Archief 745
Inventaris 745-387
Pagina 8
Dossier 103
Jaar 1942
Stadsarchief

Ambtelijke brief / Correspondentie.

23 november 1942. Van: Onbekend (mogelijk een plaatselijke opsporingsinstantie of distributiedienst, kenmerk VB/HB). Aan: Den Heer Directeur der Nederlandsche Visscherijcentrale, 2e Adelheidstraat 300, Den Haag.

Origineel

Ambtelijke brief / Correspondentie. 23 november 1942. Onbekend (mogelijk een plaatselijke opsporingsinstantie of distributiedienst, kenmerk VB/HB). Den Heer Directeur der Nederlandsche Visscherijcentrale, 2e Adelheidstraat 300, Den Haag. [Handgeschreven aantekening bovenin:] Verzonden 23/11 [onleesbaar monogram]

VB/HB.

den Heer Directeur der Nederlandsch.
Visscherijcentrale,
2e Adelheidstraat 300,
Den Haag.

46a/841/2 M.
23 November 1942.

toewijzing visch
J.en J.J.Hagedoorn.

Onder terugzending van het met Uw brief d.d.23 October j.l. No.26835/V/Kr.om bericht ontvangen stuk, heb ik de eer U het navolgende te berichten.

J.M.Keus en L.Toet verkoopen van 1940 af zeevisch. Dientengevolge ontvangen deze kooplieden een enkele toewijzing zeevisch. Vóór 1940 waren deze kooplieden, voor zoover nog bekend, in den haringhandel.

W.B.Reuter Sr.was reeds vóór 1939 van haringhandelaar overgegaan in den handel met versche visch. Reuter ontvangt dan ook toewijzing versche visch. J. de Haan, Jac. en M.Th.Klapmuts hebben altijd gerookte visch verkocht en ontvangen dientengevolge een enkele toewijzing gerookte aal en gerookte visch.

J. en J.J.Hagedoorn waren voorheen uitsluitend haringhandelaren.

In September 1941 zijn zij in versche visch gaan handelen en hebben volgens verklaring van Thomas Lub, groothandelaar, in de periode September 1941 tot September 1942 ieder ongeveer 20 à 30 kg. per dag afgenomen.

Tenslotte deel ik U mede, dat het verzoek van adressanten in aanmerking te mogen komen voor een toewijzing versche zeevisch is be- * Inhoud: De brief dient als een officieel rapport naar aanleiding van een verzoek van de gebroeders Hagedoorn voor een vis-toewijzing (quotum). Om te bepalen of zij recht hebben op deze toewijzing, wordt hun bedrijfsgeschiedenis vergeleken met die van andere lokale vishandelaren (Keus, Toet, Reuter, De Haan en Klapmuts).
* Beoordelingscriteria: De autoriteiten kijken specifiek naar de handelsactiviteiten van vóór de oorlog of vóór 1940. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de haringhandel, de handel in versche (zee)visch en gerookte vis.
* Status Hagedoorn: De gebroeders Hagedoorn worden beschreven als voormalige haringhandelaren die pas in september 1941 zijn overgestapt op versche vis. De groothandelaar Thomas Lub heeft getuigd over hun omzet (20-30 kg per dag).
* Onvolledigheid: De tekst breekt af aan het einde van de pagina bij het woord "be-". Gezien de context is de waarschijnlijke voortzetting "behandeld" of "beoordeeld". * Historische context: Het document dateert uit november 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Schaarsche en Distributie: Tijdens de bezetting was er een grote schaarste aan voedsel. De handel in vis was strikt gereguleerd door de Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC), een orgaan dat onder toezicht van de bezetter de vangst en distributie van vis controleerde.
* Regulering: Handelaren hadden officiële "toewijzingen" (vergunningen/quota) nodig om legaal te kunnen handelen. Nieuwkomers of handelaren die van discipline veranderden (zoals de overstap van haring naar versche vis), moesten hun historische rechten bewijzen om voor nieuwe quota in aanmerking te komen. De namen in de brief (Keus, Toet, Reuter, Klapmuts) zijn typische Scheveningse vissersnamen, wat suggereert dat dit onderzoek betrekking heeft op de regio Den Haag/Scheveningen.

Samenvatting

  • Inhoud: De brief dient als een officieel rapport naar aanleiding van een verzoek van de gebroeders Hagedoorn voor een vis-toewijzing (quotum). Om te bepalen of zij recht hebben op deze toewijzing, wordt hun bedrijfsgeschiedenis vergeleken met die van andere lokale vishandelaren (Keus, Toet, Reuter, De Haan en Klapmuts).
  • Beoordelingscriteria: De autoriteiten kijken specifiek naar de handelsactiviteiten van vóór de oorlog of vóór 1940. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de haringhandel, de handel in versche (zee)visch en gerookte vis.
  • Status Hagedoorn: De gebroeders Hagedoorn worden beschreven als voormalige haringhandelaren die pas in september 1941 zijn overgestapt op versche vis. De groothandelaar Thomas Lub heeft getuigd over hun omzet (20-30 kg per dag).
  • Onvolledigheid: De tekst breekt af aan het einde van de pagina bij het woord "be-". Gezien de context is de waarschijnlijke voortzetting "behandeld" of "beoordeeld".

Historische Context

  • Historische context: Het document dateert uit november 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
  • Schaarsche en Distributie: Tijdens de bezetting was er een grote schaarste aan voedsel. De handel in vis was strikt gereguleerd door de Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC), een orgaan dat onder toezicht van de bezetter de vangst en distributie van vis controleerde.
  • Regulering: Handelaren hadden officiële "toewijzingen" (vergunningen/quota) nodig om legaal te kunnen handelen. Nieuwkomers of handelaren die van discipline veranderden (zoals de overstap van haring naar versche vis), moesten hun historische rechten bewijzen om voor nieuwe quota in aanmerking te komen. De namen in de brief (Keus, Toet, Reuter, Klapmuts) zijn typische Scheveningse vissersnamen, wat suggereert dat dit onderzoek betrekking heeft op de regio Den Haag/Scheveningen.

Kooplieden in dit dossier 80

A. Cuypstraat 117 b. = 11700 p
76 jaar) 110
Dunne spruiten
Gestripte kabeljauw
Gestripte wijting
Groote schelvisch 50 cm en grooter
Groote schol 50 cm en grooter
Groote tong 37 cm en grooter 0,98
M. Sicma 0,98
Haring en tooters
H.L. --- 4
Kabeljauw 72 cm en grooter
M. Sicma 0,43
M. Sicma 0,83
Alle 80 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2