Dienstbrief (officieel schrijven).
Origineel
Dienstbrief (officieel schrijven). 22 juni 1944. [Briefhoofd, gedrukt:]
INSPECTIE
DER INVOERRECHTEN EN
ACCIJNZEN TE
AMSTERDAM
OOST INDISCH HUIS
TELEFOON 38511
AMSTERDAM, den 22 Juni 1944
[Kenmerken, getypt:]
No. 623 P.
ONDERWERP:
Lokaal in de Centrale
Markthallen.
[Stempel in paarse inkt:]
№ 66/6/2 M. 1944 [met handgeschreven toevoeging:] 24/6
[Handgeschreven notitie rechtsboven, in blauw en rood potlood:]
n. i. Br.
unleesbaar
[Inhoud brief, getypt:]
Naar aanleiding van Uw brief
dd. 15 Juni 1944, no. 66/6/1M, deel
ik U mede dat ik met het daarin
vervatte, acccord ga.
[Linksonder:]
WP/AM
COLL. [geparafeerd]
[Ondertekening, rechts:]
De Hoofdinspecteur,
[handtekening]
[Adres, linksonder:]
AAN
den heer Directeur
van het Marktwezen
te
AMSTERDAM.
[Voetnoot:]
Ⓐ 10339 - '42 - K 983 [rechtsonder:] 16 Dit document is een korte, formele bevestiging van de Hoofdinspecteur der Invoerrechten en Accijnzen aan de Directeur van het Marktwezen. De strekking is een akkoordverklaring met een eerder voorstel (gedateerd 15 juni 1944) betreffende een specifiek lokaal in de Centrale Markthallen in Amsterdam. Opvallend in de tekst is de typefout in het woord "acccord" (met drie c's). De brief is opgesteld op briefpapier van de Inspectie, die destijds gevestigd was in het historische Oost-Indisch Huis. De datum van de brief, 22 juni 1944, plaatst het document in de late fase van de Tweede Wereldoorlog in Nederland, ruim twee weken na D-Day. Ondanks de oorlogssituatie en de Duitse bezetting ging de bureaucratische correspondentie tussen gemeentelijke en rijksdiensten in Amsterdam gewoon door. De Centrale Markthallen (geopend in 1934) waren essentieel voor de voedselvoorziening van de stad. De betrokkenheid van de Inspectie der Invoerrechten en Accijnzen suggereert dat er mogelijk sprake was van de opslag van goederen waarover belasting of accijnzen geheven moesten worden, of dat de dienst ruimte nodig had voor toezicht op de marktstromen. De verwijzing naar het 'Oost Indisch Huis' als kantoorlocatie bevestigt dat dit monumentale pand in die periode in gebruik was bij de belastingdienst.