Zakelijke brief (verzoekschrift).
Origineel
Zakelijke brief (verzoekschrift). 16 maart 1943. H. F. Reitema Jr., Vishandel, 2e Rozendwarsstraat 9, Amsterdam. [Briefhoofd]
H. F. Reitema Jr.
Vishandel
2e Rozendwarsstraat 9
AMSTERDAM
Tel. 32008
[Ambtelijke kanttekeningen boven]
No. 46 6/32 / M. 1943 W/3
Afgedaan
Amsterda 16/3 43
in dossier 1/4 43
[Inhoud brief]
Weledele Heer Ter Horst
Gaarne mag ik mij nu eens in de gelegenheid gesteld voor verhooging van mijn toegekende rantsoen vis dat gesteld is 80 pond versche aal zonder toevoeging van het één of ander, aangezien ik toch in het jaar 1939 Alleen van de Firma Hansen te Enkhuizen buiten wat ik op de vrije markt gekocht heb voor f 11.37 cnt. in 1940 voor f 2884,71 en in 1941 voor f 2570,05 aan zoetwatervis heb verwerkt. Nu moet u bedenken als dat ik ook geen mosselen heb gehad om in te leggen geen haring voor in te leggen of rolmops te maken, u begrijpt als dat zoo niet langer kan, ik heb mijn Fruiterkenning ook al ingeleverd. Gaarne mag ik als dat u aan mijn verzoek gehoor zoud willen schenken aangezien ik toch ook een huishouden met 4 kinderen moet verzorgen terwijl er al één ongeveer 5 jaar voor mijn kosten verpleegt word in een herstellingsoord.
Uw Antwoord tegemoet ziende
zoo teeken ik
Uw. d. w. d.
H. F. Reitema J
[Marginale notities onderaan]
(Links)
Opr. ing.
fruitverz.
5-4-43
de Heer [onleesbaar]
(Rechts in potlood)
afwachten op beslissing
opgr. pr. 7/4 43 voorheen
RS. In deze brief verzoekt vishandelaar H.F. Reitema Jr. om een verhoging van zijn visrantsoen. De kernpunten van zijn betoog zijn:
* Beperking: Zijn huidige toewijzing is slechts 80 pond verse aal, zonder extra's.
* Historische referentie: Hij voert omzetcijfers aan uit 1939, 1940 en 1941 (bijna 3000 gulden per jaar aan zoetwatervis) om aan te tonen dat zijn bedrijf voorheen een veel grotere omvang had.
* Grondstoffentekort: Hij klaagt over het volledig ontbreken van andere handelsproducten zoals mosselen en haring (voor de productie van rolmops).
* Persoonlijke omstandigheden: Reitema voert een zware gezinssituatie aan als argument: hij heeft vier kinderen, waarvan er één al vijf jaar in een herstellingsoord verblijft, wat hoge kosten met zich meebrengt.
* Offer: Hij vermeldt dat hij zijn "fruiterkenning" (vergunning om fruit te verkopen) al heeft ingeleverd, wat duidt op een sanering van zijn bedrijfsactiviteiten. Dit document stamt uit maart 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De economie was destijds volledig onderworpen aan de distributie: grondstoffen en voedsel waren schaars en werden door de overheid (via de Rijksbureaus) toegewezen aan handelaren middels vergunningen en rantsoenen.
De brief is een treffend voorbeeld van de overlevingsstrijd van de kleine middenstander tijdens de oorlogsjaren. De handelaar probeert via ambtelijke weg meer toewijzing te krijgen om zijn gezin te kunnen onderhouden. De termen "vrije markt" (in de context van 1939) en de latere rantsoenering laten de overgang zien van een vrije economie naar een streng gereguleerde oorlogseconomie. De notities in de marge tonen de bureaucratische afhandeling van het verzoek door de betreffende instanties. F. Reitema H.F. Reitema