Telegram (getypte kopie van een verzonden bericht).
Origineel
Telegram (getypte kopie van een verzonden bericht). 26 juli 1944 (gebaseerd op stempel "26/7"). De Burgemeester van Amsterdam (Edward Voûte). Directeur Generaal van de Voedselvoorziening, Den Haag. [Links boven, handgeschreven:] 639 L M 1944
[Rechts boven, handgeschreven:] Marktw.
T e l e g r a m
Persoonlijk. Directeur Generaal van de Voedselvoorziening
Denhaag.
[Paars stempel met handgeschreven invulling:]
Nº 2A/1/y0 M. 1944 26/7
[Handgeschreven naast stempel:] mijn Dij. =
Aardappelentoevoer naar Amsterdam stopgezet stop dreigend
tekort stop zie mij hierdoor gedwongen de door de Gemeente op
contract-gronden geteelde reserve-voorraad aardappelen vrij te
geven stop neem aan dat deze aardappelen tegen onzen kostprijs
worden overgenomen dan wel dat voorraad binnen enkele weken wordt
aangevuld op oude peil stop in laatste geval verrekening met ge-
sloten beurzen.
De Burgemeester van Amsterdam
(get) Voûte
[Rechts onder, handgeschreven:] 2A Dit telegram betreft een acute noodmaatregel van het Amsterdamse gemeentebestuur tijdens de Tweede Wereldoorlog. Burgemeester Edward Voûte meldt aan de nationale voedselautoriteiten dat de reguliere aanvoer van aardappelen naar de stad is gestopt. Om een direct tekort en honger te voorkomen, besluit hij de gemeentelijke reservevoorraad vrij te geven.
Deze reserve bestond uit aardappelen die de gemeente speciaal had laten telen op gecontracteerde gronden. Voûte stelt twee opties voor de afwikkeling voor:
1. De centrale overheid neemt de aardappelen over tegen de kostprijs die de gemeente heeft betaald.
2. De voorraad wordt binnen enkele weken fysiek aangevuld tot het oude niveau, waarbij de financiële afwikkeling met "gesloten beurzen" (zonder daadwerkelijke betalingen over en weer) plaatsvindt. Het document dateert van eind juli 1944, enkele maanden voor de beruchte Hongerwinter (1944-1945). Hoewel de geallieerden na D-Day (juni 1944) aan een opmars in West-Europa waren begonnen, verslechterde de voedselvoorziening in de bezette Nederlandse steden in hoog tempo door logistieke problemen en Duitse vorderingen.
Edward Voûte was de door de Duitsers benoemde burgemeester van Amsterdam. Ondanks zijn politieke positie was hij verantwoordelijk voor het draaiende houden van de stad en het voorkomen van hongersnood onder de bevolking. De verwijzing naar "contract-gronden" illustreert hoe steden zelf probeerden voedselzekerheid te creëren buiten de reguliere distributiekanalen om. De term "gesloten beurzen" wijst op de ingewikkelde administratieve en financiële relaties tussen lokale en nationale overheden onder bezettingsomstandigheden.