Archiefdocument
Origineel
Behoorende bij brief 46a/321/139a aan den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen, dd. 22 December 1942.
A F S C H R I F T
R A P P O R T
Centrale Controle-dienst Amsterdam, 30 November 1942.
afd. spijvetten en visscherij
Aan de Directie van het
Marktwezen te Amsterdam,
Jan van Galenstraat 14.
Op Donderdag 26 November 1942 te ongeveer 9 uur werd
mij en controleur Frank door Uw controleurs Huisman
en Marinus medegedeeld, dat zij
L.A. Vermeulen, geboren 14-2-1919, wonende
te Amsterdam, Vrolikstraat 175½ knecht van H.F.Osse-
dorp, vischhandelaar, geboren 16 Juni 1884, wonende te
Amsterdam, Pieter Nieuwlandstraat 15D, hadden aange-
troffen met een kist versche scharren buiten den af-
slag op de De Ruyterkade, terwijl deze scharren niet
van een toewijzing afkomstig waren.
Zij hebben Vermeulen toen deze scharren in den opslag
doen brengen en hem gewaarschuwd.
Vermeulen verklaarde mij toen:
" In opdracht van Ossedorp heb ik die kist schar-
ren van de auot (van Bram Faas) gehaald en op de
handkar gezet. Ik moest die kist afgeven aan een
persoon die ik alleen van gezicht ken".
Na hem gevraagd te hebben bedoelde persoon bij ons te
brengen, kwam hij na eenige oogenblikken terug met
Jan Veerman
geboren 18 Mei 1889, wonende te Huizen N.H., Magdalena-
weg 22, vischventer.
Deze verklaarde echter:
"Ik weet nergens van, ik heb geen scharren besteld
of gekocht van Ossedorp".
Daar Vermeulen in de nabijheid van de door Veerman ge-
huurde loods was aan getroffen, waarin ook Hendrik Bon,
geboren 28 Mei 1878, wonende te Huizen N.H., Schoolstraat
3 zijn gereedschaopbregt, werd ook deze ondervraagd,
en deze verklaarde:
"Ik heb nu of eerder geen scharren besteld bij of
gekocht van Ossedorp. Ik heb met Veerman samen
een loods gehuurd van het Marktwezen. Een enkele
keer wordt er wel eens even visch neergezet van
een ander, ook wel eens eenige manden of kisten
van Ossedorp.
's Middags te ongeveer 14 uur spraken wij met H.F.Osse-
dorp. Deze verklaarde:
"Ik heb met Bram Faas een kist scharren meegege-
ven, die moest Vermeulen, die knecht bij mij is,
van de wagen halen en in de hal brengen. Ik heb
die kist scharren, die ik als overwicht had van
een levering aan de Weermacht, naar Amsterdam
laten brengen met de bedoeling deze in den opslag
te laten brengen en daar verkoopen.
Hierna hebben wij nog eenige malen Vermeulen gehoord,
die op onze vraag op zijn eerste verklaring juist was,
steeds ontwijkende antwoorden en verder steeds tegen-
strijdige antwoorden gaf, en het laatst hedenmorgen op
het bureau Warmoestraat (op 30/11'42) uit eindelijk zei:
"Het kan wel dat Ossedorp heeft gezegd, dat die
kist in de hal moest worden gebracht, dat weet Dit document is een ambtelijk rapport van de Centrale Controle-dienst (CCD) betreffende een mogelijke overtreding van de distributievoorschriften tijdens de Duitse bezetting. Op 26 november 1942 wordt een knecht (Vermeulen) betrapt met een kist scharren (vis) buiten de officiële afslagplaats op de De Ruyterkade in Amsterdam. Omdat de vis niet via een officiële toewijzing was verkregen, werd een onderzoek ingesteld.
Het rapport bevat tegenstrijdige getuigenverklaringen. Terwijl Vermeulen beweert de vis te moeten afleveren bij een onbekende (later aangewezen als Jan Veerman), ontkennen zowel Veerman als een andere vishandelaar (Bon) hiervan te weten. De werkgever van Vermeulen, Ossedorp, geeft een belastende verklaring: de vis was een overschot ("overwicht") van een levering aan de Duitse Weermacht die hij buiten de reguliere kanalen om in Amsterdam wilde verkopen. Uiteindelijk trekt Vermeulen zijn eerdere beweringen deels in tijdens een verhoor op het bureau aan de Warmoestraat. De tekst dateert uit november 1942, een periode waarin Nederland bezet was door nazi-Duitsland. Voedselvoorziening was strikt gereguleerd via een distributiestelsel om schaarste te beheersen en de Duitse bezetter te bevoorraden. De Centrale Controle-dienst (CCD) was belast met het toezicht op de naleving van deze regels en het bestrijden van de zwarte handel.
Handel buiten de officiële "afslag" (veiling) was illegaal. Het document illustreert hoe surplus van leveringen aan het Duitse leger ("Weermacht") soms werd achtergehouden voor illegale particuliere verkoop op de zwarte markt, die in deze tijd welig tierde vanwege de tekorten. De gedetailleerde persoonsgegevens (geboortedata, adressen) tonen de nauwgezette administratie van de controlerende instanties in die tijd aan. H.F. Ossedorp L.A. Vermeulen Marktwezen