Archief 745
Inventaris 745-430
Pagina 46
Dossier 113
Jaar 1944
Stadsarchief

Archiefdocument

26 april 1944. Van: H. Gorter – IJmuiden. Zeevisch- en Haringhandel. Aan: Vischafslag Amsterdam.

Origineel

26 april 1944. H. Gorter – IJmuiden. Zeevisch- en Haringhandel. Vischafslag Amsterdam. H. GORTER - IJMUIDEN
ZEEVISCH- EN HARINGHANDEL
POSTBOX 36 KANAALSTRAAT 238 TELEF. 4536

Ymuiden, 26 April 1944
Nº 46A/74/1 M. 1944 28/4
Vischafslag
Amsterdam.

Mijne Heeren.

Den 17 April heb ik aan den vischafslag
te Amsterdam 100 KG Kabelj: I á 1.59 gestuurd
volgens U afrekening per Twentsche bank rekend U
f 129 plus f 2: vracht of 131.- of, het moet zijn f 161.00
hier zit een abuis in, aan wie de schuld weet ik niet.
Als overtuigend bewijs sluit ik hier mijn dagstaatje
het geen ik die dag van het rijk gehad heb bij in, ook
U afrekenings briefje. Ik heb dien dag gehad twee
beurten Kabelj I n.l. 2 x 100 KG á 1.50 en 1000 KG wijting f 80.-
Natuurlijk kan U als U het wil zelf ook nog hier
bij het Staatsvisschershaven-bedrijf informeeren.
Van die kabeljouw is 100 KG naar Amsterdam gestuurd
en 100 KG naar Scheveningen, ik heb in 't geheel geen
Kabelj: II gehad dus kan U dan toch ook geen Kabelj.
II sturen. Het is voor mij een te kort van f 30.-
hopend dat U het uit kan zoeken.
Hoogachtend
H. Gorter
46A * Onderwerp: Een zakelijke klacht over een foutieve financiële afrekening van een partij vis.
* Kern van het geschil: H. Gorter heeft op 17 april 100 kg Kabeljauw (klasse I) gestuurd. De afslag in Amsterdam heeft hiervoor f 129,- (plus f 2,- vrachtkosten) berekend, terwijl dit volgens Gorter f 161,- had moeten zijn (gebaseerd op een prijs van f 1.59 of f 1.50 per kilo). Er is sprake van een tekort van f 30,-.
* Bewijsvoering: De schrijver voegt zijn 'dagstaatje' van het Rijk toe als bewijs van zijn vangst/inkoop van die dag. Hij verduidelijkt dat hij die dag twee beurten van 100 kg klasse I kabeljauw had, waarvan de ene helft naar Amsterdam en de andere naar Scheveningen ging. Hij benadrukt dat hij geen kabeljauw van klasse II had, wat suggereert dat de afslag de vis mogelijk abusievelijk als een lagere (goedkopere) klasse heeft geadministreerd.
* Toon: Zakelijk, kordaat en transparant. Hij nodigt de ontvanger uit om navraag te doen bij het Staatsvisschershavenbedrijf. * Tijdsperiode: De brief is gedateerd op 26 april 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De visserij en handel stonden in deze periode onder streng toezicht van de bezetter en rijksinstanties (zoals blijkt uit de vermelding van het 'dagstaatje van het rijk' en het 'Staatsvisschershaven-bedrijf').
* Economie: De vishandel was aan prijsbeheersing onderworpen. Een verschil van 30 gulden was in 1944 een aanzienlijk bedrag (ter vergelijking: het weekloon van een arbeider lag vaak rond dit bedrag).
* Logistiek: De vis werd vanuit de haven van IJmuiden per spoor of vrachtwagen gedistribueerd naar afslagen in andere steden zoals Amsterdam en Scheveningen. De betalingen verliepen via bankinstellingen zoals de Twentsche Bank.

Samenvatting

  • Onderwerp: Een zakelijke klacht over een foutieve financiële afrekening van een partij vis.
  • Kern van het geschil: H. Gorter heeft op 17 april 100 kg Kabeljauw (klasse I) gestuurd. De afslag in Amsterdam heeft hiervoor f 129,- (plus f 2,- vrachtkosten) berekend, terwijl dit volgens Gorter f 161,- had moeten zijn (gebaseerd op een prijs van f 1.59 of f 1.50 per kilo). Er is sprake van een tekort van f 30,-.
  • Bewijsvoering: De schrijver voegt zijn 'dagstaatje' van het Rijk toe als bewijs van zijn vangst/inkoop van die dag. Hij verduidelijkt dat hij die dag twee beurten van 100 kg klasse I kabeljauw had, waarvan de ene helft naar Amsterdam en de andere naar Scheveningen ging. Hij benadrukt dat hij geen kabeljauw van klasse II had, wat suggereert dat de afslag de vis mogelijk abusievelijk als een lagere (goedkopere) klasse heeft geadministreerd.
  • Toon: Zakelijk, kordaat en transparant. Hij nodigt de ontvanger uit om navraag te doen bij het Staatsvisschershavenbedrijf.

Historische Context

  • Tijdsperiode: De brief is gedateerd op 26 april 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De visserij en handel stonden in deze periode onder streng toezicht van de bezetter en rijksinstanties (zoals blijkt uit de vermelding van het 'dagstaatje van het rijk' en het 'Staatsvisschershaven-bedrijf').
  • Economie: De vishandel was aan prijsbeheersing onderworpen. Een verschil van 30 gulden was in 1944 een aanzienlijk bedrag (ter vergelijking: het weekloon van een arbeider lag vaak rond dit bedrag).
  • Logistiek: De vis werd vanuit de haven van IJmuiden per spoor of vrachtwagen gedistribueerd naar afslagen in andere steden zoals Amsterdam en Scheveningen. De betalingen verliepen via bankinstellingen zoals de Twentsche Bank.

Locaties

IJmuiden / Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 5