Handgeschreven ambtelijke notitie/dienstmemo op een afgescheurd blaadje met perforatierand.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie/dienstmemo op een afgescheurd blaadje met perforatierand. [Linksboven:]
Inp. pol.
[Rechtsboven:]
28-3-44
Ter kantoor
[Midden:]
Korps uitsluitend
op verlangen oude
pater.
Gerding Leidsche
gracht
(Justitie)
Simons 2e Helmersstr.
(particulier)
[Onderaan:]
Dergelijke informaties moeten
schriftelijk geschieden. 3-4-'44
Dekker
[Links van de onderste tekst staan twee verticale rode lijnen met een vinkje/paraaf eronder.] * Administratief proces: Het document laat een typisch bureaucratisch proces zien uit de bezettingstijd. Informatie is op 28 maart 1944 mondeling ("ter kantoor") doorgegeven door een inspecteur van politie. Pas op 3 april 1944 wordt dit door een functionaris genaamd Dekker genoteerd of van commentaar voorzien.
* Inhoudelijke aanwijzingen:
* "Korps uitsluitend op verlangen oude pater": Dit is een cryptische instructie. "Oude pater" zou een codenaam kunnen zijn voor een informant of een specifieke contactpersoon binnen het verzet of de politie. Het suggereert dat actie vanuit het korps alleen onder specifieke voorwaarden mag plaatsvinden.
* Adressen: De notitie koppelt namen aan specifieke locaties: Gerding bij Justitie op de Leidsegracht en Simons als particulier in de 2e Helmersstraat (beide in Amsterdam). Dit wijst op een onderzoek of een inlichtingenkwestie.
* Correctie door Dekker: Dekker geeft een duidelijke reprimande onderaan: dergelijke gevoelige informatie over personen en instanties mag niet mondeling worden afgehandeld, maar moet "schriftelijk geschieden". Dit duidt op een behoefte aan een officieel papieren spoor (of juist het vastleggen van verantwoordelijkheid).
* Visuele kenmerken: De rode strepen aan de linkerzijde zijn karakteristiek voor administratieve afhandeling; het document is gezien en verwerkt in een groter archiefsysteem. Dit document stamt uit het voorjaar van 1944, een periode waarin de Duitse bezetting in Nederland grimmiger werd en de controle op de bevolking door de politie en justitie verscherpte. Tegelijkertijd was er sprake van infiltratie en dubbelspel binnen de politiekorpsen.
De Leidsegracht was een locatie waar diverse justitiële diensten gevestigd waren. Informatie over een medewerker van Justitie (Gerding) naast een particulier (Simons) suggereert dat er een onderzoek liep, mogelijk naar illegale activiteiten, onderduikers of politieke betrouwbaarheid. De term "oude pater" is hierbij de meest intrigerende schakel; het gebruik van dergelijke termen was niet ongebruikelijk in kringen waar men voorzichtig moest zijn met het noemen van echte namen, zelfs in interne memo's. Politie