Getypt rapport met handgeschreven toevoegingen (kenmerk, datum, handtekening).
Origineel
Getypt rapport met handgeschreven toevoegingen (kenmerk, datum, handtekening). 18 juni 1942. B. Felthuis, Controleur bij het Marktwezen. De Bedrijfschef van het Marktwezen te Amsterdam. Nº 111/1/1/M. 1942 25/7
R A P P O R T
Ingevolge Uw opdracht, heb ik, ondergeteekende, controleur B. Felthuis, op Woensdag 17 Juni 1942 de groenteveiling te Purmerend bezocht, tot het opnemen van de groente welke afkomstig van deze veiling bestemd was voor Amsterdam. Bij gehouden controle bleek, dat deze hoeveelheid bestond uit 12 k.g. doppers en 11 k.g. snijboonen, welke bestemd waren voor den grossier Jan Kooij, gevestigd op pier E van de Centrale Markt.
Met betrekking tot de aanvoer van groenten aan de veiling te Purmerend, verklaarde de directuer, de heer Elout, dat deze de laatste tijd zeer gering is, hetgeen, aldus de heer Elout, voor een belangrijk deel te wijten is aan het slechte weer van heden en aan den strengen winter welke wij van dit jaar hebben gehad.
Zoo de bedroeg de waarde van de totaal aanvoer op 17 Juni circa f 130 terwijl het in andere jaren ongeveer in f 4000 beliep.
Van hetgeen op 17 Juni was aangevoerd moest de bemanning van de Duitsche Wehrmacht in de omgeving van Purmerend worden voorzien, terwijl ook aan ziekenhuizen en instellingen moest worden geleverd.
De heer Elout hoopte dat de doppers en tuinboonenoogst, welke binnenkort te verwachten is, eenige verbetering zullen brengen, hoewel zijn verwachtingen ook hiervan niet te hoog gespannen zijn.
Amsterdam 18 Juni 1942
Controleur,
[Handtekening: B. Felthuis]
Den Heer Bedrijfschef
van het Marktwezen.
[Handgeschreven initialen linksonder: gv] * Inhoud: Het document is een officieel verslag van een inspectie. Het toont de dramatische afname van de groenteaanvoer in 1942. Waar normaal een dagomzet van 4000 gulden werd gehaald, was dat nu slechts 130 gulden. Er was die dag slechts een minieme hoeveelheid (23 kg in totaal) bestemd voor de Amsterdamse markt.
* Oorzaken van schaarste: De directeur van de veiling wijst op de natuurlijke omstandigheden: een extreem strenge winter (de winter van 1941-1942 was historisch koud) en aanhoudend slecht weer.
* Prioriteiten: Het rapport maakt duidelijk dat de beschikbare voorraden eerst naar de Duitse bezetter (Wehrmacht) en naar zorginstellingen gingen, waardoor er voor de reguliere handel vrijwel niets overbleef.
* Toon: De toon is zakelijk en ambtelijk, maar de pessimistische slotzin van de heer Elout ("niet te hoog gespannen") weerspiegelt de sombere verwachtingen over de voedselvoorziening. Dit rapport is opgesteld tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Het jaar 1942 was een kantelpunt waarin de schaarste aan voedsel en goederen steeds nijpender werd. De controleur, werkzaam voor het Amsterdamse Marktwezen, had de taak om de distributiestromen in de gaten te houden. De Centrale Markt in Amsterdam (de huidige Food Center lokatie) was de spil in de voedselvoorziening van de stad. Het feit dat de Duitse Wehrmacht voorrang kreeg op de lokale bevolking was kenmerkend voor de economische uitbuiting door de bezetter. De genoemde directeur Elout en grossier Jan Kooij zijn historische figuren die binnen dit strak gereguleerde systeem moesten opereren. Dit type documentatie is cruciaal voor het begrijpen van de dagelijkse logistiek van de schaarste tijdens de oorlogsjaren.