Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen en berekeningen.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen en berekeningen. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst voor de voedselvoorziening). [Links boven:]
2a/3/17 M.
[Midden boven, handgeschreven:]
Verzonden 7/5 [met streep]
[Rechts boven:]
AVD
WLM
[onderstreept]
SV
[Rechts midden:]
4 Mei 1943.
den Heer Burgemeester
van Amsterdam,
[onderstreept] Alhier. [einde onderstreping]
Naar aanleiding van den brief van Uw Secretaris d.d. 2 April 1942 (no.P.S.B.) en ten vervolge op mijn brief d.d. 28 April 1943 (no.2a/3/16 M.), heb ik de eer U onderstaand een opgave te doen toekomen van den aardappelvoorraad te Amsterdam op 24 April 1943; de aanvoer in de week van 26 April tot en met 1 Mei; de aflevering aan de kleinhandel en instellingen in deze week en de boekvoorraad op 1 Mei 1943.
De Directeur,
[Tabel:]
Voorraad op 24 April 1943 278.237 hl
Aanvoer week 26 April - 1 Mei 1943 6.551 "
[horizontale streep]
284.788 hl
Aflevering week 26 April - 1 Mei 1943 x 116.868 "
[horizontale streep]
Voorraad op 1 Mei 1943 des avonds 167.920 hl
x Hiervan zijn 50.000 hl gezonden naar de fabrieken in Drente.
[Handgeschreven onderaan:]
voorraad 7.428.532 = 106.122 hl.
omzet 4.754.712 = 67.925.
[Cijferopstellingen/berekeningen in de kantlijn onderaan:]
70 / 7428532 / 106122
70
42
42
28
[rest van de staartdeling minder leesbaar]
70 / 4754742 / 67925
420
554
490
647 17% [?]
630
142 Dit document is een ambtelijke rapportage over de aardappelvoorraad in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. De directeur van een niet nader genoemde afdeling (waarschijnlijk de Centrale Keuken of de Dienst voor de Voedselvoorziening) rapporteert aan de burgemeester over de mutaties in de voorraad gedurende één week.
Kerngegevens:
* Beginvoorraad: 278.237 hectoliter (hl).
* Aflevering: In de betreffende week is ruim 116.000 hl afgeleverd aan de detailhandel en instellingen (zoals ziekenhuizen of gaarkeukens).
* Export naar Drenthe: Een aanzienlijk deel van de aflevering (50.000 hl) is niet in Amsterdam geconsumeerd, maar naar fabrieken in Drenthe gestuurd (waarschijnlijk voor de productie van aardappelmeel of andere industriële verwerking).
* Eindvoorraad: Er bleef 167.920 hl over aan het einde van de week.
De handgeschreven aantekeningen onderaan lijken een controleberekening te zijn waarbij gewichten (waarschijnlijk in kg of ponden) worden omgerekend naar hectoliters. Er wordt hierbij gerekend met een factor 70 (gemiddeld weegt 1 hl aardappelen ongeveer 70 tot 75 kg). De datum, 4 mei 1943, is historisch relevant. Nederland bevond zich midden in de Tweede Wereldoorlog onder Duits gezag. De voedselvoorziening werd strikt gecontroleerd via een distributiesysteem (bonnen). De burgemeester van Amsterdam was op dat moment de pro-Duitse Edward Voûte.
In deze periode was er nog geen sprake van de extreme hongersnood van de latere Hongerwinter (1944-1945), maar de schaarste nam toe en de logistiek van basisbehoeften zoals aardappelen was van vitaal belang voor de rust in de stad. Het feit dat 50.000 hl naar Drentse fabrieken werd gestuurd, kan duiden op de verplichte levering aan de industrie voor de bezetter of voor de productie van vervangingsmiddelen. De nauwkeurige boekhouding tot op de hectoliter nauwkeurig toont aan hoe precair de voedselbalans in de bezette hoofdstad was.