Archief 745
Inventaris 745-425
Pagina 343
Dossier 7
Jaar 1944
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag of origineel) met handgeschreven kanttekeningen.

23 mei 1944. Van: De Directeur (organisatie niet expliciet vermeld, vermoedelijk een gemeentelijke dienst van Amsterdam).

Origineel

Getypte brief (doorslag of origineel) met handgeschreven kanttekeningen. 23 mei 1944. De Directeur (organisatie niet expliciet vermeld, vermoedelijk een gemeentelijke dienst van Amsterdam). [Handgeschreven, bovenste marge:]
Verzonden 23/5 [onleesbaar]

[Getypt:]
26/12/2 M. RP.

23 Mei 1944.

Den Heer B.H. Kolder
Distelweg 62
Amsterdam-Noord
==============

Naar aanleiding van Uw verzoek
d.d. 8 Mei jl. inzake het gebruiken
van eigen materiaal, bericht ik U,
dat hiertegen mijnerzijds geen bezwaar
bestaat.

De Directeur, Dit document is een korte, zakelijke correspondentie uit de Tweede Wereldoorlog. De inhoud is laconiek: de heer B.H. Kolder krijgt toestemming om "eigen materiaal" te gebruiken. Hoewel de aard van het materiaal niet wordt gespecificeerd, is de noodzaak voor een officiële goedkeuring tekenend voor de tijd van ontstaan. In mei 1944 was Nederland bezet en was er een grote schaarste aan grondstoffen en goederen. Alles stond onder streng toezicht van de distributie-instellingen en bezettingsautoriteiten. Zelfs voor het aanwenden van materialen die men reeds in bezit had, was vaak een vergunning of officiële verklaring van geen bezwaar nodig om beschuldigingen van illegale handel of onttrekking aan de oorlogseconomie te voorkomen.

De brief is opgesteld op grijsachtig kantoorpapier en bevat administratieve codes (26/12/2 M. RP.), wat wijst op een goed georganiseerde bureaucratie, waarschijnlijk die van de gemeente Amsterdam (gezien de adressering in Amsterdam-Noord). De datum, 23 mei 1944, plaatst het document in een kritieke fase van de oorlog. De geallieerde invasie in Normandië (D-Day) zou slechts twee weken later plaatsvinden. De Distelweg in Amsterdam-Noord lag in een gebied met veel industrie en arbeidswoningen. Tijdens de bezetting waren veel bouwmaterialen en metalen gevorderd voor de Duitse oorlogsindustrie of de aanleg van de Atlantikwall. Burgers die reparaties wilden uitvoeren of iets wilden vervaardigen, moesten aantonen waar hun materialen vandaan kwamen. Deze brief diende voor de heer Kolder waarschijnlijk als officieel bewijsstuk bij een eventuele controle. De ondertekening door "De Directeur" zonder naamsvermelding suggereert dat dit een standaard administratieve afhandeling was door een afdelingshoofd van een overheidsinstantie.

Samenvatting

Dit document is een korte, zakelijke correspondentie uit de Tweede Wereldoorlog. De inhoud is laconiek: de heer B.H. Kolder krijgt toestemming om "eigen materiaal" te gebruiken. Hoewel de aard van het materiaal niet wordt gespecificeerd, is de noodzaak voor een officiële goedkeuring tekenend voor de tijd van ontstaan. In mei 1944 was Nederland bezet en was er een grote schaarste aan grondstoffen en goederen. Alles stond onder streng toezicht van de distributie-instellingen en bezettingsautoriteiten. Zelfs voor het aanwenden van materialen die men reeds in bezit had, was vaak een vergunning of officiële verklaring van geen bezwaar nodig om beschuldigingen van illegale handel of onttrekking aan de oorlogseconomie te voorkomen.

De brief is opgesteld op grijsachtig kantoorpapier en bevat administratieve codes (26/12/2 M. RP.), wat wijst op een goed georganiseerde bureaucratie, waarschijnlijk die van de gemeente Amsterdam (gezien de adressering in Amsterdam-Noord).

Historische Context

De datum, 23 mei 1944, plaatst het document in een kritieke fase van de oorlog. De geallieerde invasie in Normandië (D-Day) zou slechts twee weken later plaatsvinden. De Distelweg in Amsterdam-Noord lag in een gebied met veel industrie en arbeidswoningen. Tijdens de bezetting waren veel bouwmaterialen en metalen gevorderd voor de Duitse oorlogsindustrie of de aanleg van de Atlantikwall. Burgers die reparaties wilden uitvoeren of iets wilden vervaardigen, moesten aantonen waar hun materialen vandaan kwamen. Deze brief diende voor de heer Kolder waarschijnlijk als officieel bewijsstuk bij een eventuele controle. De ondertekening door "De Directeur" zonder naamsvermelding suggereert dat dit een standaard administratieve afhandeling was door een afdelingshoofd van een overheidsinstantie.

Kooplieden in dit dossier 21

B. Krouse Waterlooplein W. Numeij
C.M. Stevens Waterlooplein v/d Voorne
F. Kooy Waterlooplein M Kooy
G. Stevens Waterlooplein
I. Sacksioni Waterlooplein
J. de Wolff Waterlooplein ------------------
J. Rampes Waterlooplein
J Sachtoni Waterlooplein m v d Hoek
J. Verburgh Waterlooplein
J. Zandvliet Waterlooplein afgegaan 14/5 37
K. Ellerbroek Waterlooplein
M. Reens Waterlooplein
Mozes van der Hoek Waterlooplein
M. de Wolf Waterlooplein
Abraham Cosman Waterlooplein
Schaap Kroos Waterlooplein
W. Van Waterlooplein [blauw:] 13/5: 5.45
W. Kooy Waterlooplein
W. Niewerf Waterlooplein
W.v. Zomeren Waterlooplein ------------------
J. Zandvliet Waterlooplein [blauw:] 15/5: 2.37

Gerelateerde Documenten 6