Ambtelijke adviesnota / intern memorandum.
Origineel
Ambtelijke adviesnota / intern memorandum. 10 november 1942. [Stempel linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 46a/053/1 1942
DOORGEZONDEN: 10/11
[Aantekening bovenaan midden:]
10/11 '42 Telef. besproken met Trop.
advies: afwijzend.
[Midden:]
Vischregeling
verzoek
Zwavelzuurfabrieken
v/h Ketjen
[Rechtsonder stempel:]
W. h. M.
[Hoofdtekst:]
Onder terugzending van
het met Uw handbrief dd. 9 dezer om advies
ontvangen stuk No. 77/3/0 L.M. 1942 heb ik de eer
U te berichten, dat nu alle soorten visch (dus ook gez.
visch, bliek, sprot e.d.) in de verdeeling zijn opgenomen,
dienentengevolge alle vergunningen voor deze artikelen
worden ingenomen. Er is m.i. – gelet op de consequenties –
geen enkele
reden om een venter toe te staan den adressante
van visch te blijven voorzien, zoodat ik U in over-
weging geef op het onderharige adres afwijzend
te beschikken.
[Onderaan:]
460/053/2 [Paraaf] * Inhoud: De nota adviseert om een verzoek van de Zwavelzuurfabrieken v/h Ketjen (een bekende chemische fabriek in Amsterdam) af te wijzen. De fabriek wilde blijkbaar via een eigen 'venter' (handelaar) vis blijven ontvangen buiten de reguliere kanalen om. De schrijver stelt dat aangezien nu álle vissoorten (inclusief gezouten vis, bliek en sprot) onder het officiële distributiestelsel ("de verdeeling") vallen, alle oude vergunningen worden ingetrokken. Men wil geen uitzondering maken om precedentwerking ("de consequenties") te voorkomen.
* Schrijfstijl: Formeel-ambtelijk taalgebruik, kenmerkend voor de vroege 20e eeuw ("heb ik de eer U te berichten", "den adressante", "onderhavige").
* Contextuele details: Het document toont de bureaucratische afhandeling van schaarste. De aantekening bovenaan bevestigt dat er telefonisch overleg is geweest en dat het uiteindelijke advies negatief is. Dit document stamt uit november 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode nam de voedselschaarste toe en werd het distributiestelsel (de rantsoenering) steeds strenger en fijnmaziger. Waar in het begin van de oorlog sommige vissoorten nog vrij verkrijgbaar waren, werden tegen eind 1942 vrijwel alle voedingsmiddelen centraal gereguleerd om de schaarse middelen te beheersen.
Grote fabrieken zoals Ketjen probeerden vaak eigen voedselvoorzieningen voor hun personeel te regelen om de productie op peil te houden, maar zoals uit dit document blijkt, trad de overheid (onder toezicht van de bezetter) streng op tegen dergelijke private afspraken om de grip op de totale voedselvoorraad te behouden.