Archief 745
Inventaris 745-425
Pagina 39
Dossier 21
Jaar 1944
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag of kopie) met handgeschreven kanttekening.

15 mei 1944. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam).

Origineel

Getypte brief (doorslag of kopie) met handgeschreven kanttekening. 15 mei 1944. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). [Handgeschreven tekst bovenaan:]
Verzonden 15/5 [initialen]

21/7/2M. 15 Mei 1944. vB/SV.

Brandstoffenmarkt.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
============

Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat de brandstoffenhandelaar C. Bout, Soembawastraat 43 huis, bij mijn dienst een verzoek heeft ingediend, met zijn vaartuig ligplaats te mogen innemen in het niet als brandstoffenmarkt aangewezen water van de Nieuwe Vaart, waar genoemde firma aan de Cruquiskade naast het terrein van de N.V. Van Gend en Loos opslagplaatsen heeft gehuurd.

De firma Bout heeft tot en met 25 Maart jl. met haar vaartuigen ligplaats ingenomen in het als brandstoffenmarkt aangewezen gedeelte van de Mauritskade, terwijl haar pakhuizen gevestigd waren op een terrein aan de Zeeburgerdijk. Deze pakhuizen heeft zij moeten ontruimen op bevel van de Duitsche autoriteiten.

Ik heb de eer U beleefd te verzoeken wel te willen bevorderen, dat gerekend te zijn ingegaan 1 April 1944 over een lengte van 30 Meter het water van de Nieuwe Vaart ten Westen van de terreinen van de N.V. Van Gend & Loos door den Burgemeester, ingevolge het bepaalde in artikel 7 van de Verordening op den Dienst van het Marktwezen wordt aangewezen als tijdelijke hulpmarkt van de brandstoffenmarkt en wel tot en met 31 December aanstaande.

Ik geef verder in overweging ter zake het oordeel in te winnen van den waarnemend Politiepresident.

De Directeur, * Kwestie: Brandstoffenhandelaar C. Bout moet noodgedwongen verhuizen omdat zijn pakhuizen aan de Zeeburgerdijk door de Duitse bezetter zijn gevorderd ("op bevel van de Duitsche autoriteiten").
* Verzoek: Er wordt gevraagd om een specifiek deel van de Nieuwe Vaart (30 meter breed, nabij de Cruquiskade) aan te wijzen als "tijdelijke hulpmarkt". Dit moet met terugwerkende kracht vanaf 1 april 1944 gebeuren en gelden tot het einde van het jaar.
* Juridische basis: Er wordt verwezen naar artikel 7 van de 'Verordening op den Dienst van het Marktwezen'. De uiteindelijke beslissing ligt bij de Burgemeester.
* Veiligheid/Handhaving: De directeur adviseert om de (waarnemend) Politiepresident om advies te vragen, wat gebruikelijk was bij wijzigingen in het gebruik van openbaar water en kades. Dit document stamt uit mei 1944, een periode van extreme schaarste en strikte regulering in bezet Nederland. De brandstoffenvoorziening was van vitaal belang voor de stad. Dat de Duitse autoriteiten gebouwen vorderden voor eigen gebruik was een veelvoorkomend probleem voor Amsterdamse ondernemers.

De genoemde locaties (Soembawastraat, Mauritskade, Zeeburgerdijk en Cruquiskade) bevinden zich allemaal in Amsterdam-Oost, een gebied dat vanouds verbonden was met transport over water en de opslag van goederen. De betrokkenheid van de "Wethouder voor de Levensmiddelen" onderstreept dat brandstof in deze tijd als een primaire levensbehoefte werd beschouwd, vergelijkbaar met voedsel. De formele, bijna onderdanige toon ("heb ik de eer U...") is kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd, zelfs onder de druk van de bezetting.

Samenvatting

  • Kwestie: Brandstoffenhandelaar C. Bout moet noodgedwongen verhuizen omdat zijn pakhuizen aan de Zeeburgerdijk door de Duitse bezetter zijn gevorderd ("op bevel van de Duitsche autoriteiten").
  • Verzoek: Er wordt gevraagd om een specifiek deel van de Nieuwe Vaart (30 meter breed, nabij de Cruquiskade) aan te wijzen als "tijdelijke hulpmarkt". Dit moet met terugwerkende kracht vanaf 1 april 1944 gebeuren en gelden tot het einde van het jaar.
  • Juridische basis: Er wordt verwezen naar artikel 7 van de 'Verordening op den Dienst van het Marktwezen'. De uiteindelijke beslissing ligt bij de Burgemeester.
  • Veiligheid/Handhaving: De directeur adviseert om de (waarnemend) Politiepresident om advies te vragen, wat gebruikelijk was bij wijzigingen in het gebruik van openbaar water en kades.

Historische Context

Dit document stamt uit mei 1944, een periode van extreme schaarste en strikte regulering in bezet Nederland. De brandstoffenvoorziening was van vitaal belang voor de stad. Dat de Duitse autoriteiten gebouwen vorderden voor eigen gebruik was een veelvoorkomend probleem voor Amsterdamse ondernemers.

De genoemde locaties (Soembawastraat, Mauritskade, Zeeburgerdijk en Cruquiskade) bevinden zich allemaal in Amsterdam-Oost, een gebied dat vanouds verbonden was met transport over water en de opslag van goederen. De betrokkenheid van de "Wethouder voor de Levensmiddelen" onderstreept dat brandstof in deze tijd als een primaire levensbehoefte werd beschouwd, vergelijkbaar met voedsel. De formele, bijna onderdanige toon ("heb ik de eer U...") is kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd, zelfs onder de druk van de bezetting.

Kooplieden in dit dossier 21

B. Krouse Waterlooplein W. Numeij
C.M. Stevens Waterlooplein v/d Voorne
F. Kooy Waterlooplein M Kooy
G. Stevens Waterlooplein
I. Sacksioni Waterlooplein
J. de Wolff Waterlooplein ------------------
J. Rampes Waterlooplein
J Sachtoni Waterlooplein m v d Hoek
J. Verburgh Waterlooplein
J. Zandvliet Waterlooplein afgegaan 14/5 37
K. Ellerbroek Waterlooplein
M. Reens Waterlooplein
Mozes van der Hoek Waterlooplein
M. de Wolf Waterlooplein
Abraham Cosman Waterlooplein
Schaap Kroos Waterlooplein
W. Van Waterlooplein [blauw:] 13/5: 5.45
W. Kooy Waterlooplein
W. Niewerf Waterlooplein
W.v. Zomeren Waterlooplein ------------------
J. Zandvliet Waterlooplein [blauw:] 15/5: 2.37

Gerelateerde Documenten 6