Financieel weekoverzicht / Specificatie van marktgelden.
Origineel
Financieel weekoverzicht / Specificatie van marktgelden. 12 november 1937. [B]randvliet | 30 | 1.20
[P.] Stevens | 10 | .75
[P.] Kroon | 10 | .75
J. Verburgh | 10 | .75
J. Saksioni | 6 | .75
J. Stins | 8 | .75
Th. Rooij | 8 | .75
P. Noorman | 10 | .75
W. v. Zoonen | 8 | .75
M. v. d. Hoek | 3 | .75
Totaal | f 8.70
SCHULDEN:
M. v. d. Hoek | f -.75
G. Slappendel | f -.75
Totaal: f [geen bedrag ingevuld]
DAGSPECIFICATIE:
8/11 | 3.45
10/11 | 3.00
12/11 | 2.25
Totaal: | f 8.70
Amsterdam, 12 November 1937
De Marktopzichter,
(handtekening) * Inhoud: Het document betreft de inning van staangelden over drie marktdagen in november 1937.
* Rekenkundige opbouw: De dagspecificatie rechtsonder (f 3,45 + f 3,00 + f 2,25) sommeert exact tot f 8,70. De namenlijst bovenaan bevat echter 10 posten die samen f 7,95 bedragen. Het verschil (f 0,75) wordt verklaard door de persoon 'G. Slappendel' in de schuldenlijst. Dit suggereert dat de f 8,70 het totaalbedrag is aan verschuldigde gelden voor die week.
* Tarieven: De middelste kolom (met waarden als 30, 10, 8, 6) geeft vermoedelijk de grootte van de marktkraam in meters aan. Het standaardtarief voor de meeste kooplui is f 0,75 per dag/markt, terwijl Brandvliet f 1,20 betaalt (mogelijk vanwege een grotere plek of een andere productcategorie).
* Personen: Namen zoals Saksioni zijn historisch gezien sterk verbonden met de Amsterdamse (Joodse) markthandel van voor de Tweede Wereldoorlog. De marktopzichter was een gemeenteambtenaar belast met het toezicht op de orde en de financiële afwikkeling van de Amsterdamse markten (zoals de Albert Cuypmarkt of het Waterlooplein). In de jaren '30, een periode van economische crisis, was de inning van deze kleine bedragen (staangelden) essentieel voor de gemeentekas. Het document illustreert de nauwgezette bureaucratie waarbij zelfs bedragen van 75 cent (schulden) nauwkeurig werden geregistreerd. De datum, november 1937, plaatst dit stuk in de late interbellumperiode, vlak voor de grote maatschappelijke omwentelingen van de oorlogsjaren. G. Bakker G. Slappendel J. Saksioni J. Stins J. Verburgh M. Bakker M. v. d. Hoek P. Noorman
Samenvatting
- Inhoud: Het document betreft de inning van staangelden over drie marktdagen in november 1937.
- Rekenkundige opbouw: De dagspecificatie rechtsonder (f 3,45 + f 3,00 + f 2,25) sommeert exact tot f 8,70. De namenlijst bovenaan bevat echter 10 posten die samen f 7,95 bedragen. Het verschil (f 0,75) wordt verklaard door de persoon 'G. Slappendel' in de schuldenlijst. Dit suggereert dat de f 8,70 het totaalbedrag is aan verschuldigde gelden voor die week.
- Tarieven: De middelste kolom (met waarden als 30, 10, 8, 6) geeft vermoedelijk de grootte van de marktkraam in meters aan. Het standaardtarief voor de meeste kooplui is f 0,75 per dag/markt, terwijl Brandvliet f 1,20 betaalt (mogelijk vanwege een grotere plek of een andere productcategorie).
- Personen: Namen zoals Saksioni zijn historisch gezien sterk verbonden met de Amsterdamse (Joodse) markthandel van voor de Tweede Wereldoorlog.
Historische Context
De marktopzichter was een gemeenteambtenaar belast met het toezicht op de orde en de financiële afwikkeling van de Amsterdamse markten (zoals de Albert Cuypmarkt of het Waterlooplein). In de jaren '30, een periode van economische crisis, was de inning van deze kleine bedragen (staangelden) essentieel voor de gemeentekas. Het document illustreert de nauwgezette bureaucratie waarbij zelfs bedragen van 75 cent (schulden) nauwkeurig werden geregistreerd. De datum, november 1937, plaatst dit stuk in de late interbellumperiode, vlak voor de grote maatschappelijke omwentelingen van de oorlogsjaren.