Dienstverslag / Rapport
Origineel
Dienstverslag / Rapport 17 september 1942 [Stempel/Nummering linksboven: 77/72/1 | 91212]
[Handgeschreven rechtsboven: Afschrift voor Ortskommandantur]
R A P P O R T
Wij, ondergetekenden, controleurs H. Fleijsman en B. Felthuis, rapporteren U het navolgende.
In verband met het feit, dat bij de firma Beugel, huurder van de pakhuizen Hal 7 en 9 van de Centrale Markt, geregeld fruit wordt gestolen uit de kisten en manden welke in de hal voor het pakhuis staan uitgestald, hebben wij op ~~Dinsdag~~ Woensdag 16 September 1942 van omstreeks 5 uur n.m tot omstreeks 11 uur n.m speciaal toezicht gehouden in de Hal meer in het bijzonder op de verkoopplaats van genoemde firma.
Daartoe bevonden wij ons omstreeks 10 uur n.m. in een vrachtauto welke tegenover pakhuis 9 van de Hal geparkeerd stond en zagen op dit tijdstip, dat ter hoogte van pakhuis Hal 28 twee lichten, blijkbaar van zaklantaarns, ontstoken werden. Aanvankelijk meenden wij, dat dit de lichten waren van twee dienstdoende controleurs van het Marktwezen, temeer daar, afgaande op de beweging van deze lichten, de dragers daarvan zich langs verschillende verkoopplaatsen van de Hal begaven. Toen zij evenwel ter hoogte van pakhuis hal 9 waren, bleek ons dat de dragers van deze lichten twee personen van de Duitse Weermacht waren. Beiden begaven zij zich op de verkoopplaats van Hal 9 en zagen wij, door het schijnsel van hun lichten, dat zij elk uit een kist iets wegnamen. Toen zij zich hierna wilden verwijderen, kwamen wij uit de vrachtauto te voorschijn en hielden hen staande. De kleinste van hen, een ons van aanzien bekend onder-officier van die afdeeling welke op een der torens van het koelhuis een uitkijkpost hebben, bleef staan, doch de andere liep door tot de verkoopplaats van grossier Louritz, welke verkoopplaats gelegen is schuin tegenover het pakhuis Hal 9. Toen wij ons aan hen bekend maakten als politie door het vertoonen van onze ambtspenning en hen vroegen wat zij in de Hal en op verkoopplaats Hal 9 te maken hadden, voegde de kleinste ons toe "Wilt U de Weermacht aanhouden", althans woorden van een dergelijke strekking. Tevens verklaarde deze, dat zij zich in de Hal bevonden voor de controle op het licht. Waar het ons bekend was, wie de kleinste was, hebben wij beiden laten vertrekken, doch terstond hierna den grond afgezocht in de omgeving van de verkoopplaats van Louritz. Voor deze verkoopplaats vonden wij twee peren welke bij gehouden controle van dezelfde soort bleken te zijn als die welke in de kisten voor pakhuis Hal 9 stonden uitgestald. Deze peren hebben wij voorloopig inbeslaggenomen. Voorts vernamen wij op Donderdag 17 September 1942 nog, dat beide personen, nadat zij de markt verlieten aan den controleur Reinen hadden gevraagd of het hem bekend was, dat zich twee burgers op het terrein bevonden. Hiermede zullen zij ongetwijfeld ons, rapporteurs, bedoeld hebben. Naar ons op 17 September 1942 nog door H. Brachthuizer, personeel bij Beugel, werd medegedeeld, zou hij uit een der kisten circa 10 pond peren vermissen. Uiteraard was het voor ons moeilijk om na te gaan wat de door ons staande gehouden personen van de Weermacht hebben weggenomen, doch is het niet onmogelijk dat ook nog andere dan zij van deze peren hebben gestolen. Dat moet dan evenwel na 11 uur n.m zijn gebeurd.
Amsterdam 17 September 1942
de Controleur,
1) [Signatuur: H. Fleijsman]
2) [Signatuur: B. Felthuis]
Den Heer Bedrijfschef
van het Marktwezen. Dit rapport is een feitelijke weergave van een confrontatie tussen Nederlandse marktcontroleurs en Duitse militairen tijdens de bezetting. De kernpunten zijn:
- Betrapping op heterdaad: De controleurs observeren vanuit een vrachtwagen hoe twee Wehrmacht-militairen fruit stelen uit kisten van de firma Beugel.
- Machtsverhoudingen: Wanneer de controleurs de militairen aanspreken, reageert de Duitse onderofficier met de retorische vraag: "Wilt U de Weermacht aanhouden?". Dit illustreert de onaantastbare positie van de Duitse bezetter ten opzichte van lokale handhavers.
- Bewijsvoering: Ondanks de intimidatie verzamelen de controleurs bewijs door de weggegooide peren in beslag te nemen en aangifte van vermissing (10 pond peren) op te nemen.
- Voorzichtigheid: De rapporteurs dekken zichzelf in door te vermelden dat de diefstal van de volledige 10 pond mogelijk ook door anderen gepleegd kan zijn, wat duidt op de riskante positie waarin zij verkeerden bij het beschuldigen van Duitse militairen. Dit document stamt uit september 1942, een periode waarin de voedselschaarste in bezet Nederland toenam en de zwarte handel op de Centrale Markt in Amsterdam welig tierde. De Centrale Markt was een strategisch punt voor de voedselvoorziening.
Het incident toont de dagelijkse wrijving tussen het Nederlandse overheidsapparaat (de marktpolitie/controleurs) en de bezettingsmacht. Hoewel de Nederlandse ambtenaren formeel de orde moesten handhaven, stonden zij machteloos tegenover Duitse militairen die zich boven de wet verheven voelden. De aantekening "Afschrift voor Ortskommandantur" is cruciaal; het betekent dat de directie van het Marktwezen de klacht formeel heeft doorgegeven aan het Duitse militaire bestuur in de stad, waarschijnlijk in een poging om de discipline onder de troepen te handhaven en verdere diefstallen te voorkomen. Zulke rapporten zijn zeldzame getuigenissen van kleine daden van ambtelijk verzet of plichtsgetrouwheid onder moeilijke omstandigheden.