Getypte ambtelijke brief (doorslag of kopie).
Origineel
Getypte ambtelijke brief (doorslag of kopie). 23 januari 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Marktwezen of een gerelateerde gemeentelijke afdeling). De Wethouder voor de Levensmiddelen, te Amsterdam (gezien de verwijzing naar de Centrale Markt). Verzonden 23/1 [handgeschreven]
HG.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
37/4/2 M. 2 23 Januari 1942.
In bijlage dezes heb ik de eer U een contract in duplo te doen geworden ten name van L. van Smeerdijk betreffende huur van pakhuisafdeeling No. C 2 op de Centrale Markt, voor den opslag van goederen (vide besluit van Burgemeester en Wethouders d.d. 7 April 1939 No. 97 L.M.1939).
Ik moge U beleefd verzoeken de onderteekening van dit contract door den heer Burgemeester te willen bevorderen en mij het daarna te doen retourneeren; dezerzijds kan dan voor registratie worden zorggedragen.
De Directeur, * Administratief proces: De brief beschrijft een standaard ambtelijke procedure. Een huurcontract dat al in 1939 was goedgekeurd door het college van B&W, wordt nu (in 1942) ter ondertekening aan de burgemeester voorgelegd via de wethouder.
* Terminologie: Het gebruik van "in duplo" (twee exemplaren), "doen geworden" (doen toekomen) en "vide" (zie) is typerend voor de formele, ietwat archaïsche ambtelijke schrijftaal van die tijd.
* Locatie: De "Centrale Markt" verwijst naar de groothandelsmarkt in Amsterdam (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat), die in 1934 werd geopend. * Oorlogstijd: De brief is gedateerd op 23 januari 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De functie van "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode cruciaal vanwege de schaarste en de invoering van het distributiestelsel.
* Continuïteit: Het document laat zien dat de reguliere gemeentelijke administratie en het beheer van marktfaciliteiten doorliepen tijdens de bezetting, waarbij verhuur van opslagruimte formeel werd afgehandeld op basis van vooroorlogse besluiten (april 1939).
* L. van Smeerdijk: Dit betreft waarschijnlijk een Amsterdamse koopman of groothandelaar die ruimte nodig had voor de opslag van handelsgoederen. Gezien de locatie op de Centrale Markt ging het vermoedelijk om levensmiddelen of aanverwante producten.