Getypte brief / memorandum (doorslag of kopie).
Origineel
Getypte brief / memorandum (doorslag of kopie). 24 februari 1943. De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Voedselvoorziening of een vergelijkbare dienst). [Handgeschreven bovenaan:]
Verzonden 24/2
[Rechtsboven getypt:]
HB.
[Rechts uitgelijnd:]
den Heer Burgemeester van
Amsterdam,
Raadhuis,
A l h i e r .
[Links:]
2a/3/7 M.
[Rechts:]
24 Februari 1943.
Naar aanleiding van den brief van Uw Secretaris d.d.2 April
1942(No.P.S.B.) en ten vervolge op mijn brief d.d.17 Februari
jl.(No.2a/3/6M.), heb ik de eer U onderstaand een opgave te
doen toekomen van den aardappelvoorraad te Amsterdam op 13 Fe-
bruari jl.; de aanvoer in de week van 15 tot en met 20 Februari;
de aflevering aan kleinhandel en instellingen in deze week en
de boekvoorraad op 20 Februari 1943.
De Directeur,
Voorraad op 13 Februari 1943: 130.480 hl.
Aanvoer week 15 - 20 Februari 1943: 21.728 "
-----------
152.208 hl.
Aflevering week 15 - 20 Februari 1943: 55.238 "
-----------
Voorraad op 20 Februari 1943 des avonds: 96.970 hl.
=========== Dit document is een ambtelijk overzicht van de aardappelvoorraad in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het illustreert de nauwkeurige administratieve controle die de gemeente uitoefende op de voedselvoorziening.
Kernpunten uit de cijfers:
* Voorraadverloop: In één week tijd daalde de netto voorraad aanzienlijk, van ongeveer 130.000 hl naar 97.000 hl.
* Consumptie vs. Aanvoer: De aflevering (55.238 hl) was ruim 2,5 keer zo groot als de nieuwe aanvoer (21.728 hl). Dit wijst op een intering op de reserves, wat kenmerkend was voor de schaarste in de wintermaanden.
* Terminologie: Het gebruik van "boekvoorraad" impliceert dat dit de administratieve stand van zaken is, welke mogelijk kon afwijken van de werkelijke fysieke voorraad door bederf of zwarte handel. In februari 1943 was Nederland ruim tweeënhalf jaar bezet door nazi-Duitsland. De burgemeester van Amsterdam was op dat moment Edward Voûte, een NSB-sympathisant die door de bezetter was aangesteld.
De voedselvoorziening was een kritiek punt van zorg voor het stadsbestuur. Hoewel de beruchte 'Hongerwinter' pas eind 1944 zou toeslaan, was de rantsoenering in 1943 al strikt en werden tekorten steeds voelbaarder. Aardappelen vormden het hoofdbestanddeel van het dieet van de Amsterdamse bevolking. Een daling van de voorraad zoals hier gerapporteerd, was voor het stadsbestuur een indicatie voor de noodzaak tot strengere distributie of het aanvragen van extra zendingen bij de centrale autoriteiten.
De brief toont de formele, bijna onderdanige toon ("heb ik de eer U... te doen toekomen") die gebruikelijk was in ambtelijke correspondentie van die tijd, ondanks de gespannen oorlogssituatie.