Archief 745
Inventaris 745-396
Pagina 35
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Officiële mededeling/circulaire van een overheidsinstantie.

26 oktober 1942. Van: Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale, Directie. Aan: De geadresseerde veilingsvereniging. Dossier: 105/124, 490

Origineel

Officiële mededeling/circulaire van een overheidsinstantie. 26 oktober 1942. Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale, Directie. De geadresseerde veilingsvereniging. NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE
_________

D I R E C T I E .
Dict.FA./AKl.
No.490/'42.
RB.V.V.O.

                               AAN DE GEADRESSEERDE
                               VEILINGSVEREENIGING.
                               ====================

[Stempel in paars: Nº 105/124/ M. 1942] [Handgeschreven in zwarte inkt: 28/10]

                               's-Gravenhage, 26 October 1942.

   Hierbij deelen wij U mede, dat met ingang van Dinsdag

27 October 1942, 50 % van den aanvoer van het product Witte
Uien-kwaliteit "B" voor export moet worden verladen.
De exportprijs is vastgesteld op f. 4,80 per 100 kg.
Deze prijs geldt tevens als maximumveilingprijs voor het
binnenland.

          NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE : -

          [Handtekening 1: Baden .]    [Handtekening 2: onleesbaar]

(A) 21976 - '42 - K 983 Dit document is een directief van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF) aan een Nederlandse veilingsvereniging. De kern van de mededeling is een dwingende maatregel met betrekking tot de distributie en prijsvorming van witte uien (kwaliteit "B").

De twee hoofdbepalingen zijn:
1. Exportverplichting: Vanaf 27 oktober 1942 moet de helft (50%) van de aangevoerde witte uien van B-kwaliteit gereserveerd worden voor export.
2. Prijsvaststelling: De prijs wordt gefixeerd op 4,80 gulden per 100 kg. Belangrijk is dat deze prijs niet alleen voor de export geldt, maar ook fungeert als prijsplafond (maximumveilingprijs) voor de Nederlandse binnenlandse markt.

De toon is formeel, zakelijk en directief, passend bij een uitvoeringsorgaan dat tijdens de bezettingsjaren de regie voerde over de voedselvoorziening. Het document dateert uit oktober 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale was een onderdeel van de distributieorganisatie die onder toezicht stond van het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd (RBVVO), wat ook terug te vinden is in de kop van de brief.

Tijdens de bezetting was de Nederlandse landbouw volledig ingeschakeld in de Duitse oorlogseconomie. De bezetter eiste een groot deel van de Nederlandse productie op voor eigen gebruik (zowel voor de Duitse burgerbevolking als voor de Wehrmacht). Dit document illustreert hoe de centrale overheid de controle over de schaarse goederen strak in handen hield door middel van:
* Exportquota: Het verplicht afstaan van producten voor "export" (wat in deze context vrijwel uitsluitend naar Duitsland betekende).
* Prijsbeheersing: Om inflatie en zwarte handel tegen te gaan, maar vooral om de kosten voor de bezetter laag te houden, werden er strikte maximumprijzen opgelegd.

De vermelding van "kwaliteit B" duidt op de verregaande bureaucratisering en standaardisering van de voedselproductie in deze periode; elk aspect van de oogst werd gecategoriseerd en gereguleerd. Rijksbureau Wehrmacht

Samenvatting

Dit document is een directief van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF) aan een Nederlandse veilingsvereniging. De kern van de mededeling is een dwingende maatregel met betrekking tot de distributie en prijsvorming van witte uien (kwaliteit "B").

De twee hoofdbepalingen zijn:
1. Exportverplichting: Vanaf 27 oktober 1942 moet de helft (50%) van de aangevoerde witte uien van B-kwaliteit gereserveerd worden voor export.
2. Prijsvaststelling: De prijs wordt gefixeerd op 4,80 gulden per 100 kg. Belangrijk is dat deze prijs niet alleen voor de export geldt, maar ook fungeert als prijsplafond (maximumveilingprijs) voor de Nederlandse binnenlandse markt.

De toon is formeel, zakelijk en directief, passend bij een uitvoeringsorgaan dat tijdens de bezettingsjaren de regie voerde over de voedselvoorziening.

Historische Context

Het document dateert uit oktober 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale was een onderdeel van de distributieorganisatie die onder toezicht stond van het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd (RBVVO), wat ook terug te vinden is in de kop van de brief.

Tijdens de bezetting was de Nederlandse landbouw volledig ingeschakeld in de Duitse oorlogseconomie. De bezetter eiste een groot deel van de Nederlandse productie op voor eigen gebruik (zowel voor de Duitse burgerbevolking als voor de Wehrmacht). Dit document illustreert hoe de centrale overheid de controle over de schaarse goederen strak in handen hield door middel van:
* Exportquota: Het verplicht afstaan van producten voor "export" (wat in deze context vrijwel uitsluitend naar Duitsland betekende).
* Prijsbeheersing: Om inflatie en zwarte handel tegen te gaan, maar vooral om de kosten voor de bezetter laag te houden, werden er strikte maximumprijzen opgelegd.

De vermelding van "kwaliteit B" duidt op de verregaande bureaucratisering en standaardisering van de voedselproductie in deze periode; elk aspect van de oogst werd gecategoriseerd en gereguleerd.

Locaties

's-Gravenhage.

Producten

A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla A.G.F. (Groenten): Uien Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis

Thema's

Duitsland/Oosten Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Rijksbureau Wehrmacht

Kooplieden in dit dossier 4

Gerelateerde Documenten 6