Officieel afschrift van een vergunningsvoorwaarde.
Origineel
Officieel afschrift van een vergunningsvoorwaarde. 31 augustus 1939. Deze vergunning zal dadelijk aan het bureau van de 1e afdeeling
der 4e Politiesectie en het hoofdkantoor van den Dienst van het
Marktwezen moeten worden vertoond en niet van kracht zijn, wanneer
niet tevens wordt vertoond een kwitantie, waaruit blijkt, dat het
standplaatsgeld over de loopende week is betaald.
dJ Amsterdam, 31 Augustus 1939.
Burgemeester en Wethouders voornoemd,
Geen leges.
w.g. DE VLUGT,
de Secretaris,
**(get.) VAN LIER.**
Voor eensluidend afschrift,
de Secretaris,
[Handtekening: Van Lier] Dit document betreft een dwingende voorwaarde die verbonden is aan een afgegeven vergunning (waarschijnlijk voor een marktkoopman). De kern van de tekst is dat de vergunning op zichzelf niet geldig is zonder een bewijs van betaling (kwitantie) van het wekelijkse standplaatsgeld.
De vergunninghouder moet beide documenten kunnen overleggen aan zowel de politie (4e sectie) als de Dienst van het Marktwezen.
De vermelding "Geen leges" duidt aan dat voor dit specifieke afschrift of deze administratieve handeling geen extra legeskosten in rekening zijn gebracht. Het document is een "eensluidend afschrift", wat betekent dat het een officiële, gecertificeerde kopie is van het originele besluit van Burgemeester en Wethouders. De namen die genoemd worden zijn Willem de Vlugt (destijds burgemeester van Amsterdam) en Van Lier (de gemeentesecretaris). De datum van het document, 31 augustus 1939, is historisch zeer saillant. Dit is de dag voordat nazi-Duitsland Polen binnenviel, wat het begin van de Tweede Wereldoorlog markeerde. Terwijl de internationale spanningen hun kookpunt bereikten, hield de Amsterdamse bureaucratie zich nog bezig met de reguliere ordehandhaving op de markten.
Willem de Vlugt was burgemeester van Amsterdam van 1921 tot 1941. De "Dienst van het Marktwezen" was in een stad als Amsterdam, met zijn vele straatmarkten, een cruciaal onderdeel van de gemeentelijke organisatie om de handel en openbare orde te reguleren. De verwijzing naar de "4e Politiesectie" duidt op de specifieke geografische indeling van de Amsterdamse politie in die tijd. Gemeente Amsterdam Marktwezen Politie
Samenvatting
Dit document betreft een dwingende voorwaarde die verbonden is aan een afgegeven vergunning (waarschijnlijk voor een marktkoopman). De kern van de tekst is dat de vergunning op zichzelf niet geldig is zonder een bewijs van betaling (kwitantie) van het wekelijkse standplaatsgeld.
De vergunninghouder moet beide documenten kunnen overleggen aan zowel de politie (4e sectie) als de Dienst van het Marktwezen.
De vermelding "Geen leges" duidt aan dat voor dit specifieke afschrift of deze administratieve handeling geen extra legeskosten in rekening zijn gebracht. Het document is een "eensluidend afschrift", wat betekent dat het een officiële, gecertificeerde kopie is van het originele besluit van Burgemeester en Wethouders. De namen die genoemd worden zijn Willem de Vlugt (destijds burgemeester van Amsterdam) en Van Lier (de gemeentesecretaris).
Historische Context
De datum van het document, 31 augustus 1939, is historisch zeer saillant. Dit is de dag voordat nazi-Duitsland Polen binnenviel, wat het begin van de Tweede Wereldoorlog markeerde. Terwijl de internationale spanningen hun kookpunt bereikten, hield de Amsterdamse bureaucratie zich nog bezig met de reguliere ordehandhaving op de markten.
Willem de Vlugt was burgemeester van Amsterdam van 1921 tot 1941. De "Dienst van het Marktwezen" was in een stad als Amsterdam, met zijn vele straatmarkten, een cruciaal onderdeel van de gemeentelijke organisatie om de handel en openbare orde te reguleren. De verwijzing naar de "4e Politiesectie" duidt op de specifieke geografische indeling van de Amsterdamse politie in die tijd.