Handgeschreven ambtelijke notitie / gespreksverslag.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie / gespreksverslag. [Hoofdtekst]
Bonnier wendt zich persoonlijk tot Mith.
Men. Mr. Redeker deelt mij telefonisch mede dat Bonnier Mith. heeft aangetoond onschuldig te zijn. Mith heeft besloten dat Bonnier weer tot de verdeling moet worden toegelaten zulks met terugwerkende kracht.
Men. R. heeft tevens opdracht Ham op te bellen en dezen mede te deelen kennis te geven van de ernstige ontstemming van de Mith. omdat Ham verzuimd heeft om Bonnier te horen, Bonnier heeft nl. aan Mith. verklaard dat hij in het geheel niet is gehoord.
Mijnerzijds Men. R. verzocht met het bellen van H. even te wachten tot dat de zaak even onderzocht is omdat ter zake, krachtens mijn speciale opdracht, Bonnier wel is gehoord. (Ham is inmiddels met M. Te Nuijl gesproken / die ook ’s middags met Mith zal spreken)
Bij een telef. vraag Mith. of M. Liebrugge bericht Mith. ook betreffende zaak ter sprake. M. Liebrugge deelt mede dat Bonnier destijds bij hem (Liebrugge) is geweest en bij die gelegenheid niet heeft ontkend dat hij van de bewuste partij farnata heeft gehad. Mith. vraagt nader onderzoek welke vraag mij door M. Liebrugge wordt overgebracht.
[Marge links]
Tevens aan de hand van de brief Goethart Bonnier (zie los) * Kern van het document: Het document beschrijft een interne discussie over de status van een zekere 'Bonnier'. Er is sprake van een tegenstelling: een hogere instantie ('Mith') is door Bonnier overtuigd van zijn onschuld en wil hem rehabiliteren (terugwerkende kracht bij "de verdeling"). Echter, de opsteller van de notitie en M. Liebrugge weerspreken Bonniers bewering dat hij niet gehoord is en dat hij onschuldig zou zijn.
* Tegenstrijdigheid: Bonnier beweert tegenover 'Mith' dat hij nooit verhoord is door Ham. De auteur van de notitie stelt echter dat Bonnier wel degelijk gehoord is en dat hij bij Liebrugge zelfs een belastende verklaring heeft afgelegd over een "partij farnata" (mogelijk een type handelswaar of papier).
* Belanghebbenden: 'Mith' (waarschijnlijk een afkorting voor een instantie zoals het Militair Gezag of een ministerieel bureau) lijkt hier de beslissingsbevoegde partij die door Bonnier onder druk wordt gezet. Dit document lijkt deel uit te maken van een dossier over de naoorlogse zuivering of de toewijzing van schaarse goederen (zoals papier voor uitgeverijen) in Nederland.
- Mith: Zeer waarschijnlijk een afkorting voor de Sectie Voorlichting van het Militair Gezag of een afdeling binnen het Ministerie van Informatie.
- Bonnier: De naam Bonnier is historisch verbonden aan de uitgeverswereld. Gezien de vermelding van "de verdeling" kan dit slaan op de verdeling van schaars krantenpapier vlak na de bevrijding.
- Goethart: De vermelding in de marge ("brief Goethart") verwijst zeer waarschijnlijk naar Frans Goedhart (Pieter ’t Hoen), de oprichter van Het Parool, die na de oorlog een belangrijke rol speelde in de commissies voor de perszuivering.
- Farnata: Deze term is ongebruikelijk; het zou kunnen verwijzen naar een specifiek type textiel, papier of een merkontleding, maar in de context van zuiveringsdossiers betreft het vaak de herkomst van illegaal verkregen materialen tijdens de bezetting. M. Liebrugge M. Te