Archief 745
Inventaris 745-430
Pagina 108
Dossier 44
Jaar 1944
Stadsarchief

Ambtelijke brief / Correspondentie.

Niet expliciet vermeld, maar volgend op een schrijven van 25 oktober (vermoedelijk periode 1914-1920, gezien de functie van Wethouder voor de Levensmiddelen). Van: De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst zoals de Marktwezen of de Distributiedienst). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen (alhier).

Origineel

Ambtelijke brief / Correspondentie. Niet expliciet vermeld, maar volgend op een schrijven van 25 oktober (vermoedelijk periode 1914-1920, gezien de functie van Wethouder voor de Levensmiddelen). De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst zoals de Marktwezen of de Distributiedienst). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen (alhier). den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen
Alhier 46 A/19/9

Onder verwijzing naar mijn brief
van 25 October j.l. no 46a/19/8 heb ik
de eer U te berichten, dat het Bemiddelings-
Bureau, Bedrijfsgoederenvervoer Paardentractie,
Vakgroep Goederenvervoer langs den weg mij
heeft medegedeeld, elders kantoorruimte
te hebben gevonden en dus af ziet van het
huren van de bovenverdieping van het
koffiehuis, dat door Mr. Mulder is
gepacht. Terzake van deze onderverhuring
dient mijn voorstel, vervat in boven
vermeld schrijven, als niet gedaan te worden
beschouwd.

Mijn voorstel terzake de tijdelijke
ontheffing van de verplichting tot exploiteeren
blijft echter gehandhaafd.

Ik heb de eer U te verzoeken
wel te willen bevorderen, dat door den Burge-
meester een besluit wordt genomen waarbij
aan Mr. Mulder ontheffing wordt verleend
van de verplichting tot het exploiteeren van
het koffiehuis op het terrein van de Vischmarkt
gedurende den tijd dat, naar het oordeel
van den Burgemeester, de exploitatie van dit
café niet naar behooren door den pachter
kan geschieden.

De Directeur,
[Onleesbare handtekening] Dit document is een formele ambtelijke brief waarin een eerdere aanvraag wordt gewijzigd. De kern van de zaak is de exploitatie van een koffiehuis (café) aan de Vischmarkt door een zekere heer Mulder.

Uit de tekst blijkt dat er oorspronkelijk een plan was om de bovenverdieping van dit pand onder te verhuren aan het "Bemiddelings-Bureau, Bedrijfsgoederenvervoer Paardentractie". Omdat dit bureau elders ruimte heeft gevonden, vervalt het verzoek voor deze onderverhuur.

Echter, de directeur dringt erop aan dat de ontheffing van de exploitatieplicht voor Mr. Mulder wel moet worden doorgezet. Dit betekent dat de pachter het café tijdelijk gesloten mag houden of de normale diensten mag staken. De reden hiervoor is dat de exploitatie "niet naar behooren" kan plaatsvinden, wat vaak duidde op economische malaise, schaarste aan goederen of personeelsproblemen. De brief is gericht aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen". Dit specifieke wethouderschap werd in veel Nederlandse steden in het leven geroepen tijdens en kort na de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) om de distributie van voedsel en schaarse goederen in goede banen te leiden.

De vermelding van de "Vakgroep Goederenvervoer langs den weg" en "Paardentractie" (vervoer met paard en wagen) plaatst het document stevig in de vroege 20e eeuw, in een tijd waarin de overheid een sterke regisserende rol begon te spelen in de economie (de zogenaamde distributietijd). De locatie "Vischmarkt" suggereert een grote stad, mogelijk Groningen, Leiden of Utrecht, waar dergelijke markten centrale economische knooppunten waren. Het feit dat een exploitant ontheffing vraagt, wijst op de moeilijke bedrijfsomstandigheden in die periode. Marktwezen Vakgroep

Samenvatting

Dit document is een formele ambtelijke brief waarin een eerdere aanvraag wordt gewijzigd. De kern van de zaak is de exploitatie van een koffiehuis (café) aan de Vischmarkt door een zekere heer Mulder.

Uit de tekst blijkt dat er oorspronkelijk een plan was om de bovenverdieping van dit pand onder te verhuren aan het "Bemiddelings-Bureau, Bedrijfsgoederenvervoer Paardentractie". Omdat dit bureau elders ruimte heeft gevonden, vervalt het verzoek voor deze onderverhuur.

Echter, de directeur dringt erop aan dat de ontheffing van de exploitatieplicht voor Mr. Mulder wel moet worden doorgezet. Dit betekent dat de pachter het café tijdelijk gesloten mag houden of de normale diensten mag staken. De reden hiervoor is dat de exploitatie "niet naar behooren" kan plaatsvinden, wat vaak duidde op economische malaise, schaarste aan goederen of personeelsproblemen.

Historische Context

De brief is gericht aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen". Dit specifieke wethouderschap werd in veel Nederlandse steden in het leven geroepen tijdens en kort na de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) om de distributie van voedsel en schaarse goederen in goede banen te leiden.

De vermelding van de "Vakgroep Goederenvervoer langs den weg" en "Paardentractie" (vervoer met paard en wagen) plaatst het document stevig in de vroege 20e eeuw, in een tijd waarin de overheid een sterke regisserende rol begon te spelen in de economie (de zogenaamde distributietijd). De locatie "Vischmarkt" suggereert een grote stad, mogelijk Groningen, Leiden of Utrecht, waar dergelijke markten centrale economische knooppunten waren. Het feit dat een exploitant ontheffing vraagt, wijst op de moeilijke bedrijfsomstandigheden in die periode.

Locaties

Betreft een koffiehuis op het terrein van de Vischmarkt.

Producten

Huishoudelijk: Pan Kruidenier (Droog): Koffie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen Vakgroep

Gerelateerde Documenten 5