Officiële brief/correspondentie.
Origineel
Officiële brief/correspondentie. 23 november 1938. Nederlandsche Visscherijcentrale, Den Haag. Den Heer Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE
TELEFOON 720080* TELEGRAMADRES: NEDVISCEN
INTERCOMMUNAAL XX 1 GIROREKENING 245271
AFD. I. № 46 A/35/22 M. 1938 24/11
BETREFFENDE invoer
zeevisch.
Den Heer Directeur van het
BERICHT OP SCHRIJVEN VAN Marktwezen
18-11-'38. Jan van Galenstraat 14
No. AMSTERDAM-W.
BIJ ANTWOORD VERMELDEN:
No. 6365.
BIJLAGEN STUKS, T.W.: 'S-GRAVENHAGE, 23 November 1938.
JULIANA VAN STOLBERGPLEIN 3—4
Naar aanleiding van Uw nevenvermeld schrijven doe ik U een overzicht toekomen van de dezerzijds afgegeven toewijzingen aan te Amsterdam gevestigde importeurs, welke toewijzingen zijn verleend op voorwaarde, dat de in te voeren zeevisch moet worden verkocht over den Gemeentelijken Vischafslag te Amsterdam.
Toegewezen aan:
M. Gerritse, Amsterdam, toewijzing № 1481 voor 4.000 kg netto zeevisch uit Denemarken in te voeren gedurende het tijdvak van 19 October 1938 tot 15 November 1938; hiervan heeft de importeur geen gebruik gemaakt;
N.V. Nederlandsch Vischveem, Amsterdam, toewijzing № 1502 voor 605 kg netto zeevisch uit Noorwegen in te voeren gedurende het tijdvak van 29 October 1938 tot 15 November 1938; deze toewijzing is met 60 kg netto aangevuld bij toewijzing № 1528 op 10 November j.l.
Volgens Uw schrijven dd. 7 November j.l. № 46 A/35/12 M heeft de N.V. Nederlandsch Vischveem op 1 November j.l. 105 kg Noorsche visch in den afslag aangevoerd en volgens Uw schrijven dd. 18 dezer № 46 A/35/19 M 560 kg Noorsche visch op 15 November j.l.
N.V. Nederlandsch Vischveem, Amsterdam, toewijzing № 1529 voor 1.000 kg netto zeevisch uit Noorwegen in te voeren gedurende het tijdvak van 11 November 1938 tot 1 December 1938;
H. Wijnschenk, Amsterdam, toewijzing № 1503 voor 3.000 kg netto zeevisch uit Zweden in te voeren gedurende het tijdvak van 29 October 1938 tot 15 November 1938.
Volgens Uw schrijven dd. 5 November j.l. № 46 A/35/11 M heeft H. Wijnschenk 1.400 kg netto op den vischafslag verkocht.
17484 - '38 [v.b. / onleesbaar initiaal] Deze brief dient als administratieve controle tussen de centrale autoriteit (Nederlandsche Visscherijcentrale) en de lokale marktmeester in Amsterdam. De kern van het document is de handhaving van importquota en de verplichte afzet via de officiële kanalen.
- Regulering: Er is sprake van een strikt systeem van "toewijzingen" (quota) per land van herkomst (Denemarken, Noorwegen, Zweden).
- Controle: De Visscherijcentrale vergelijkt haar eigen toewijzingen met de daadwerkelijke aanvoergegevens die zij van de Directeur van het Marktwezen heeft ontvangen.
- Naleving: Uit het document blijkt dat niet alle importeurs hun volledige quotum benutten. M. Gerritse voerde niets in, en H. Wijnschenk verkocht slechts 1.400 kg van zijn toegewezen 3.000 kg.
- Administratieve kenmerken: De brief bevat diverse stempels, referentienummers en handgeschreven kanttekeningen (zoals "m.i. Dir 21/11" en "gezien"), wat duidt op een zorgvuldig archiveringsproces binnen de gemeentelijke diensten. Het document dateert uit november 1938, een periode waarin de Nederlandse overheid de economie steeds sterker reguleerde naar aanleiding van de economische crisis van de jaren '30 en de dreigende oorlogssituatie in Europa.
De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) werd opgericht om de belangen van de visserijsector te behartigen en de markt te ordenen. Door importen te koppelen aan de verplichting om via de Gemeentelijke Vischafslag te verkopen, hield de overheid grip op de voedselvoorziening, de prijsvorming en de kwaliteit van de vis. Dit voorkwam 'grijze import' buiten de officiële marktkanalen om. De locatie van het Marktwezen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam verwijst naar de Centrale Markthallen, die in die tijd het kloppende hart van de Amsterdamse voedseldistributie vormden.