Handgeschreven rapport/melding.
Origineel
Handgeschreven rapport/melding. 29 oktober 1944. Aan den Inspecteur v/h Marktwezen
Bijzondere voorrangskaart № 46187
is door mij ingehouden, (reden), daar
Hr. van Ghent Koorden op 26/10-44 voorrang
wilde hebben voor visch op genoemde
kaart, terwijl deze reeds op 15 Augustus 44
was vervallen.
Amsterdam 29/10-44
T.C.A. Uitvlugt.
[Onderaan, paars stempel en handgeschreven:]
№ 26/5/8 M. 1944 7/9
[Rechts in rood potlood:] 26/5/8 Het document beschrijft een ambtelijke handeling waarbij een "bijzondere voorrangskaart" is ingenomen. De reden hiervoor was dat de heer Van Ghent Koorden op 26 oktober 1944 probeerde voorrang te krijgen bij de aankoop van vis met een kaart die al meer dan twee maanden eerder (op 15 augustus 1944) was verlopen. De kaart, genummerd 46187, werd hierop door de ambtenaar, T.C.A. Uitvlugt, ingehouden en gerapporteerd aan de Inspecteur van het Marktwezen. Het taalgebruik is formeel en zakelijk ("ingehouden", "terwijl deze reeds... was vervallen"). Dit briefje dateert uit een uiterst kritieke periode in de Nederlandse geschiedenis: de aanloop naar de Hongerwinter in het bezette westen van Nederland. Na de geallieerde opmars in september 1944 (Operatie Market Garden) en de daaropvolgende spoorwegstaking, raakte de voedselvoorziening in steden als Amsterdam ernstig ontregeld.
Voorrangskaarten waren in deze tijd van extreme schaarste van levensbelang; ze gaven de houder het recht om als een van de eersten schaarse goederen zoals vis te kopen voordat de voorraad uitgeput was. Het feit dat iemand probeerde een verlopen kaart te gebruiken, getuigt van de wanhoop om aan voedsel te komen. De strikte controle en inname van de kaart laten zien dat het distributiesysteem, ondanks de chaos van de oorlog, door de gemeentelijke instanties (het Marktwezen) nog nauwgezet werd gehandhaafd om fraude te voorkomen. T.C.A. Uitvlugt Marktwezen
Samenvatting
Het document beschrijft een ambtelijke handeling waarbij een "bijzondere voorrangskaart" is ingenomen. De reden hiervoor was dat de heer Van Ghent Koorden op 26 oktober 1944 probeerde voorrang te krijgen bij de aankoop van vis met een kaart die al meer dan twee maanden eerder (op 15 augustus 1944) was verlopen. De kaart, genummerd 46187, werd hierop door de ambtenaar, T.C.A. Uitvlugt, ingehouden en gerapporteerd aan de Inspecteur van het Marktwezen. Het taalgebruik is formeel en zakelijk ("ingehouden", "terwijl deze reeds... was vervallen").
Historische Context
Dit briefje dateert uit een uiterst kritieke periode in de Nederlandse geschiedenis: de aanloop naar de Hongerwinter in het bezette westen van Nederland. Na de geallieerde opmars in september 1944 (Operatie Market Garden) en de daaropvolgende spoorwegstaking, raakte de voedselvoorziening in steden als Amsterdam ernstig ontregeld.
Voorrangskaarten waren in deze tijd van extreme schaarste van levensbelang; ze gaven de houder het recht om als een van de eersten schaarse goederen zoals vis te kopen voordat de voorraad uitgeput was. Het feit dat iemand probeerde een verlopen kaart te gebruiken, getuigt van de wanhoop om aan voedsel te komen. De strikte controle en inname van de kaart laten zien dat het distributiesysteem, ondanks de chaos van de oorlog, door de gemeentelijke instanties (het Marktwezen) nog nauwgezet werd gehandhaafd om fraude te voorkomen.