Een officiële bestuurlijke aanzegging/oproep.
Origineel
Een officiële bestuurlijke aanzegging/oproep. 20 april 1939 De Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam (W.) [Logo: Wapen van Amsterdam met drie kruisen, geflankeerd door leeuwen]
MARKTWEZEN AMSTERDAM
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 25/68/2 M
BIJLAGE _
ONDERWERP: _
[Handgeschreven: Verzonden 20/4]
G. [in een kader]
AMSTERDAM (W.) 20 April 1939
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN
den Heer H.J.Unger,
Sarphatistraat 80 huis,
Amsterdam-Centrum.
Wyk 10.
Op grond van het feit, dat U geen gevolg hebt gegeven aan de aan U gerichte schriftelyke waarschuwing om Uw plaats op de markt Albert Cuypstraat regelmatig te bezetten, behoort Uw marktplaats ingevolge artikel 11 van het Reglement op de Markten te worden ingetrokken.
Alvorens hiertoe te besluiten roep ik U op om op 26 April a.s. tusschen 9½ en 12 uur v.m. te komen by den Inspecteur van myn dienst, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-West.
De Directeur, * Type document: Een officiële bestuurlijke aanzegging/oproep.
* Inhoud: Het document informeert de heer Unger dat de gemeente voornemens is zijn marktplaatsvergunning in te trekken omdat hij, ondanks een eerdere waarschuwing, zijn plek op de Albert Cuypmarkt niet regelmatig inneemt. Dit is in strijd met het toenmalige marktreglement.
* Toon: Formeel, zakelijk en dwingend.
* Procedure: De geadresseerde krijgt een laatste kans om zijn zaak te bepleiten bij de Inspecteur van het Marktwezen voordat de definitieve beslissing tot intrekking wordt genomen ("hoorplicht").
* Taalgebruik: Typisch voor de vroege 20e eeuw, met spellingen zoals "schriftelyke", "myn" en "tusschen", en de afkorting "v.m." (voormiddag/AM). Dit document stamt uit april 1939, een periode van economische spanning en de laatste maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Het Marktwezen in Amsterdam was een strikte bureaucratie; marktplaatsen waren schaars en de gemeente eiste dat deze effectief werden gebruikt om de doorstroming en inkomsten van de markt te waarborgen.
De adresgegevens zijn historisch interessant: de Sarphatistraat 80 lag in een buurt met een grote Joodse populatie. Veel marktkooplieden op de Albert Cuypmarkt waren van Joodse afkomst. Hoewel dit een standaard administratieve brief lijkt wegens verzuim, werden dergelijke archieven na mei 1940 door de bezetter vaak gebruikt om grip te krijgen op Joodse ondernemers. In 1941 volgde de beruchte maatregel waarbij Joodse kooplieden volledig van de algemene markten werden verbannen naar specifieke "Joodse markten".