Afschrift van een officiële vergunning (marktwezen).
Origineel
Afschrift van een officiële vergunning (marktwezen). [Handgeschreven linksboven in blauw/paars en rood:]
№ 39/155/2 M. 1939 $^{29}/_{6}$
[Handgeschreven rechtsboven:]
m. Muller. (H/W?)
Secr. Gr. de Leur [?]
[Getypte tekst:]
No. 5/333 L.M.1939. Afschrift.
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
Gezien een adres van Levie Piller, geboren 17 December 1906, wonen-
de Nieuwe Prinsengracht 88 I, waarbij vergunning wordt verzocht tot het
innemen eener standplaats met een handkar ten verkoop van gedopte tuin-
boonen op den openbaren weg;
Geven adressant te kennen, dat hem tot wederopzeggens toe, doch
niet langer dan tot 1 September 1939, wordt toegestaan een standplaats
in te nemen met een handkar ten verkoop van gedopte tuinboonen op den
openbaren weg, het afloopend verhoogde voetpad aan den walkant van de
Nieuwe Prinsengracht, tegenover perceel No. 40, om daarvan gebruik te ma-
ken gedurende het tijdvak van 16 Juni tot 1 September 1939, des Dinsdags
en Vrijdags van 8 uur voormiddag tot 2 uur namiddag en des Donderdags
van 8 uur voormiddag tot 6 uur namiddag, en voorts onder de volgende
voorwaarden:
a. het verschuldigde standplaatsgeld moet bij vooruitbetaling worden vol-
daan;
b. de vergunninghouder mag alleen persoonlijk van deze vergunning gebruik
maken en zich bij den verkoop niet doen bijstaan;
c. boven de handkar mag zich niets anders bevinden dan een zeil of een an-
dere bedekking van een afmeting niet grooter dan de oppervlakte van
de handkar, welke bedekking alleen aan de handkar en niet, op welke wijze
ook, aan de straat of anderszins mag worden vastgemaakt;
d. aan de handkar mag zich geen omheining bevinden, hetzij van zeildoek,
hetzij van getimmerte, zoodat het uitzicht boven, onder en langs de hand-
kar naar alle zijden vrij blijve;
e. onder de handkar of in de onmiddellijke nabijheid daarvan, mogen zich
geen voorwerpen bevinden van welken aard ook;
f. de straat onder en in de nabijheid van de handkar moet rein blijven;
g. de bereiding, verpakking, bewaring, behandeling en het vervoer mag uit-
sluitend geschieden op zindelijke wijze en zoodanig, dat verontreiniging
voldoende wordt voorkomen.
h. de verpakking van eetwaren mag niet geschieden in papier, dat reeds
voor andere doeleinden is gebruikt;
i. de vergunninghouder moet op de eerste aanzegging der Politie de aange-
wezen plaats ontruimen, indien dit in het belang van de openbare orde
of van het openbaar verkeer, door deze noodig wordt geoordeeld, zullende
de weder ingebruikneming niet mogen geschieden, dan met haar toestem-
ming, terwijl alle overige aanwijzingen door haar te geven, stipt moeten
worden nageleefd;
j. deze vergunning zal op eerste aanvraag aan alle ambtenaren van de Po-
litie en het Marktwezen ter inzage moeten worden overhandigd, zoomede
de kwitantie betreffende het betaalde standplaatsgeld over de loopende,
c.q. voorafgaande week.
Deze vergunning zal dadelijk aan het bureau van de 2e afdeeling
der 4e Politie-sectie en aan het hoofdkantoor van den Dienst van het
Marktwezen moeten worden vertoond en niet van kracht zijn, wanneer niet
[Handgeschreven onderaan:]
uitge 28/6 39.
--- * Bureaucratische strengheid: Het document illustreert de verregaande regulering van straathandel in Amsterdam voor de Tweede Wereldoorlog. De voorwaarden (a t/m j) zijn zeer specifiek: van de afmetingen van het dekzeil tot het verbod op het gebruik van tweedehands inpakpapier.
* Beperkingen: Opvallend is bepaling 'b', die de vergunninghouder verplicht de handel alleen te drijven zonder hulp. Dit was vaak bedoeld om te voorkomen dat kleine handelaren uitgroeiden tot grotere ondernemingen of om de drukte op de kade te beperken.
* Locatie en Product: De verkoop van "gedopte tuinboonen" (gedopte tuinbonen) was een typische vorm van seizoensgebonden straathandel. De locatie op de Nieuwe Prinsengracht (tegenover nr. 40, aan de waterkant) plaatst de activiteit in de toenmalige Joodse buurt van Amsterdam.
* Fysieke kenmerken: De rode onderstrepingen in de tekst zijn waarschijnlijk aangebracht door een ambtenaar om de kerngegevens (data en specifieke locatie) snel te kunnen verifiëren.
--- * Tijdsgewricht: De vergunning is afgegeven in juni 1939, slechts enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog en de Duitse inval in Nederland (mei 1940). Het biedt een inkijkje in het dagelijks leven en de precaire economische positie van kleine zelfstandigen vlak voor de bezetting.
* Persoonshistorie: De genoemde Levie Piller (1906-1943) was een Joodse Amsterdammer. Historische bronnen (zoals het Joods Monument) bevestigen dat hij ten tijde van deze vergunning inderdaad op de Nieuwe Prinsengracht 88 I woonde. Hij was koopman van beroep. Dit document vormt een tragisch tastbaar bewijs van zijn pogingen om in zijn levensonderhoud te voorzien voordat hij en zijn gezin tijdens de Holocaust werden weggevoerd. Levie Piller is in juli 1943 vermoord in Sobibor.
* Stadsgeschiedenis: De vergunning toont hoe de kades van de Amsterdamse grachten intensief werden gebruikt voor kleinschalige handel, een straatbeeld dat na de oorlog en door modernere hygiënevoorschriften grotendeels zou verdwijnen.