Handgeschreven rapportage/brief met ambtelijke stempels en kanttekeningen.
Origineel
Handgeschreven rapportage/brief met ambtelijke stempels en kanttekeningen. 1 mei 1943 (datum in tekst), 5 mei 1943 (stempel), diverse data in kanttekeningen (mei/juni 1943). J.J.M. Bekkers (Controleur). [Rechtsboven:] 1/5/43 | 887 | [in rood:] adv. (of abr.)
[Linkermarge, diagonaal:]
21-6-43
de Boer
inschr in opbergen
[Linkermarge, verticaal:]
Heeft niet meer plaatsgevonden
15/6/’43 [paraaf]
[Hoofdtekst:]
Heer Directeur
No. 107/3/I 1943 5/5 [Stempel]
Zaterdag 1 Mei j.l.
vervoegde zich iemand bij mij van
de S.D. Politie en kwam voor twee
personen ieder afzonderlijk 1 KG. visch
halen aan de Beethovenstraat.
Hij liet mij een legitimatie
van de S.D. Politie zien en zeide
dat hij moest hebben anders kwamen
de heren zelf.
Ik heb de visch afgestaan
maar dit geval breng ik ter Uwer
kennis daar het mogelijk is dat
ik daar meer last van krijg en wellicht
voor meer dezer heeren.
Contr.
J.J.M. Bekkers
[Linksonder:]
Bekkers
nader rapport
2-6-43
de Boer
[Onderaan in rode inkt:]
Bekker inf. of misdrijf
naar inspectie
26-5-43 * Inhoud: De heer Bekkers rapporteert een incident waarbij een man die zich legitimeerde als lid van de S.D. (Sicherheitsdienst) onder lichte dwang vis opeiste. De man beweerde dat hij de vis "moest" hebben, anders zouden "de heren zelf" (de Duitsers) wel komen. Bekkers gaf de vis af uit vrees voor repercussies, maar meldde het incident formeel om zich in te dekken tegen toekomstige vorderingen.
* Taalgebruik: Formeel en voorzichtig ("ter Uwer kennis", "vervoegde zich"). De nadruk op het woord "moest" (onderstreept in de tekst) duidt op de gevoelde intimidatie.
* Administratieve verwerking: De kanttekeningen laten de ambtelijke molen zien. Er wordt gevraagd om een "nader rapport" en de zaak wordt doorgeleid naar de "inspectie". De latere notitie uit juni stelt vast dat het incident "niet meer heeft plaatsgevonden". Dit document stamt uit mei 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Beethovenstraat in Amsterdam was in die tijd een beladen locatie; het was een plek waar veel Duitsers en collaborateurs woonden en werkten na de deportatie van de oorspronkelijke Joodse bewoners.
Het document illustreert de dagelijkse werkelijkheid van de bezetting: de machtswillekeur van de S.D. en de angst bij Nederlandse beambten en winkeliers. Leden van de bezettingsmacht of de politieke politie gebruikten hun status vaak om schaarse goederen (zoals vis, die op de bon was) af te dwingen buiten de officiële distributiekanalen om. Bekkers' rapportage is een typisch voorbeeld van 'lijfsbehoud' door middel van verslaglegging: door het incident te melden, kon hij niet worden beschuldigd van illegale handel of ongeoorloofde gunsten als er later een controle zou plaatsvinden. Bekkers rapporteert (De heer) J.J.M. Bekkers S.D. Politie Politie