Ambtsbericht/Rapportage betreffende markttoezicht.
Origineel
Ambtsbericht/Rapportage betreffende markttoezicht. 7 juli 1944 (met administratieve afhandeling tot 20 juli 1944). [Rechtsboven:] 189
[Bovenaan, handgeschreven:] Aan den Inspecteur Marktwezen.
[Stempel linksboven:] Nº 27/15/1 M.1944 [met handgeschreven toevoeging:] 10/7
[Hoofdtekst:]
Herhaaldelijk hebben wij den pcht N° 312
Ten Katestraat, J.C. Valk van Gogh en zijn ver-
vanger, „waardoor hij geen toestemming heeft”
gelast zijn handkar van de markt te verwijderen
en in overweging gegeven om schriftelijk aan den
Directeur toestemming te vragen voor assistentie
en vervanging. Valk van Gogh is zoo goed als
nooit bij zijn stal, terwijl de handkar als
regel op de markt of op het trottoir staat.
Donderdag 6 Juli heb ik zijn vervanger medegedeeld
dat ik deze aangelegenheid zal rapporteeren.
Amsterdam, 7 Juli '44
[Ondertekening, onleesbaar/paraaf]
[Marginale aantekeningen en afhandeling:]
* advies Insp?
* 12/7 '44 S
* oproepen 17-7-'44 deHeer
* r. 19/7 Sh-n.
* J.C. Valk v Gogh zal voortaan zelf zijn plaats inne-men.
* Opbergen 20-7-'44 deHeer Dit document is een ambtelijke rapportage over een overtreding van de marktverordening op de Ten Katemarkt in Amsterdam. De kern van het probleem is dat de pachter (marktkraamhouder) J.C. Valk van Gogh zelf zelden aanwezig is bij zijn handel en zijn handkar onbeheerd op de markt of het trottoir laat staan. Hij maakt gebruik van een vervanger zonder dat daarvoor de vereiste officiële toestemming van de Directeur van het Marktwezen is verleend.
Ondanks herhaalde waarschuwingen en het advies om de zaken formeel te regelen, bleef de situatie ongewijzigd. De rapporteur (waarschijnlijk een marktmeester of controleur) stelt op 7 juli 1944 de inspecteur op de hoogte. Uit de kantlijnaantekeningen blijkt de bureaucratische afhandeling: de pachter is opgeroepen voor ver tekst en uitleg op 17 juli, waarna op 19 juli is vastgesteld dat de pachter voortaan zelf zijn plaats zal innemen. Op 20 juli wordt het dossier gesloten ("Opbergen"). Het document dateert uit juli 1944, de periode van de Duitse bezetting van Nederland, vlak voor de spoorwegstaking en de Hongerwinter. Ondanks de oorlogsomstandigheden bleef het gemeentelijk apparaat van Amsterdam, waaronder de Dienst der Markten, strikt toezien op de naleving van lokale verordeningen. De Ten Katemarkt was (en is) een belangrijke volksmarkt in Amsterdam-West.
In deze tijd was de controle op marktkooplieden extra streng, niet alleen vanwege ordelijkheid, maar ook in het kader van de distributiestrijd en de bestrijding van de zwarte handel. Het feit dat een pachter niet zelf aanwezig was, werd gezien als een ernstige nalatigheid van de vergunningsvoorwaarden. De administratieve precisie (met stempels, parafen en data van afhandeling) is typerend voor de Nederlandse ambtenarij, die zelfs onder de bezetting haar procedures bleef volgen. J.C. Valk Marktwezen (Inspecteur) Gemeente Amsterdam Marktwezen