Archief 745
Inventaris 745-430
Pagina 579
Dossier 44
Jaar 1944
Stadsarchief

Archiefdocument

Van: Een ambtenaar van de marktinspectie (ondertekening lijkt "P. van der Meer" of vergelijkbaar, gericht aan de Inspecteur van het Marktwezen).

Origineel

Een ambtenaar van de marktinspectie (ondertekening lijkt "P. van der Meer" of vergelijkbaar, gericht aan de Inspecteur van het Marktwezen). (Marginale notities bovenaan)
Finie Dir Spoed
46 A / 205 / 7
No 46 A / 205 / 2
M. 1344 4/12
G P V

(Begeleidend schrijven in de marge)
In bijlage dezer doe ik U een rapport toekomen van den ambtenaar van mijn dienst betreff. het vervoer van inboedel uit het perceel aan de Vischmarkt.

Den Heer Inspecteur van het Marktwezen Alhier

Op Woensdag, 30 November 1944 werd te $\pm$ 2u30 door den ambtenaar J.A. Pieter vastgesteld, dat twee personen uit het Café van Meekeren aan de Vischmarkt per handwagen eenige meubelen uit dit leegstaande café werden opgeladen.

Oogenblikkelijk spoedde ik mij naar buiten en hield hen staande bij het vervoer van bovengenoemde goederen. Op mijn vraag waar zij met deze meubelen heen gingen, verklaarden zij mij in tegenwoordigheid van den ambtenaar J.P. Fleurbaaij, die inmiddels voor eventueele hulp naar buiten was gekomen, dat zij deze meubelen, die behoorlijk met touw en papier verpakt waren, gehaald hadden in opdracht van den Hr. van Meekeren, de pachter van het Café aan de Vischmarkt, die echter zooals U bekend is in Hilversum vertoeft en dat zij deze meubelen zouden brengen naar Haarlem.

Op mijn vraag of zij mij eene machtiging van genoemden van Meekeren konden toonen, verklaarden zij, dat zij eene mondelinge opdracht hadden, zoodat van Meekeren in A’dam zou moeten zijn. Ik heb hun verklaard dat dit onaannemelijk is en heb hun daarom gelast de meubelen weer naar de plaats van herkomst te brengen, waarop ik echter van één van beide personen een groote mond kreeg en hij mij zei dit niet te zullen doen, al kwamen er 12 personen aan te pas.

Toen heb ik den ambtenaar „Fleurbaaij” opgedragen de politie van het posthuis Centr. Stat. te waarschuwen en tevens heb ik den ambtenaar „H. Th. de Vries” gezegd zich met het toonen van zijn politiepenning, hunne persoonsbewijzen na te gaan. Hieruit bleek dat de een is geheeten K.L. Lammers, wonende Bontekoestr. 8 II, van beroep lederbewerker en de tweede heet A.H. Saedt, wonende Laanstr 10 III van beroep fabrieksarbeider.

Inmiddels was de politie aangekomen en de agent heeft eveneens de namen en adressen genoteerd. Op de vraag van dezen agent hoe of zij in het café gekomen waren, verklaarden beiden dat de wachtman de deur voor hen geopend had.

In tegenwoordigheid van dezen agent vroeg ik beiden nog eens te willen verklaren of zij werkelijk machtiging, hetzij mondeling of schriftelijk, van den Hr. v Meekeren hadden, doch beiden zeiden zij nimmer zoo iets gezegd te hebben.

Toen ik mijn Kasgeld wegbracht kwam ik op het Stationsplein bovengenoemden agent tegen en hem den afloop vragende verklaarde hij dat de wachtcommandant hen in vrijheid gesteld had en als bijzonderheid deelde hij mij mede dat een der verdachten een buurman is van den betrokken wachtman, die ter bewaking van dit perceel is aangesteld. De naam van dezen wachtman is : „de Nobel”.

Leiden, 1 Dec. 44
(w.g. onleesbaar)

(Notitie onderaan)
... wachtman van de Dienst bij dezen inbraak betrokken is, verzoek ik U de behandeling wat dit gedeelte betreft, te willen overnemen. * Conflict: Het document beschrijft een incident waarbij goederen werden weggehaald uit een leegstaand café. Er is sprake van tegenstrijdige verklaringen: eerst claimen de mannen een opdracht van de pachter te hebben, later ontkennen ze dit tegenover de politie.
* Handhaving: De ambtenaar J.A. Pieter treedt kordaat op, maar stuit op verzet ("een groote mond"). De tussenkomst van ambtenaar De Vries met zijn "politiepenning" (een penning die onbezoldigd opsporingsambtenaren droegen) is kenmerkend voor de gezagsverhoudingen in die tijd.
* Vrijlating: De tekst eindigt met een lichte toon van verontwaardiging: de verdachten zijn direct vrijgelaten omdat een van hen de buurman was van de bewaker (De Nobel) die hen had binnengelaten. Dit suggereert vriendjespolitiek of op zijn minst een laksheid in de beveiliging van leegstaande panden. * Periode: November/December 1944. Dit is midden in de Hongerwinter in bezet Nederland. Leegstaande panden werden in deze periode vaak geplunderd voor brandhout of inboedel.
* Schaarsheid: De focus op het veiligstellen van meubels en de inzet van meerdere ambtenaren voor een relatief klein incident (een handwagen met meubels) onderstreept de waarde van goederen in deze eindfase van de oorlog.
* Locatie: De Vischmarkt in Leiden was (en is) een centraal gelegen plein. Het feit dat de politiepost bij het Centraal Station werd ingeschakeld, duidt op de nabijheid van de verschillende locaties.
* Bestuur: De "Inspecteur van het Marktwezen" hield toezicht op economische activiteiten en eigendommen in de stad, een taak die door de oorlogsomstandigheden en schaarste steeds politieker geladen werd. A.H. Saedt H. Th J.A. Pieter J.P. Fleurbaaij K.L. Lammers Marktwezen Politie

Samenvatting

  • Conflict: Het document beschrijft een incident waarbij goederen werden weggehaald uit een leegstaand café. Er is sprake van tegenstrijdige verklaringen: eerst claimen de mannen een opdracht van de pachter te hebben, later ontkennen ze dit tegenover de politie.
  • Handhaving: De ambtenaar J.A. Pieter treedt kordaat op, maar stuit op verzet ("een groote mond"). De tussenkomst van ambtenaar De Vries met zijn "politiepenning" (een penning die onbezoldigd opsporingsambtenaren droegen) is kenmerkend voor de gezagsverhoudingen in die tijd.
  • Vrijlating: De tekst eindigt met een lichte toon van verontwaardiging: de verdachten zijn direct vrijgelaten omdat een van hen de buurman was van de bewaker (De Nobel) die hen had binnengelaten. Dit suggereert vriendjespolitiek of op zijn minst een laksheid in de beveiliging van leegstaande panden.

Historische Context

  • Periode: November/December 1944. Dit is midden in de Hongerwinter in bezet Nederland. Leegstaande panden werden in deze periode vaak geplunderd voor brandhout of inboedel.
  • Schaarsheid: De focus op het veiligstellen van meubels en de inzet van meerdere ambtenaren voor een relatief klein incident (een handwagen met meubels) onderstreept de waarde van goederen in deze eindfase van de oorlog.
  • Locatie: De Vischmarkt in Leiden was (en is) een centraal gelegen plein. Het feit dat de politiepost bij het Centraal Station werd ingeschakeld, duidt op de nabijheid van de verschillende locaties.
  • Bestuur: De "Inspecteur van het Marktwezen" hield toezicht op economische activiteiten en eigendommen in de stad, een taak die door de oorlogsomstandigheden en schaarste steeds politieker geladen werd.

Genoemde Personen 5

Locaties

Leiden (verwijzingen naar Vischmarkt Stationsplein Bontekoestraat en Laanstraat).

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit Huishoudelijk: Brandstof Huishoudelijk: Pan Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Tweedehands/Lompen: Lompen Tweedehands/Lompen: Meubelen Tweedehands/Lompen: Tweedehands Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch

Thema's

Jodenster/Maatregelen Razzia & Arrestatie

Organisaties

Marktwezen Politie

Gerelateerde Documenten 5