Archief 745
Inventaris 745-425
Pagina 52
Dossier 93
Jaar 1944
Stadsarchief

Afschrift van een officiële vergunning.

21 Augustus 1944.

Origineel

Afschrift van een officiële vergunning. 21 Augustus 1944. Afschrift

No. 462 L. M. 194 4

N$^O$ 21/7/2 M. 1944 $^{24}$/$_8$ [stempel met handgeschreven toevoegingen]

[Wapen van Amsterdam]

DE BURGEMEESTER VAN AMSTERDAM,

Gezien een adres van den brandstoffenhandelaar J C. Bout, Soembawastraat 48 hs., waarbij vergunning wordt verzocht brandstoffenschuiten te mogen lossen aan de Cruquiskade voor het terrein van zijn pakhuizen;
Gelet op artikel 171, in verband met artikel 5, eerste lid der Algemeene Politieverordening van Amsterdam, alsmede op de openbare kennisgeving van den Regeeringscommissaris van Amsterdam van 6 Juni 1941, (Gemeenteblad 1941, afdeeling 3, volgnummer 51) en op artikel 29 van de Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en ventgelden;
Geeft adressant te kennen dat hem tot wederopzeggens toe, doch uiterlijk voor den tijd van één jaar vergunning wordt verleend, dagelijks tusschen zonsopgang en zonsondergang in de Nieuwe Vaart aan de Cruquiskade alhier vaartuigen te hebben liggen alleen voor het lossen van brandstoffen in zijn pakhuis aan deze kade, onder voorwaarde, dat de voorschriften door of namens den Havenmeester ten aanzien van het meren der vaartuigen gegeven, stipt worden opgevolgd;
dat de vaartuigen tusschen zonsondergang en zonsopgang elders ligplaats innemen;
dat eventueele schade door of tengevolge van het lossen en laden van vaartuigen aan gemeenteeigendom ontstaan, op eerste vordering van de Gemeente, wordt vergoed;
dat de vaartuigen na lossing van de brandstoffen in het pakhuis, zoo spoedig mogelijk worden verhaald.

Amsterdam, 21 Augustus 1944.

De Burgemeester voornoemd,
(get.) Voûte

De Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN

Leges ƒ. 1.--

K 350 Dit document is een formele vergunning verleend door de burgemeester van Amsterdam aan een lokale ondernemer, J.C. Bout. De kern van de vergunning is de toestemming om brandstoffenschuiten aan te meren aan de Cruquiskade (gelegen in Amsterdam-Oost aan de Nieuwe Vaart) voor het bevoorraden van zijn pakhuis.

Belangrijkste voorwaarden in de vergunning:
1. Tijdsduur: Maximaal één jaar of tot wederopzegging.
2. Tijdstippen: Alleen overdag (tussen zonsopgang en zonsondergang) mag er aangemeerd liggen; 's nachts moeten de schepen elders liggen.
3. Doel: Uitsluitend voor het lossen van brandstoffen in het pakhuis.
4. Aansprakelijkheid: De vergunninghouder is aansprakelijk voor schade aan gemeentelijke eigendommen.
5. Logistiek: Schepen moeten direct na het lossen worden verplaatst ("verhaald").

De administratieve afhandeling is zichtbaar door de vermelding van de leges (1 gulden) en de verwijzingen naar specifieke artikelen uit de Algemeene Politieverordening. Het document dateert van 21 augustus 1944. Dit is een zeer kritieke periode in de Nederlandse geschiedenis:
* De Bezetting: Nederland was op dat moment nog bezet door nazi-Duitsland. De ondertekenaar, Edward Voûte, was een pro-Duitse burgemeester die door de bezetter was aangesteld. De term "Regeeringscommissaris" in de tekst verwijst ook naar de herstructurering van het lokaal bestuur onder toezicht van de bezetter.
* Brandstoftekorten: Aan de vooravond van de beruchte Hongerwinter (1944-1945) was brandstof (zoals kolen) van vitaal belang en uiterst schaars. Een vergunning voor de overslag van brandstoffen was in deze context niet alleen een administratieve handeling, maar een kwestie van strategisch belang voor de stadsvoorziening.
* Locatie: De Cruquiskade en de Nieuwe Vaart vormden een belangrijk industrieel gebied waar veel pakhuizen en brandstoffenhandels gevestigd waren vanwege de goede bereikbaarheid via het water.
* Timing: Slechts enkele weken na de datum op dit document zou "Dolle Dinsdag" (5 september 1944) plaatsvinden, de dag waarop de geallieerde opmars voor grote paniek zorgde onder de bezetters en NSB'ers. Dit document toont aan dat de ambtelijke molens van het stadsbestuur tot vlak voor de totale ontregeling van de Hongerwinter bleven doordraaien.

Samenvatting

Dit document is een formele vergunning verleend door de burgemeester van Amsterdam aan een lokale ondernemer, J.C. Bout. De kern van de vergunning is de toestemming om brandstoffenschuiten aan te meren aan de Cruquiskade (gelegen in Amsterdam-Oost aan de Nieuwe Vaart) voor het bevoorraden van zijn pakhuis.

Belangrijkste voorwaarden in de vergunning:
1. Tijdsduur: Maximaal één jaar of tot wederopzegging.
2. Tijdstippen: Alleen overdag (tussen zonsopgang en zonsondergang) mag er aangemeerd liggen; 's nachts moeten de schepen elders liggen.
3. Doel: Uitsluitend voor het lossen van brandstoffen in het pakhuis.
4. Aansprakelijkheid: De vergunninghouder is aansprakelijk voor schade aan gemeentelijke eigendommen.
5. Logistiek: Schepen moeten direct na het lossen worden verplaatst ("verhaald").

De administratieve afhandeling is zichtbaar door de vermelding van de leges (1 gulden) en de verwijzingen naar specifieke artikelen uit de Algemeene Politieverordening.

Historische Context

Het document dateert van 21 augustus 1944. Dit is een zeer kritieke periode in de Nederlandse geschiedenis:
* De Bezetting: Nederland was op dat moment nog bezet door nazi-Duitsland. De ondertekenaar, Edward Voûte, was een pro-Duitse burgemeester die door de bezetter was aangesteld. De term "Regeeringscommissaris" in de tekst verwijst ook naar de herstructurering van het lokaal bestuur onder toezicht van de bezetter.
* Brandstoftekorten: Aan de vooravond van de beruchte Hongerwinter (1944-1945) was brandstof (zoals kolen) van vitaal belang en uiterst schaars. Een vergunning voor de overslag van brandstoffen was in deze context niet alleen een administratieve handeling, maar een kwestie van strategisch belang voor de stadsvoorziening.
* Locatie: De Cruquiskade en de Nieuwe Vaart vormden een belangrijk industrieel gebied waar veel pakhuizen en brandstoffenhandels gevestigd waren vanwege de goede bereikbaarheid via het water.
* Timing: Slechts enkele weken na de datum op dit document zou "Dolle Dinsdag" (5 september 1944) plaatsvinden, de dag waarop de geallieerde opmars voor grote paniek zorgde onder de bezetters en NSB'ers. Dit document toont aan dat de ambtelijke molens van het stadsbestuur tot vlak voor de totale ontregeling van de Hongerwinter bleven doordraaien.

Locaties

De Cruquiskade en de Nieuwe Vaart vormden een belangrijk industrieel gebied waar veel pakhuizen en brandstoffenhandels gevestigd waren vanwege de goede bereikbaarheid via het water.

Kooplieden in dit dossier 21

B. Krouse Waterlooplein W. Numeij
C.M. Stevens Waterlooplein v/d Voorne
F. Kooy Waterlooplein M Kooy
G. Stevens Waterlooplein
I. Sacksioni Waterlooplein
J. de Wolff Waterlooplein ------------------
J. Rampes Waterlooplein
J Sachtoni Waterlooplein m v d Hoek
J. Verburgh Waterlooplein
J. Zandvliet Waterlooplein afgegaan 14/5 37
K. Ellerbroek Waterlooplein
M. Reens Waterlooplein
Mozes van der Hoek Waterlooplein
M. de Wolf Waterlooplein
Abraham Cosman Waterlooplein
Schaap Kroos Waterlooplein
W. Van Waterlooplein [blauw:] 13/5: 5.45
W. Kooy Waterlooplein
W. Niewerf Waterlooplein
W.v. Zomeren Waterlooplein ------------------
J. Zandvliet Waterlooplein [blauw:] 15/5: 2.37

Gerelateerde Documenten 6