Handgeschreven brief/machtiging op gelinieerd papier.
Origineel
Handgeschreven brief/machtiging op gelinieerd papier. 28 juli 1944. Amsterdam 28 juli ’44
M
Hiermede verzoek ik u mijn
toewysing door J. de Haan
in ontvangst te laten
nemen, Als ik niet zelf
aanwezig ben.
Hoogachtend
p.o. Jac. Haan geb. 22-2-11
P.E. Haan Hoogenstein
[Aantekening diagonaal linksonder:]
dit bewijzen!
[Aantekening rechtsonder in ander handschrift:]
Om welke rede
afwezig ??
Indien voor werke
voor bedrijf be-
den geen bezwaar
31-7-’44
[onleesbare paraaf/handtekening] Het document is een formele machtiging uit de late bezettingsperiode (juli 1944). De afzender, P.E. Haan Hoogenstein, machtigt een zekere Jac. Haan (waarschijnlijk familie, geboren op 22 februari 1911) om een "toewysing" in ontvangst te nemen indien de afzender zelf niet aanwezig kan zijn.
De term "toewysing" duidt in de context van 1944 vaak op distributiebescheiden, vergunningen of goederen die via officiële instanties werden toegewezen. De reactie van de ambtenaar (gedateerd op 31 juli '44) getuigt van de strenge controle tijdens de oorlogsjaren: er wordt direct gevraagd naar de reden van afwezigheid ("Om welke rede afwezig ??"). De ambtenaar stelt dat er "geen bezwaar" is mits de afwezigheid werkgerelateerd is voor het bedrijf, maar voegt er de dwingende instructie aan toe: "dit bewijzen!". In de zomer van 1944 was Nederland nog bezet door nazi-Duitsland. De schaarste aan goederen was groot en de bureaucratie rondom distributie en tewerkstelling was extreem strikt. Het feit dat een burger moest bewijzen waarom hij/zij niet persoonlijk een toewijzing kon ophalen, wijst op de angst van de autoriteiten voor fraude of voor het feit dat mensen ondergedoken konden zijn. Het noemen van "werk voor bedrijf" was een van de weinige legitieme redenen om niet persoonlijk te verschijnen zonder direct argwaan te wekken. J. de Haan P.E. Haan