Afschrift van een getypte brief.
Origineel
Afschrift van een getypte brief. 23 november 1942. Y. Goedhart, namens het Gilde voor den Vischhandel, afd. Grossiers, Amsterdam (Westerstraat 583). Nederlandsche Visscherij Centrale (N.V.C.), 's Gravenhage. Gilde voor den Visch-
handel, afd. Grossiers,
Amsterdam
De N.V.C. is om advies gevraagd.
A F S C H R I F T.
Amsterdam, 23/11'42.
Nederlandsche Visscherij Centrale
's Gravenhage.
Mijne Heren,
Hiermede hebben wij een vriendelijk verzoek aan U of het toch niet de zeebliek hier ter stede zou moet blijven? Dat er nog geheel goede handel in was voor 2 jaar geleden zijn wij het geweest, die de zeebliek in de handel brachten hier in Amsterdam. Honderde vaten hebben wij omgezet, in commissie en ik kleinhandel recepten hebben wij gemaakt hoe de menschen ze konden klaar maken.
Wij kochten ze te Ymuiden van groothandelaars of kregen ze ergens anders vandaan. Wat nu?. Nu kunnen wij ze toch natuurlijk nog koopen. Maar moeten dan naar de Gem. afslag te Amsterdam om ze af te leveren en moeten dan aan elk vat minstens 3 à 4 gulden bij liggen. Want te Ymuiden kosten ze al F 0.38 per kilo. komt vracht bij en kisten voor de afslag. Als grossiers kunnen wij niets meer verdienen, wij zijn gewoon uitgeschakeld, en wat krijgen wij clientele, onder anderen ook mijn zoons leden niets maar, want wat komt hier nog voor bliek het is niet noemenswaardig. Niet alleen lijden de handelaars er onder maar ook de arme menschen, die hadden vorige jaar een emmer vol ingemaakt en kunnen nu niets meer koopen.
Het vorige jaar zijn ze niet duurder verkocht in de kleinhandel dan F.0.45 tot F.0.50 per kilo.
Te Ymuiden worden ze meestal in kleine vaatjes verpakt en gaan dan de zwarte handel in. Waarom krijgen wij grossiers geen toewijziging hier voor de stad Amsterdam voor flinke partyen. Ymuiden is geen plaats voor zeebliek, hier ter stede en anderen groote steden hooren ze thuis. Mijn zoon verkocht verleden jaar op zijn standplaats per week 25 30 vaten van 100 K.G. nu is zijn toewijziging per 14 dagen 50 K.G. is dad nu een verhouding, terwijl er zooveel zeebliek gevangen wordt.
Uw geeerd antwoord per omgaande terugzienden,
hoogachtend,
Y. Goedhart,
Westerstraat 583'
Amsterdam-Centrum. De brief is een dringende klacht van een Amsterdamse visgrossier (Y. Goedhart) gericht aan de centrale autoriteit voor de visserij tijdens de bezetting. De kern van het probleem is de veranderde distributieketen:
- Onrendabele bedrijfsvoering: De grossiers worden verplicht hun waar via de Gemeentelijke Afslag in Amsterdam te verhandelen, maar de inkoopprijs in IJmuiden (plus transportkosten) ligt zo hoog dat ze per vat verlies lijden ("3 à 4 gulden bij liggen").
- Toewijzing versus vangst: De schrijver klaagt dat de toewijzingen (rantsoenen) voor de handel extreem zijn verlaagd. Waar zijn zoon voorheen 2500-3000 kg per week verkocht, krijgt hij nu nog maar 50 kg per twee weken, terwijl er volgens de schrijver wel degelijk veel vis gevangen wordt.
- Zwarte handel: Goedhart stelt dat door het gebrek aan officiële toewijzingen de vis in IJmuiden massaal in de "zwarte handel" verdwijnt in plaats van de steden te bereiken.
-
Sociale nood: De schrijver benadrukt dat "arme menschen" de dupe zijn, omdat zij de vis niet meer kunnen "inmaken" (conserveren) als wintervoorraad. Dit document stamt uit november 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandse economie stond destijds onder streng toezicht van de Duitse bezetter en de Nederlandse distributieorganen (zoals de N.V.C.).
-
Voedselschaarste: Zeebliek (een kleine haringachtige, vergelijkbaar met sprot) was een belangrijk volksvoedsel omdat het relatief goedkoop en voedzaam was. In tijden van schaarste was het essentieel voor de voedselvoorziening in de grote steden.
- Centrale sturing: De bezetter probeerde de handel te controleren via gilden en centrale veilingen om prijsopdrijving en de zwarte markt tegen te gaan, maar zoals deze brief aantoont, werkte dit in de praktijk vaak averechts: legale handelaren konden niet meer rondkomen, waardoor de zwarte handel juist floreerde.
- Locatie: De Westerstraat in de Jordaan was (en is) een bekende handelsstraat; de genoemde "standplaats" van de zoon verwijst waarschijnlijk naar de markt.