Zakelijke correspondentie / Legitimatiebewijs voor distributie.
Origineel
Zakelijke correspondentie / Legitimatiebewijs voor distributie. 14 september 1942. [Briefhoofd]
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE
AFD. Verdeeling
BETREFFENDE zeevisch
BERICHT OP SCHRIJVEN VAN [niet ingevuld]
No. [niet ingevuld]
BIJ ANTWOORD VERMELDEN:
No. 21981 Afd. V/S
BIJLAGEN ……… STUKS, T.W.:
[Adresveld]
Den Heer Directeur van den Gemeentelijken
Vischafslag,
te
AMSTERDAM.-
'S-GRAVENHAGE, 14 September 1942
2e ADELHEIDSTRAAT 300
[Stempel en kenmerk]
No 46a/536/4 M. 1942 16/9
[Inhoud]
Hierbij deelen wij U mede, dat de kleinhandelaar
J.M. Keus, v. Ostadestraat 111 Amsterdam in aanmerking
kan komen voor een toewijzing op Uw vischafslag.
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE,
[Handtekening onleesbaar]
[Handgeschreven annotatie linksonder]
1 maal zeevisch
[Voetnoot]
Ro.
2e ADELHEIDSTRAAT 300, 'S-GRAVENHAGE, POSTGIROREKENING 245271, TELEGRAMADRES: NEDVISCEN, TELEFOON 720080, INTERCOMM. XX
VOOR AFDEELING DISTRIBUTIE EN TEXTIEL TELEFOON 722641
(A) 23415 - '42 - K 983 Het document is een formele kennisgeving binnen de distributieketen van levensmiddelen tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandsche Visscherijcentrale fungeerde als het centrale orgaan dat toezag op de vangst, prijsvorming en verdeling van vis.
In deze specifieke brief krijgt de directeur van de Amsterdamse visafslag de opdracht om J.M. Keus, een visboer gevestigd aan de Van Ostadestraat 111 (in de wijk De Pijp), toe te laten tot de inkoop van zeevis. Zonder een dergelijke officiële toewijzing was het voor winkeliers in die tijd verboden om goederen in te kopen op de centrale afslagen. De handgeschreven notitie "1 maal zeevisch" duidt mogelijk op de frequentie of de specifieke aard van de toegekende vergunning. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) werd vrijwel de gehele voedselvoorziening onder centraal staatsbeheer geplaatst om schaarste te beheersen en de Duitse oorlogsindustrie te voeden. De Visscherijcentrale was onderdeel van de crisisorganisatie.
De datum, september 1942, is relevant omdat de schaarste in deze periode fors toenam. Veel vissersschepen waren door de bezetter gevorderd of mochten de havens niet uit vanwege mijnengevaar en de blokkade op de Noordzee. De vis die wel aan land kwam, werd strikt gerantsoeneerd. Documenten zoals deze vormen de administratieve sporen van het bureaucratische apparaat dat nodig was om de distributie in goede banen te leiden en de zwarte handel tegen te gaan. De vermelding van de "Afdeeling Textiel" in de voetnoot herinnert eraan hoe breed de taken van dergelijke centrale organen in oorlogstijd waren. J.M. Keus