om geallieerde piloten te hinderen bij hun navigatie. Openbare verlichting was minimaal of afwezig.
Diefstal van rijwielen was tijdens de oorlogsjaren een enorm probleem vanwege de schaarste aan materialen en rubber (voor banden). De ambtenaar moest zich waarschijnlijk verantwoorden omdat een dienstrijwiel een kostbaar en moeilijk te vervangen bezit was van de gemeente. De genoemde locaties (1e Oosterparkstraat en Ferdinand Bolplein) situeren het incident in de Amsterdamse wijk De Pijp.