Besluit van de Burgemeester (uittreksel/extract).
Origineel
Besluit van de Burgemeester (uittreksel/extract). Omstreeks maart 1944 (gebaseerd op de genoemde adviesdata van 29 januari 1944 en 3 maart 1944). Op voorstel van den Wethouder voornoemd, besluit de Burgemeester, lettende op genoemde besluiten, op het aangehaalde rapport van den Directeur der Publieke Werken, op het advies van den Wethouder voor de Arbeidszaken, d.d. 3 Maart 1944, No. 266 Arb. 1944, op het advies van den Gemeente Advocaat, dd. 29 Januari 1944, alsmede op zijn besluit dd. heden, No. 82, in de Algemeene Bepalingen toepasselijk op de werken van en de levering aan den Dienst der Publieke Werken (A.B.) de volgende wijzigingen en aanvullingen aan te brengen :
1º In het introductieve gedeelte tusschen de woorden "houden" en "aanbestedingen" te voegen het woord "openbare";
2º het woord "Regeeringscommissaris" te wijzigen in "Burgemeester" :
3º in art. 1 sub 1 de zin Onder "de Directie" wordt verstaan de Directeur van den Dienst der Publieke Werken of die hem vervangt en zij, die door dien Directeur of die hem vervangt worden aangewezen te wijzigen als volgt: Onder "de Directie" wordt verstaan de ambtenaar of de ambtenaren, die den aannemer door den Directeur van den Dienst der Publieke Werken of die hem vervangt schriftelijk zijn aangewezen;
4º de in art. 3. lid 18, onder 1º genoemde 30% te wijzigen in 40%;
5º in art. 5 na punt 6, het volgende op te nemen :
Verpanding of cessie door den aannemer aan derden.
7. De aannemingssom of haar termijnen zijn slechts verschuldigd na aftrek van het bedrag der aan den aannemer tot en met het tijdstip van betaling opgelegde kortingen op de aannemingssom en van de bedragen door den aannemer tot dat tijdstip in verband met de uitvoering van het werk, uit anderen hoofde aan de Gemeente verschuldigd, zoodat bij iedere betaling zoo noodig een verrekening zal plaats vinden, zelfs na verpanding of cessie door den aannemer van de vordering, die hij op de Gemeente heeft.
6º in art. 10 op te nemen, de, bij zijn besluit, d.d. heden, No. 82, aangebrachte wijzigingen in de arbitragebepalingen en wel door lid 1a te vervangen door :
a wanneer een geschil ontstaat omtrent het werk, het bestek of de overeenkomst of deze Algemeene Bepalingen :
1º tusschen den aannemer en de Directie, of
2º tusschen den aannemer en den Burgemeester, de uitlegging daarvan in het geval onder 1º verblijft aan den Directeur van den Dienst der Publieke Werken of die hem vervangt, behoudens beroep op den Burgemeester en in het geval onder 2º aan den Burgemeester, in welke beide gevallen de aannemer aan de beslissing is gebonden :
en lid 1c door :
c het bepaalde onder a in de tweede alinea van art. 8 der Statuten van den Raad van Arbitrage voor de Bouwbedrijven in Nederland niet van toepassing zal zijn;
7º in art. 10 de volgende verbeteringen aan te brengen :
a onder 1b, sub 3, tusschen de woorden "Bepalingen" en "minimum-loon" te voegen het woord "omtrent";
b het woord "schaflo-kalen", staande in lid 1d, onder 2, vervangen door "schaftlokalen".
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Publieke Werken (10 stuks), Arbeidszaken (10 stuks), Gemeentebedrijven (6 stuks), Handelsinrichtingen (3 stuks), Volkshuisvesting (3 stuks) en voorts aan alle overige afdeelingen der Gemeentesecretarie, alsmede aan het Bureau Gemeentesecretaris, het Pensioenbureau, den Gemeenteontvanger en Commissarissen over het Raadhuis.
Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN * Administratieve correcties: Het document betreft een gedetailleerde herziening van de algemene voorwaarden voor gemeentelijke opdrachten. Dit varieert van taalkundige correcties (zoals "schaflo-kalen" naar "schaftlokalen") tot inhoudelijke wijzigingen in percentages (verhoging van 30% naar 40% in art. 3).
* Juridische bescherming: Punt 5 is bijzonder relevant. Het voert een clausule in die de gemeente beschermt tegen vorderingen van derden (cessie) als de aannemer zelf nog schulden of boetes (kortingen) openstaan heeft bij de gemeente. De gemeente behoudt altijd het recht op verrekening.
* Arbitrage: Er worden specifieke wijzigingen doorgevoerd in hoe geschillen worden beslecht, waarbij de rol van de Directeur Publieke Werken en de Burgemeester als bindende arbiters wordt verstevigd, en de standaardstatuten van de Raad van Arbitrage voor de Bouwbedrijven deels buiten werking worden gesteld.
* Structuur: Het document is een officieel uittreksel ("extract"), bedoeld voor brede interne distributie binnen de gemeentelijke diensten om de administratie uniform te houden. * Tijdsgeest: Het document dateert van maart 1944, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
* Bestuurlijke terminologie: De wijziging in punt 2 (van "Regeeringscommissaris" naar "Burgemeester") is opvallend. Tijdens de bezetting werden burgemeesters in grote steden vaak vervangen door regeringscommissarissen die loyaal waren aan de bezetter, of de titels werden door elkaar gebruikt naargelang de geldende verordeningen van de Rijkscommissaris (Seyss-Inquart).
* Lokaal bestuur: Ondanks de oorlogssituatie ging het dagelijks bestuur en de bureaucratie van de gemeente (waarschijnlijk Amsterdam, gezien de schaal en de naam J.F. Franken, die daar gemeentesecretaris was) gewoon door. De zorg voor "Publieke Werken" en "Arbeidszaken" bleef een kernactiviteit van het apparaat.
* Arbeidsomstandigheden: De referentie naar de "Wethouder voor de Arbeidszaken" en zaken als "minimum-loon" en "schaftlokalen" toont aan dat de gemeente, zelfs onder bezetting, regels bleef stellen aan de arbeidsomstandigheden bij publieke werken.