Krantenknipsel.
Origineel
Krantenknipsel. Grootere vischaanvoer naar Amsterdam
Extra-toewijzingen voor importeurs.
De indertijd in den breede door ons besproken poging van het Gemeentebestuur van Amsterdam om te komen tot een grooteren aanvoer van visch naar de hoofdstad, heeft tot een gunstig resultaat geleid.
De Minister van Sociale Zaken heeft zich namelijk bereid verklaard te bevorderen, dat, binnen het raam der bestaande invoercontingenten, aan importeurs boven de hun op grond van invoer in de basisjaren verstrekte toewijzingen, extra-toewijzingen voor versche zeevisch worden verleend, op voorwaarde, dat deze visch op den Amsterdamschen afslag wordt verkocht.
In onze publicaties welke wij begin Juli aan deze materie gewijd hebben, deden wij uitkomen, dat „IJmuiden” en „Amsterdam” het lang niet eens waren over de vischvoorziening van de hoofdstad.
„Amsterdam” — dat wil in de allereerste plaats zeggen: de venters — beweerde, dat IJmuiden niet voorziet in de Amsterdamsche behoefte aan visch, nòch wat de hoeveelheid, nòch wat de sorteering betreft. Bot, kustschol en geep moeten we hebben, zeiden ze, en die krijgen we niet van IJmuiden. Daarom is invoer van méér buitenlandsche visch noodig.
IJmuiden hield daarentegen vol, dat er, mits er maar voor wordt betaald, wel degelijk genoeg visch van allerlei soort wordt aangevoerd; zoo o.a. genoeg kustschol.
De minister heeft thans dus de zijde van „Amsterdam” gekozen en de mogelijkheid tot den invoer (over land met vrachtauto’s) van buitenlandsche (Deensche) visch vergroot. Gehéél bevredigd is de hoofdstedelijke vishandel echter nog niet, daar alleen de invoer over land, doch niet de aanvoer over zee van buitenlandsche visch is verhoogd. * Kernproblematiek: De Amsterdamse visverkopers (venters) klaagden dat de aanvoer vanuit de haven van IJmuiden ontoereikend was, zowel in volume als in specifieke soorten (bot, kustschol, geep). IJmuiden bestreed dit en stelde dat het een prijsvraagstuk was.
* Beleidsmaatregel: De Minister van Sociale Zaken heeft ingestemd met extra importquota (contingenten) voor buitenlandse vis, mits deze via de Amsterdamse afslag wordt verhandeld.
* Logistiek: De extra import betreft specifiek transport over land met vrachtauto's, met name voor vis uit Denemarken. Er is nog onvrede over het feit dat de aanvoer over zee niet is verruimd.
* Terminologie: Het gebruik van "invoercontingenten" en "basisjaren" wijst op de Crisis-invoerwetgeving, bedoeld om de binnenlandse markt te beschermen tijdens de Grote Depressie. Dit artikel illustreert de economische spanningen in Nederland tijdens het interbellum (waarschijnlijk de jaren '30). In deze periode greep de overheid sterk in de markt in via contingentering (beperking van de import) om de eigen producenten, zoals de vissers in IJmuiden, te beschermen. Amsterdam, als groot consumptiecentrum, kampte hierdoor met tekorten of te hoge prijzen. De politieke lobby van het Amsterdams Gemeentebestuur bij het Ministerie van Sociale Zaken (dat destijds ook over werkgelegenheid en marktordening ging) toont aan hoe lokale overheden probeerden de nadelige effecten van het nationale protectionisme voor hun eigen burgers en middenstand te verzachten. De keuze voor Deense vis via vrachtverkeer duidt op de opkomst van gemotoriseerd wegtransport als alternatief voor de traditionele aanvoer over zee.