Ambtelijke notitie / archiefstuk (mogelijk van de Gemeente Amsterdam).
Origineel
Ambtelijke notitie / archiefstuk (mogelijk van de Gemeente Amsterdam). Juni 1939 (diverse data: 14-6-39, 22-6-39, 24-6-39). [Linksboven in stempelkader]
B I J B L A D V A N :
M. No. 25/84/6 1939.
DOORGEZONDEN: 6/6
[Rechtsboven]
140
Westerstraat en
Alb. Cuypstr.
bewijs van opname
Ziekenhuis inleveren
[Midden, doorgehaald]
~~Opbergen~~
~~Zie doktersverklaring.~~
[Hoofdtekst]
Aan S. Bolle moet m.i. worden
bericht dat hij, om vrijgesteld te worden
van betaling van marktgeld gedurende
den tijd dat hij in een ziekenhuis is
opgenomen, een bewijs van opname
in het ziekenhuis moet inzenden, bij
den Dienst van het marktwezen.
[Rechtsonder, parafen en data]
X H. Wolff
H v Meerkerken
[Aantekening rechts]: Advies (spoed) 14-6-39 deMaer
22-6-39
deMaer.
[Onderaan, in rood potlood en inkt]
24/6/39 [paraaf]
25/84/6 5.
[Linksonder, drukkergegevens]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een intern ambtelijk advies over een verzoek van een marktkoopman, S. Bolle. De heer Bolle was werkzaam op de Westerstraat en/of de Albert Cuypstraat in Amsterdam. Hij heeft blijkbaar verzocht om vrijstelling van het betalen van marktgeld (de staanplaatsvergoeding) omdat hij in het ziekenhuis lag.
De ambtenaar adviseert dat de aanvrager schriftelijk moet worden geïnformeerd dat hij een officieel bewijs van ziekenhuisopname moet overleggen aan de "Dienst van het marktwezen" om voor deze vrijstelling in aanmerking te komen. Het document toont een typisch administratief proces waarbij verschillende functionarissen (Wolff, Van Meerkerken, De Maer) hun goedkeuring of advies geven. Het document dateert van juni 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In die tijd waren de Westermarkt en de Albert Cuypmarkt al belangrijke economische centra in Amsterdam. Het marktgeld was een essentiële bron van inkomsten voor de gemeente, maar er bestonden regelingen voor handelaren die door ziekte hun stal niet konden bemannen.
De zorgvuldige dossiervorming (met verwijzingsnummers als 25/84/6) is kenmerkend voor de toenmalige gemeentelijke bureaucreatie. De naam "Bolle" komt vaker voor in archieven van Amsterdamse marktkooplieden uit die periode; velen van hen waren van Joodse afkomst, wat in de context van 1939 extra historisch gewicht geeft aan de administratieve afhandeling van hun zaken vlak voor de bezetting.