Archief 745
Inventaris 745-425
Pagina 75
Jaar 1944
Stadsarchief

Administratieve vastlegging / grootboekblad betreffende liggelden.

13 juli 1944 (stempel), met aantekeningen over de periode 1 januari tot 6 juli 1944.

Origineel

Administratieve vastlegging / grootboekblad betreffende liggelden. 13 juli 1944 (stempel), met aantekeningen over de periode 1 januari tot 6 juli 1944. 21/15/2

C. Dogger Pr. Mauritskade 113 - 115
ligplaats ingenomen voor kalenderjaar 1944
met aktekwitt No 570 groot 46 ton
moet betalen 46 x fl. 1.- f 46.-
heeft betaald 2 termijnen f 23.-
moet nog betalen f 23.-
schuit v. d. markt vertrokken
6-7-44.
Zijn maand-markt tarief zou zijn
betaald hebben 6 x 46 x 10 c f 27.60
van 1/1 - 6/7. 44 1 x 46 x 0,02 1/2 1.15
------ 28.75
te min betaald f 5.75.

Kwijtschelden krachtens art 10.
f 23.- af 5.75 = 17.25

13 JULI 1944 [stempel] Dit document betreft een financiële herberekening van liggelden voor een binnenschip of schuit in het jaar 1944. De eigenaar, C. Dogger, was aanvankelijk aangeslagen voor het gehele kalenderjaar tegen een tarief van 1 gulden per ton (totaal f 46,- voor 46 ton). Hij had hiervan reeds de helft (f 23,-) voldaan.

Omdat het vaartuig op 6 juli 1944 de ligplaats verliet ("schuit v. d. markt vertrokken"), werd een nieuwe berekening gemaakt op basis van de werkelijke verblijfsduur. Voor de eerste zes maanden werd een maandtarief van 10 cent per ton gehanteerd (f 27,60). Voor de resterende dagen in juli werd een aanvullend bedrag van f 1,15 berekend (gebaseerd op een tarief van 2,5 cent per ton). De totale verschuldigde som over de werkelijke periode kwam daarmee op f 28,75.

Aangezien Dogger pas f 23,- had betaald, moest hij nog f 5,75 bijbetalen ("te min betaald"). De oorspronkelijke resterende schuld van f 23,- werd verminderd met deze f 5,75, waardoor een bedrag van f 17,25 werd kwijtgescholden conform "artikel 10" van de betreffende verordening. Het document dateert uit de zomer van 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De naam Dogger is een bekende reders- en schippersnaam, veelal geassocieerd met de regio Den Helder en Texel. De administratieve precisie, waarbij tot op de halve cent nauwkeurig wordt berekend, is kenmerkend voor de toenmalige gemeentelijke of havenadministraties. Het gebruik van "artikel 10" wijst op een formele juridische basis voor de verrekening van gelden bij voortijdig vertrek. De datum op het stempel (13 juli 1944) laat zien dat de definitieve afwikkeling exact een week na het vertrek van de schuit plaatsvond.

Samenvatting

Dit document betreft een financiële herberekening van liggelden voor een binnenschip of schuit in het jaar 1944. De eigenaar, C. Dogger, was aanvankelijk aangeslagen voor het gehele kalenderjaar tegen een tarief van 1 gulden per ton (totaal f 46,- voor 46 ton). Hij had hiervan reeds de helft (f 23,-) voldaan.

Omdat het vaartuig op 6 juli 1944 de ligplaats verliet ("schuit v. d. markt vertrokken"), werd een nieuwe berekening gemaakt op basis van de werkelijke verblijfsduur. Voor de eerste zes maanden werd een maandtarief van 10 cent per ton gehanteerd (f 27,60). Voor de resterende dagen in juli werd een aanvullend bedrag van f 1,15 berekend (gebaseerd op een tarief van 2,5 cent per ton). De totale verschuldigde som over de werkelijke periode kwam daarmee op f 28,75.

Aangezien Dogger pas f 23,- had betaald, moest hij nog f 5,75 bijbetalen ("te min betaald"). De oorspronkelijke resterende schuld van f 23,- werd verminderd met deze f 5,75, waardoor een bedrag van f 17,25 werd kwijtgescholden conform "artikel 10" van de betreffende verordening.

Historische Context

Het document dateert uit de zomer van 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De naam Dogger is een bekende reders- en schippersnaam, veelal geassocieerd met de regio Den Helder en Texel. De administratieve precisie, waarbij tot op de halve cent nauwkeurig wordt berekend, is kenmerkend voor de toenmalige gemeentelijke of havenadministraties. Het gebruik van "artikel 10" wijst op een formele juridische basis voor de verrekening van gelden bij voortijdig vertrek. De datum op het stempel (13 juli 1944) laat zien dat de definitieve afwikkeling exact een week na het vertrek van de schuit plaatsvond.

Locaties

Pr. Mauritskade 113-115 (vermoedelijk Den Helder of Amsterdam).

Kooplieden in dit dossier 21

B. Krouse Waterlooplein W. Numeij
C.M. Stevens Waterlooplein v/d Voorne
F. Kooy Waterlooplein M Kooy
G. Stevens Waterlooplein
I. Sacksioni Waterlooplein
J. de Wolff Waterlooplein ------------------
J. Rampes Waterlooplein
J Sachtoni Waterlooplein m v d Hoek
J. Verburgh Waterlooplein
J. Zandvliet Waterlooplein afgegaan 14/5 37
K. Ellerbroek Waterlooplein
M. Reens Waterlooplein
Mozes van der Hoek Waterlooplein
M. de Wolf Waterlooplein
Abraham Cosman Waterlooplein
Schaap Kroos Waterlooplein
W. Van Waterlooplein [blauw:] 13/5: 5.45
W. Kooy Waterlooplein
W. Niewerf Waterlooplein
W.v. Zomeren Waterlooplein ------------------
J. Zandvliet Waterlooplein [blauw:] 15/5: 2.37

Gerelateerde Documenten 6