Archiefdocument
Origineel
6 mei 1939 (genoteerd als 6/5 '39). Men. Bolle, wonende aan de Roetersstraat 8 II, Amsterdam. Nº 25 / 75 / 1 M. 1939 [stempel]
Amsterdam 6/5 '39
H.M. [mogelijk: Hoofdbureau Marktwezen]
Hiermede doe ik u berichten dat ik he-
den Zaterdag verhinderd ben om op
de markt in de Albert Cuypstraat te
komen. Gelieve er s.v.p. nota van
te willen nemen.
Hoogachtend
Men. Bolle
Roetersstraat 8 II Het document is een formele kennisgeving van afwezigheid. De afzender, waarschijnlijk een marktkoopman genaamd Bolle, meldt zich schriftelijk af voor zijn standplaats op de Albert Cuypmarkt op zaterdag 6 mei 1939. De afkorting "H.M." in de aanhef verwijst zeer waarschijnlijk naar de 'Hoofinspecteur Marktwezen' of het 'Hoofdbureau Marktwezen'. Het handschrift is verzorgd en de formulering is beleefd ("Gelieve er s.v.p. nota van te willen nemen"), wat wijst op een plichtsgetrouwe houding ten opzichte van de geldende marktverordeningen. Dit briefje biedt een inkijkje in de dagelijkse administratie van de Amsterdamse markten vlak voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog. In die tijd was het voor marktkooplieden essentieel om zich officieel af te melden bij ziekte of verhindering om het recht op een vaste standplaats niet te verliezen.
De Albert Cuypmarkt was destijds, net als nu, de belangrijkste markt in de wijk De Pijp. De naam 'Bolle' en het adres in de Roetersstraat (gelegen in de Plantagebuurt) suggereren een verbinding met de grote Joodse gemeenschap die Amsterdam in 1939 nog rijk was. Veel Joodse Amsterdammers vonden in die periode hun broodwinning in de ambulante handel en op de markten. Dergelijke documenten in stadsarchieven zijn vaak de laatste bureaucratische sporen van personen voor de ingrijpende gebeurtenissen van de bezettingsjaren. Hoofdbureau Marktwezen