Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). H. Cohen, 2e Laurierdwarsstraat 2, Amsterdam. De Weled. Heer Directeur van het Centrale Marktwezen, Amsterdam. [Rechtsboven:]
Amsterdam 11. aug. 1943.
65 [onderstreept]
[Links, paars stempel:]
No. 104/8/1 M. 1943 11/8
[Handgeschreven aantekening door stempel heen:]
acc. voorstel br. met besprok. Jambertsen [?] en vaste
[In rood potlood:] 104/8/2
Aan den Weled Heer Directeur
van het Centrale Marktwezen.
Ik heb op de markt een vaste standplaats voor verkoop brood.
En zou ik U beleefd het volgende willen verzoeken mij te willen assistentie verleenen door den Heer D. de Jonge, voor mij op mijn plaats te willen laten staan als mijn bediende.
Om reden ik een winkel hebt in de 2^e Laurierdwarsstr. en eersten mijn personeel voor arbeidsinzet in Duitschland is, en ik hierdoor geen betrouwbaar personeel heb, en ik mijn winkel niet verlaten kan.
2^e mijn vrouw in September een baby verwacht.
De Jonge, wonende Rozenstr. 258. II Geb: 27/5. 1905 in Weener (Duitschland) is reeds 9 jaren bij mij als broodslijter in betrekking, en heeft de nodige kennis als verkoper in brood.
En rond ik U nog eens beleefd willen verzoeken mijn verzoek te willen inwilligen.
Bij voorbaat mijn oprechten dank.
Hoogachtend.
H. Cohen.
2. Laurierdwarsstr. 2 In deze brief verzoekt de heer H. Cohen de directeur van het Centrale Marktwezen om toestemming (assistentie) zodat een zekere heer D. de Jonge zijn standplaats op de markt mag overnemen. Cohen voert hiervoor twee hoofdredenen aan:
1. Personeelstekort: Zijn personeel is opgeroepen voor de Arbeidseinsatz in Duitsland, waardoor hij de handen vol heeft aan zijn fysieke winkel in de 2e Laurierdwarsstraat.
2. Familieomstandigheden: Zijn vrouw is hoogzwanger en verwacht in september een kind, waardoor hij thuis meer nodig is.
Cohen draagt de heer D. de Jonge voor als vervanger. De Jonge is een ervaren "broodslijter" (broodverkoper) die al negen jaar voor Cohen werkt. Opvallend is dat De Jonge zelf van Duitse komaf is (geboren in Weener). De brief is zakelijk en beleefd van toon, kenmerkend voor correspondentie met officiële instanties in die tijd. Dit document biedt een indringende blik op het dagelijks leven in bezet Amsterdam in 1943:
* Arbeidseinsatz: De brief illustreert hoe de gedwongen tewerkstelling in Duitsland leidde tot acute tekorten in de Amsterdamse middenstand. Kleine ondernemers moesten creatieve oplossingen zoeken om hun bedrijf draaiende te houden.
* Voedselvoorziening: De handel in brood was streng gereguleerd via het Centrale Marktwezen. Men kon niet zomaar iemand anders op een standplaats zetten zonder officiële goedkeuring.
* Joodse context: De naam "H. Cohen" in augustus 1943 is beladen. In deze periode waren de deportaties van Joden uit Amsterdam in volle gang. Het feit dat Cohen nog een verzoekschrift indient voor zijn bedrijfsvoering, suggereert dat hij op dat moment (mogelijk door een gemengd huwelijk of een specifieke vrijstelling) nog probeerde het normale leven voort te zetten, ondanks de extreme omstandigheden.
* Locatie: De Laurierdwarsstraat en de Rozenstraat liggen in de Jordaan, een wijk die destijds vol zat met kleine ambachtslieden en winkeliers. De brief toont de sociale en economische verbondenheid binnen deze buurt. D. de Jonge H. Cohen Marktwezen