Officiële brief/kennisgeving (waarschijnlijk een doorslag of archiefkopie).
Origineel
Officiële brief/kennisgeving (waarschijnlijk een doorslag of archiefkopie). 26 januari 1944. De Directeur (van de Centrale Markt, Amsterdam). 77/4/lall.
[handgeschreven: exh]
SV
26 Januari 1944.
Den Heer F.Ooms
Waterlooplein 80
Amsterdam-Centrum.
====================
Hierbij deel ik U mede, dat mij door den Inspecteur voor de Prijsbeheersching is bericht, dat U wegens overtreding van de maximumprijzen is gestraft met sluiting van Uw bedrijf voor den tijd van 2 jaren, ingaande 1 Februari aanstaande.
Op grond van het bepaalde in artikel 35 lid 3 van het Reglement op de Centrale Markt wordt U gedurende die sluiting geen toegang tot de Centrale Markt verleend.
De Directeur, De brief is een formele mededeling van een zware administratieve en economische sanctie. De heer F. Ooms wordt gesanctioneerd voor het overtreden van de prijsvoorschriften ("maximumprijzen"). De straf is tweeledig:
1. Bedrijfssluiting: Zijn onderneming moet voor een aanzienlijke periode van twee jaar de deuren sluiten, ingaande op 1 februari 1944.
2. Toegangsverbod: Hem wordt de toegang ontzegd tot de Centrale Markt in Amsterdam, gebaseerd op het marktreglement.
De toon is zakelijk en autoritair, kenmerkend voor ambtelijke correspondentie tijdens de bezettingsjaren. Het kenmerk "exh" bovenaan staat waarschijnlijk voor exhibitum, wat betekent dat het document is opgenomen in een register of dossier. Het document dateert uit januari 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode heerste er grote schaarste aan goederen en voedsel. Om de zwarte handel te bestrijden en de distributie te beheersen, stelde de bezetter (via de Nederlandse distributiestamkaarten en prijscontrolediensten) strikte maximumprijzen vast.
De "Inspecteur voor de Prijsbeheersching" was de instantie die toezag op deze naleving. Overtredingen werden in deze fase van de oorlog zeer zwaar gestraft, omdat de economische orde essentieel was voor de bezettingsmacht. De locatie van de geadresseerde, Waterlooplein 80, ligt in het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt; tegen 1944 was deze buurt nagenoeg leeggehaald door deportaties, en de marktactiviteiten daar stonden onder streng toezicht of waren overgenomen door niet-Joodse handelaren. Een uitsluiting van de Centrale Markt (de centrale groothandelsmarkt in Amsterdam-West) betekende in de praktijk het einde van de handelsactiviteiten voor de betrokkene. F. Ooms Puls