Handgeschreven ambtelijk rapport/verslag van bevindingen.
Origineel
Handgeschreven ambtelijk rapport/verslag van bevindingen. Opgesteld begin november 1942 (met verwijzingen naar gebeurtenissen in september en oktober 1942). H. Bonnier wordt niet een persoonlijk tot Wethouder hem.
Men. Redeker deelt mij telefonisch mede dat H. Bonnier Wethouder
heeft aangetoond onschuldig te zijn. Wethouder heeft besloten
dat Bonnier weder tot de verdeeling moet worden toegelaten
reeds met terugwerkende kracht. Men. Redeker geeft
tevens opdracht Stam op te bellen en dezer in kennis
te stellen van ernstige ontstemming van de Wethouder
omdat Stam verzuimd heeft H. Bonnier te hooren (H. Bonnier
verklaarde de Wethouder n.l. dat hij niet gehoord was)
Hiernaast meent Redeker even te mogen wachten met Stam
te bellen aangezien hij, gezien mijn speciale opdracht,
niet kan voorstellen dat H. Bonnier niet zou zijn gehoord.
Deze zaak doorgeven aan Heer v. Maanen die aan de
hand van brief Gualari - Bonnier aan Wethouder,
met deze zou spreken.
Bij telefonisch onderhoud van Wethouder met Heer
Sieburgt deelt deze mede dat hij zijn onderzoek met
H. Bonnier deze niet ontkent heeft garnalen van de
betwiste partij te hebben ontvangen.-
Wethouder verzoekt een nader onderzoek, welk
verzoek door den Heer Sieburgt aan mij wordt overgebracht.
Op 29 October 1942 (zie rapp. Dunlaore) wordt H. Bonnier
gehoord in tegenwoordigheid van v. d. M. v. Maan. Sieburgt
Dunlaore & Felthuis waarbij H. Bonnier verklaart
Felthuis nooit gezien te hebben & door deze nooit
is gehoord & verder dat hij geen garnalen v/d. betreffende
partij heeft gehad. Hierbij bleek ook dat Felthuis
in zijn rapport d.d. 8 September 42 te zijn alwaar als
kooper had genoemd H. Bonnier terwijl dit moet
zijn C. Bonnier (zie aanvullend rapport Felthuis
d.d. 4 November 42.-
[Marge links:]
Verhoor op 2 Nov. 42
via Felthuis - Maanen
en verhoor d.d.
3 Nov. 1942
Sommige
Aangezien bij de verhoren door Felthuis in de
gevalle de Controleur Marinus op de vischmarkt
aanwezig was gelastte ik nog een nader verhoor
via L. Rooseman. Y Gualari - C Bonnier door
Felthuis & Marinus zie rapport Felthuis
d.d. 4 November. (zie)
L. Rooseman verklaarde dat hij de garnalen reeds
aan Y Gualari had verkocht voordat Stam hem
gezegd had dat deze partij in de verdeeling moest
komen. Hij verwees Stam derhalve naar de nieuwe
eigenaar: Y Gualari. -
C. Bonnier verklaarde wel niet te herinneren dat
hij door Felthuis & Marinus op de vischmarkt
op 8 September 1942 was gehoord & verder dat hij op
8 September 1942 ook geen garnalen van Y Gualari
had gekocht.-
Ten slotte werd nog op 5 November 1942 gehoord Y. Gualari
Deze verklaarde dat hij de Vischmeester Smak had horen
zeggen dat de garnalen niet in verdeeling zouden komen zodat
hij even later geheel ter goeder trouw de garnalen van L.
Rooseman kocht van den handel verkocht bij 120 Kg De kern van dit document is een administratief en juridisch onderzoek naar de rechtmatigheid van een partij garnalen (120 kg) die buiten de officiële distributie om lijkt te zijn verhandeld. Er is sprake van een conflict tussen verklaringen van ambtenaren en verdachten:
- De kwestie H. Bonnier: Aanvankelijk werd H. Bonnier uitgesloten van de "verdeeling" (distributie). Hij claimt bij de Wethouder dat hij nooit is verhoord door controleur Stam. De Wethouder gelooft hem en eist rehabilitatie.
- De persoonsverwisseling: Bij nader inzien blijkt dat controleur Felthuis in zijn rapport van 8 september de naam "H. Bonnier" heeft genoteerd, terwijl het om zijn broer "C. Bonnier" ging. H. Bonnier sprak dus de waarheid toen hij zei dat hij niet verhoord was.
- De verdediging van de handelaren: De uiteindelijke koper, Y. Gualari, voert aan dat hij "ter goeder trouw" handelde. Hij baseerde zich op een uitspraak van een "Vischmeester" dat de garnalen niet onder de distributieregels vielen. Dit document stamt uit november 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedselvoorziening en distributie uiterst streng gereguleerd om schaarste te beheersen en de zwarte markt te bestrijden. Het systeem van "verdeeling" bepaalde wie wat mocht kopen en verkopen.
Dergelijke rapporten werden vaak opgesteld door instanties zoals de Crisis Controle Dienst (CCD) of lokale economische opsporingsdiensten. Het toont de enorme bureaucratische druk en de nauwgezetheid waarmee zelfs relatief kleine partijen vis (120 kg) werden nagetrokken om economische delicten op te sporen. De verwarring tussen de twee broers Bonnier illustreert de administratieve complexiteit van die tijd.