Archief 745
Inventaris 745-419
Pagina 40
Dossier 55
Jaar 1944
Stadsarchief

Officiële circulaire / dienstbrief van de Gemeente Amsterdam.

14 december 1943. Van: De Wethouder voor de Arbeidszaken, Gemeente Amsterdam. Aan: Hoofden van Administratiën, Diensten en Bedrijven (van de gemeente).

Origineel

Officiële circulaire / dienstbrief van de Gemeente Amsterdam. 14 december 1943. De Wethouder voor de Arbeidszaken, Gemeente Amsterdam. Hoofden van Administratiën, Diensten en Bedrijven (van de gemeente). AM. [linksboven] GEMEENTE AMSTERDAM [gecentreerd]

No. 1975 Arb.1943 [links] Amsterdam, 14 December 1943 [rechts]
Onderwerp: Straszenerlaubnis.

In verband met de mogelijkheid, dat onder bepaalde omstandighe-
den door de Duitsche Overheid een tijdelijk, een locaal, dan wel een
algemeen verbod tot het verlaten van de woningen kan worden uitge-
vaardigd, is het noodzakelijk na te gaan, wie van het bij U te werk
gestelde personeel te allen tijde de plaats van zijn werk moet kun-
nen bereiken. Aan dit personeel zal te zijner tijd een armband wor-
den uitgereikt met het opschrift "Straszenerlaubnis".

Daar het door de Duitsche Overheid uit te reiken aantal banden
zooveel mogelijk zal worden beperkt, dient nauwkeurig nagegaan te
worden, wie van het personeel voor een dergelijke band in aanmerking
komt.

Per omgaande zie ik een totaalopgaaf van de voor Uw Dienst, Be-
drijf of Administratie strikt noodzakelijke banden tegemoet.

Van de eventueele armbanddragers dienen door U nauwkeurige naam-
lijsten te worden aangelegd.

Voor het geval reeds banden in Uw bezit mochten zijn, of bespro-
kingen met Duitsche Autoriteiten daarover gaande zijn, gelieve U dit
te vermelden onder opgaaf van aantal en nadere bijzonderheden.

De Wethouder voor de Arbeidszaken,

[Handtekening/paraf]

Aan Heeren Hoofden van
Administratiën, Diensten
en Bedrijven.

[Linksonder:]
Arb.Z.Stadhuis
A'dam Doc.'43
Volgno.124.

[Handgeschreven aantekeningen en stempels:]
W Brug [handgeschreven in inkt]
Bureau [handgeschreven in inkt]
Secretarie [handgeschreven in inkt]
No. 84/87/1 M. 1943 14/12 [blauwe stempel]
Lantman. alle personeel [handgeschreven in potlood rechts]
[Grote krullende paraf in het midden] Dit document is een ambtelijke instructie die de logistieke voorbereidingen treft voor een verscherpt uitgaansverbod in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. De kernpunten zijn:

  1. Anticipatie op repressie: De gemeente houdt rekening met een "tijdelijk, locaal, dan wel algemeen verbod" om de woning te verlaten, opgelegd door de "Duitsche Overheid".
  2. Uitzonderingspositie: Voor essentieel gemeentepersoneel wordt een systeem van legitimatie opgezet door middel van armbanden met de tekst "Straszenerlaubnis".
  3. Schaarste en Controle: De bezetter geeft slechts een beperkt aantal armbanden uit. De hoofden van de diensten moeten daarom strikt selecteren wie deze krijgt en nauwkeurige lijsten bijhouden.
  4. Administratieve structuur: Het document toont de gelaagde bureaucratie van de gemeente onder bezetting; de Wethouder voor Arbeidszaken fungeert als schakel tussen de eisen van de bezetter en de uitvoering binnen de gemeentelijke diensten. Eind 1943 was de Duitse bezetting van Nederland in een grimmige fase beland. Na de stakingen van mei-juni 1943 werden de maatregelen tegen de bevolking steeds strenger. Het uitgaansverbod (Sperrtijd) was een effectief middel voor de bezetter om controle te houden en verzetsactiviteiten te bemoeilijken.

De term "Straszenerlaubnis" (correct Duits: Straßenerlaubnis) duidt op de noodzaak voor burgers die voor hun werk 's avonds of tijdens speciale blokkades op straat moesten zijn, om over geldige papieren of herkenningstekens te beschikken. Dit document illustreert hoe de Amsterdamse ambtenarij gedwongen werd mee te werken aan het reguleren van de bewegingsvrijheid van haar eigen personeel conform de Duitse eisen. De diverse stempels en namen (zoals Brug en Lantman) wijzen op de interne verspreiding van dit bevel binnen de verschillende afdelingen van het stadhuis.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijke instructie die de logistieke voorbereidingen treft voor een verscherpt uitgaansverbod in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. De kernpunten zijn:

  1. Anticipatie op repressie: De gemeente houdt rekening met een "tijdelijk, locaal, dan wel algemeen verbod" om de woning te verlaten, opgelegd door de "Duitsche Overheid".
  2. Uitzonderingspositie: Voor essentieel gemeentepersoneel wordt een systeem van legitimatie opgezet door middel van armbanden met de tekst "Straszenerlaubnis".
  3. Schaarste en Controle: De bezetter geeft slechts een beperkt aantal armbanden uit. De hoofden van de diensten moeten daarom strikt selecteren wie deze krijgt en nauwkeurige lijsten bijhouden.
  4. Administratieve structuur: Het document toont de gelaagde bureaucratie van de gemeente onder bezetting; de Wethouder voor Arbeidszaken fungeert als schakel tussen de eisen van de bezetter en de uitvoering binnen de gemeentelijke diensten.

Historische Context

Eind 1943 was de Duitse bezetting van Nederland in een grimmige fase beland. Na de stakingen van mei-juni 1943 werden de maatregelen tegen de bevolking steeds strenger. Het uitgaansverbod (Sperrtijd) was een effectief middel voor de bezetter om controle te houden en verzetsactiviteiten te bemoeilijken.

De term "Straszenerlaubnis" (correct Duits: Straßenerlaubnis) duidt op de noodzaak voor burgers die voor hun werk 's avonds of tijdens speciale blokkades op straat moesten zijn, om over geldige papieren of herkenningstekens te beschikken. Dit document illustreert hoe de Amsterdamse ambtenarij gedwongen werd mee te werken aan het reguleren van de bewegingsvrijheid van haar eigen personeel conform de Duitse eisen. De diverse stempels en namen (zoals Brug en Lantman) wijzen op de interne verspreiding van dit bevel binnen de verschillende afdelingen van het stadhuis.

Gerelateerde Documenten 6