Archiefdocument
Origineel
Vermoedelijk begin 1943 (gebaseerd op genoemde data in de tekst: 15 februari 1943 en 1 april 1943). Opstelling Mevrouw Redeker.
artikel 1
1e. alinea
gelijk aan opstelling Dijkstra (1e en 2e alinea)
2e. Alinea (komt niet voor bij opstelling Gemeente en Dijkstra)
Indien door de in het vorig lid van bedoelde afdeeling meer wagons het in het vorige lid bedoelde aantal voor Amsterdam en voor opslag aldaar bestemd worden, zullen partijen nader overleggen, of ook deze partijen opgeslagen zullen worden hier ter stede. Indien partijen daartoe willen overgaan, geldt ten aanzien van den opslag het bepaalde in het eerste lid van dit artikel.
3e alinea (komt niet voor bij opstelling Gemeente en Dijkstra)
De in dit artikel bedoelde goederen zullen het eigendom van de partij ter andere zijde zijn, die dan ook zorg draagt voor de goederen tijdens den op-slag.
artikel 2
Zie derde alinea artikel 1 opstelling Gemeente en Dijkstra.
In overeenstemming met opstelling Dijkstra.
artikel 3
(Is artikel 2 opstelling Gemeente en Dijkstra)
2e alinea
Partijen verplichten zich op 15 Februari 1943, of zooveel eerder, een gedeelte van den voorraad voor den verkoop vrij te geven, ......................
Vanaf: voor de Gemeente zullen aan dit overleg deelnemen, enz................
(komt niet voor).
3e alinea
Indien op een tijdstip na 1 April 1943 ......................................
.............................................................................
doch partij ter andere zijde meent, dien voorraad nog niet voor den verkoop vrij te moeten geven, verplicht partij ter eene zijde zich deze partijen voor den veilingprijs van dien dag over te nemen.
(4e alinea op stelling Gemeente = 5e alinea opstelling Dijkstra,
komt niet voor).
artikel 4 (artikel 3 Gemeente)
1e alinea
De door partij ter eene zijde beschikbaar bestelde opslagruimte voor de in artikel 1 bedoelde goederen worden gedurende de in artikel 3 genoemde periode door partij ter eene zijde gratis aan partij ter andere zijde in gebruik gegeven, waarbij partij ter eene zijde geen risico aanvaardt voor de goede verzorging van de daarin opgeslagen goederen.
2e alinea
Van aflevering of verzorging, moet zijn: voor aflevering of vervanging.
3e alinea (voor laatste regel van onderraf) partij ter andere zijde, moet zijn: partij ter eene zijde.
artikel 5
(is artikel 4 Gemeente en artikel 3 Dijkstra)
Komt overeen met opstelling Gemeente 1e alinea.
De Combinatie verplicht zich de in artikel 1 genoemde artikelen te verkoopen...
........ (dit is 2e alinea opstelling Gemeente en Dijkstra): Komt niet voor Dit document is een juridische of administratieve vergelijking tussen verschillende conceptversies ("opstellingen") van een overeenkomst. Het richt zich specifiek op de afwijkingen in de versie van "Mevrouw Redeker" ten opzichte van die van "Dijkstra" en de "Gemeente".
De kernpunten in de tekst zijn:
1. Opslag en Logistiek: Er is sprake van de aanvoer van goederen per wagon naar Amsterdam en de noodzaak voor overleg bij overschrijding van afgesproken hoeveelheden.
2. Eigendom en Risico: Artikel 1 (3e alinea) legt vast dat de goederen eigendom zijn van de "partij ter andere zijde" (vermoedelijk de opdrachtgever/leverancier), die ook verantwoordelijk is voor de zorg tijdens de opslag. Artikel 4 ontslaat de partij die de ruimte beschikbaar stelt (de "partij ter eene zijde") expliciet van aansprakelijkheid voor de verzorging.
3. Termijnen: Er worden strikte data genoemd (15 februari 1943 en 1 april 1943) voor het vrijgeven van voorraden voor de verkoop.
4. Financiële Clausule: In artikel 3 is een bepaling opgenomen waarbij de ene partij verplicht kan worden goederen over te nemen tegen de veilingprijs van de dag als de andere partij weigert deze vrij te geven voor verkoop. Het document dateert uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De terminologie ("De Combinatie", "Gemeente") en de aard van de afspraken wijzen op een vorm van gereguleerde handel of distributie van goederen, die in deze periode vaak strak werd gecontroleerd door zowel lokale overheden als speciale handelsorganisaties.
De vergelijking tussen de verschillende "opstellingen" suggereert een onderhandelingsfase over de voorwaarden van een contract voor de opslag en distributie van mogelijk schaarse goederen. Mevrouw Redeker en Dijkstra lijken hierbij te fungeren als contractpartijen of vertegenwoordigers van commerciële belangen die hun concepten afstemmen op of vergelijken met de eisen van de Gemeente. De vermelding van "hier ter stede" suggereert dat het document is opgesteld in een stad (waarschijnlijk Amsterdam, gezien de eerdere vermelding) waar de goederen werden opgeslagen. Redeker (Mevrouw) Redeker en (Mevrouw)