Archief 745
Inventaris 745-381
Pagina 144
Dossier 103
Jaar 1942
Stadsarchief

Handgeschreven zakelijke brief (verzoekschrift).

29 april 1942 (aangeduid als "29/4" en "M. 1942"). Van: J. Snoek (J. Snoek Cees zoon), vishandelaar te Volendam. Aan: Waarschijnlijk een ambtenaar bij de Rijksdienst voor de Visserij of de Vissery Centrale. Dossier: 46

Origineel

Handgeschreven zakelijke brief (verzoekschrift). 29 april 1942 (aangeduid als "29/4" en "M. 1942"). J. Snoek (J. Snoek Cees zoon), vishandelaar te Volendam. Waarschijnlijk een ambtenaar bij de Rijksdienst voor de Visserij of de Vissery Centrale. Nº 46A / 105 / 1 M. 1942 29/4 J Snoek
M. H.
M. H.

Hiermede kom ik tot U met een beleefd toch dringend
verzoek v. m. om mijn zoon Gieles Snoek geb. 24 Mei
1923 apart in de verdeling te laten opnemen en wel
om de volgende gegronde redenen.
Mijn zoon is sinds 1940 in de vishandel waarin hij
tot nog toe z’n boterham heeft verdiend Daar ik in
Volendam een grote toewijzing heb omdat daarin het
percentage van de vis welke ik voor mijn kocht niet
verwerkt heb ik mij er van onthouden om op Volendam
voor hem een zelfstandige toewijzing te verzoeken
Ik gaf hem daarom in ’t afgelopen jaar een gedeelte
van mijn toewijzing om er mee te venten.
Nu door U. en de Vissery Centrale getroffen regeling
ook de aal van Volendam in Amsterdam verdeeld
zal worden kom ik alleen ik persoonlijk daarvoor
in aanmerking. Ik verzoek U. daarom om ook mijn zoon
op de verdelingslijst te plaatsen, omdat hij anders van
vis uitgesloten zal worden.
Hopende dat U mijn beleefd verzoek om een eventueel onrecht
wat door een vergissing zou kunnen plaats hebben zoudt
willen voorkomen teken ik in afwachting van U.
rechtvaardig bescheid
Hoogachtend
J. Snoek Cees zoon De brief betreft een formeel verzoek van een Volendamse vishandelaar aan de autoriteiten tijdens de bezettingstijd. De schrijver, J. Snoek, vraagt om een aparte vis-toewijzing (quotum) voor zijn zoon, Gieles Snoek. Tot dan toe deelden vader en zoon de toewijzing van de vader, maar door nieuwe regelgeving van de "Vissery Centrale" dreigt de zoon zijn inkomstenbron te verliezen. De nieuwe regeling bepaalt dat de verdeling van Volendamse aal (paling) voortaan in Amsterdam plaatsvindt, waarbij alleen geregistreerde handelaren in aanmerking komen.

De brief is opgesteld in een beleefde, enigszins formele stijl die gebruikelijk was voor correspondentie met de overheid. Opvallend is de vrees voor "onrecht door een vergissing", wat wijst op de grote afhankelijkheid van burgers van de bureaucratische beslissingen in oorlogstijd. De toevoeging "Cees zoon" bij de handtekening is een typisch Volendams gebruik om onderscheid te maken tussen de vele bewoners met dezelfde achternaam. Het document dateert uit april 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de visserij en vishandel volledig onderworpen aan de distributie- en prijsvoorschriften van de Rijksdienst voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd. De "Vissery Centrale" was het orgaan dat toezicht hield op de vangst en distributie van vis, die cruciaal was voor de voedselvoorziening (en export naar Duitsland).

Voor een jongeman van 18 jaar (Gieles Snoek) was een officiële status als zelfstandig handelaar in de voedselvoorziening bovendien van essentieel belang om gevrijwaard te blijven van de Arbeitseinsatz (dwangarbeid in Duitsland). Het verzoek had dus niet alleen een economische, maar mogelijk ook een existentiële achtergrond. H.

Samenvatting

De brief betreft een formeel verzoek van een Volendamse vishandelaar aan de autoriteiten tijdens de bezettingstijd. De schrijver, J. Snoek, vraagt om een aparte vis-toewijzing (quotum) voor zijn zoon, Gieles Snoek. Tot dan toe deelden vader en zoon de toewijzing van de vader, maar door nieuwe regelgeving van de "Vissery Centrale" dreigt de zoon zijn inkomstenbron te verliezen. De nieuwe regeling bepaalt dat de verdeling van Volendamse aal (paling) voortaan in Amsterdam plaatsvindt, waarbij alleen geregistreerde handelaren in aanmerking komen.

De brief is opgesteld in een beleefde, enigszins formele stijl die gebruikelijk was voor correspondentie met de overheid. Opvallend is de vrees voor "onrecht door een vergissing", wat wijst op de grote afhankelijkheid van burgers van de bureaucratische beslissingen in oorlogstijd. De toevoeging "Cees zoon" bij de handtekening is een typisch Volendams gebruik om onderscheid te maken tussen de vele bewoners met dezelfde achternaam.

Historische Context

Het document dateert uit april 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de visserij en vishandel volledig onderworpen aan de distributie- en prijsvoorschriften van de Rijksdienst voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd. De "Vissery Centrale" was het orgaan dat toezicht hield op de vangst en distributie van vis, die cruciaal was voor de voedselvoorziening (en export naar Duitsland).

Voor een jongeman van 18 jaar (Gieles Snoek) was een officiële status als zelfstandig handelaar in de voedselvoorziening bovendien van essentieel belang om gevrijwaard te blijven van de Arbeitseinsatz (dwangarbeid in Duitsland). Het verzoek had dus niet alleen een economische, maar mogelijk ook een existentiële achtergrond.

Genoemde Personen 1

H.

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis Zuivel & Eieren: Boter Zuivel & Eieren: Eieren Zuivel & Eieren: Zuivel

Thema's

Duitsland/Oosten Dwang/Vordering Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6