Archief 745
Inventaris 745-387
Pagina 470
Dossier 2A
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypte zakelijke brief met handgeschreven kanttekening.

23 maart 1942. Van: De Directeur (onbekend instituut, mogelijk verbonden aan de landbouwsector). Aan: Den Heer Directeur van het Instituut voor onderzoek op het gebied van verwerking van fruit en groenten, Hoogsteeg 3, Wageningen.

Origineel

Getypte zakelijke brief met handgeschreven kanttekening. 23 maart 1942. De Directeur (onbekend instituut, mogelijk verbonden aan de landbouwsector). Den Heer Directeur van het Instituut voor onderzoek op het gebied van verwerking van fruit en groenten, Hoogsteeg 3, Wageningen. Noot: De spelling en interpunctie uit het origineel zijn aangehouden.

[Handgeschreven in blauw potlood bovenaan:] Extra

J/RG.

48/5/6 M.
23 Maart 1942.

                        den Heer Directeur van het
                        Instituut voor onderzoek op
                        het gebied van verwerking van
                        fruit en groenten,
                        Hoogsteeg 3,
                        W A G E N I N G E N .


         Na het sorteeren van de aardappelen van de groei-

stofproef werd de partij Bintjes (contrôle) volgens afspraak
met Ir. Van Stuivenberg op 19 Maart jl. door den heer Jonkman
gewogen. Het resultaat van deze weging gelieve U hieronder
aan te treffen.


Soort 1 2 Begin 3 Kiem lang 4 Lange 5
ongekiemd kieming 1 - 3 cm. kiem Rot


23,4 - 4,3 29 - 4,9 32,5 - 5,3 36,8 - 5,3 11,3 - 4,8
39,1 - 5,1 39,5 - 5,5 35 - 5
39 - 5,2 38 - 5,8 37 - 5,2
39,5 - 5,1 38 - 5,2
38 - 5,4 39 - 5
39,5 - 5,1 38,5 - 5,3
38 - 5,3 38,5 - 5,7
36 - 5,4 39 - 5,4

         Verder zou ik het zeer op prijs stellen, indien U

Ir. Van Hiele zoudt willen verzoeken mij alsnog een stel co-
pieën te zenden van de invulformulieren betreffende "Plaats-
ruimte Koelhuisartikelen".

                                        De Directeur, Deze brief is een zakelijke correspondentie over landbouwkundig onderzoek tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van het schrijven is het overdragen van onderzoeksgegevens over de kiemkracht en het gewicht van aardappelen (ras Bintje) na een 'groeistofproef'. Dit was onderzoek naar het beïnvloeden van het kiemproces tijdens de opslag, waarschijnlijk om de houdbaarheid te verlengen.

De tabel toont gewichtsmetingen onderverdeeld in vijf categorieën van kieming:
1. Ongekiemd: 23,4 kg totaal, verdeeld over 4,3 eenheden (of vice versa, de getalnotatie duidt mogelijk op gewicht versus aantal of een specifieke meeteenheid).
2. Begin kieming: Acht verschillende metingen.
3. Kiem lang (1-3 cm): Acht verschillende metingen.
4. Lange kiem: Drie metingen.
5. Rot: Eén meting van aangetaste aardappelen.

Daarnaast wordt er gevraagd om administratieve formulieren met betrekking tot de opslagcapaciteit in koelhuizen, wat wijst op een coördinatie tussen verschillende instanties op het gebied van voedselvoorraadbeheer. De datum, 23 maart 1942, is cruciaal. Nederland bevond zich midden in de Duitse bezetting. Voedselvoorziening en de optimale opslag van aardappelen waren van vitaal belang voor de volksgezondheid en de economie.

Het genoemde instituut in Wageningen aan de Hoogsteeg 3 was de voorloper van het latere Sprenger Instituut (thans onderdeel van Wageningen University & Research). Dit instituut hield zich specifiek bezig met de techniek van het bewaren en verwerken van tuinbouwproducten.

In de tekst worden twee prominente landbouwkundigen genoemd:
* Ir. Jan Hendrik Marinus van Stuivenberg: Een expert op het gebied van het bewaren van fruit en groenten onder gecontroleerde condities (GAS-opslag).
* Ir. Teun van Hiele: Een zeer bekende figuur in de Nederlandse koeltechniek en naoorlogse directeur van het Sprenger Instituut. Hij speelde een grote rol bij de modernisering van de Nederlandse koelhuissector.

Het onderzoek naar 'groeistoffen' (vaak chemische kiemremmers) was in die tijd innovatief en bedoeld om de enorme verliezen door kieming en rot in aardappelbewaarplaatsen te beperken. De formulieren voor "Plaatsruimte Koelhuisartikelen" wijzen op de strikte overheidscontrole en planning van koelruimte tijdens de oorlogsjaren.

Samenvatting

Deze brief is een zakelijke correspondentie over landbouwkundig onderzoek tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van het schrijven is het overdragen van onderzoeksgegevens over de kiemkracht en het gewicht van aardappelen (ras Bintje) na een 'groeistofproef'. Dit was onderzoek naar het beïnvloeden van het kiemproces tijdens de opslag, waarschijnlijk om de houdbaarheid te verlengen.

De tabel toont gewichtsmetingen onderverdeeld in vijf categorieën van kieming:
1. Ongekiemd: 23,4 kg totaal, verdeeld over 4,3 eenheden (of vice versa, de getalnotatie duidt mogelijk op gewicht versus aantal of een specifieke meeteenheid).
2. Begin kieming: Acht verschillende metingen.
3. Kiem lang (1-3 cm): Acht verschillende metingen.
4. Lange kiem: Drie metingen.
5. Rot: Eén meting van aangetaste aardappelen.

Daarnaast wordt er gevraagd om administratieve formulieren met betrekking tot de opslagcapaciteit in koelhuizen, wat wijst op een coördinatie tussen verschillende instanties op het gebied van voedselvoorraadbeheer.

Historische Context

De datum, 23 maart 1942, is cruciaal. Nederland bevond zich midden in de Duitse bezetting. Voedselvoorziening en de optimale opslag van aardappelen waren van vitaal belang voor de volksgezondheid en de economie.

Het genoemde instituut in Wageningen aan de Hoogsteeg 3 was de voorloper van het latere Sprenger Instituut (thans onderdeel van Wageningen University & Research). Dit instituut hield zich specifiek bezig met de techniek van het bewaren en verwerken van tuinbouwproducten.

In de tekst worden twee prominente landbouwkundigen genoemd:
* Ir. Jan Hendrik Marinus van Stuivenberg: Een expert op het gebied van het bewaren van fruit en groenten onder gecontroleerde condities (GAS-opslag).
* Ir. Teun van Hiele: Een zeer bekende figuur in de Nederlandse koeltechniek en naoorlogse directeur van het Sprenger Instituut. Hij speelde een grote rol bij de modernisering van de Nederlandse koelhuissector.

Het onderzoek naar 'groeistoffen' (vaak chemische kiemremmers) was in die tijd innovatief en bedoeld om de enorme verliezen door kieming en rot in aardappelbewaarplaatsen te beperken. De formulieren voor "Plaatsruimte Koelhuisartikelen" wijzen op de strikte overheidscontrole en planning van koelruimte tijdens de oorlogsjaren.

Kooplieden in dit dossier 80

A. Cuypstraat 117 b. = 11700 p
76 jaar) 110
Dunne spruiten
Gestripte kabeljauw
Gestripte wijting
Groote schelvisch 50 cm en grooter
Groote schol 50 cm en grooter
Groote tong 37 cm en grooter 0,98
M. Sicma 0,98
Haring en tooters
H.L. --- 4
Kabeljauw 72 cm en grooter
M. Sicma 0,43
M. Sicma 0,83
Alle 80 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2