Archiefdocument
Origineel
3 april 1944 De Directeur (waarschijnlijk van de Centrale Markt of de Dienst der Markten) Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam (gezien de term 'Centrale Markt') (Handgeschreven bovenaan:) Verzonden 3/4
2a/3/3b.M. 1 3 April 1944. SV.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
============
In bijlage dezes heb ik de eer U te
doen geworden een contract betreffende aard-
appelhutten op de Centrale Markt.
Ik moge U beleefd verzoeken wel te
willen bevorderen, dat dit contract door den
heer Burgemeester wordt geteekend. Daarna ge-
lieve U het mij te doen terugzenden, teneinde
voor registratie te kunnen zorgdragen.
De Directeur, Dit document is een formele ambtelijke geleidebrief. De directeur van een gemeentelijke dienst (vermoedelijk de Dienst der Markten in Amsterdam) legt een contract ter ondertekening voor aan de burgemeester, via de wethouder voor Levensmiddelen.
Het contract heeft betrekking op "aardappelhutten" op de Centrale Markt. Dit waren eenvoudige, vaak houten opstallen die gebruikt werden voor de opslag en handel van aardappelen. De brief volgt een strikt hiërarchisch protocol waarbij stukken via de verantwoordelijke wethouder naar de burgemeester gaan voor de definitieve bezegeling. De brief dateert van april 1944, een kritieke fase in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening was in deze periode een van de meest urgente taken van het stadsbestuur. De Centrale Markt in Amsterdam-West was het logistieke hart van deze voorziening.
De "Wethouder voor de Levensmiddelen" in Amsterdam was in die tijd de pro-Duitse NSB-wethouder J.J. van der Elst. Ook de burgemeester (E.J. Voûte) was door de bezetter aangesteld. De zakelijke toon van de brief maskeert de enorme spanningen van die tijd: voedseltekorten namen toe en de controle op de distributie van basisbehoeften zoals aardappelen was van vitaal belang voor het functioneren van de stad onder bezetting.