Archiefdocument
Origineel
23 oktober 1936 Extra [handgeschreven]
VP/G
46/148/1 M
23 October 1936
Verbetering aanvoer Vischmarkt.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen
A l h i e r.
Ingevolge telephonisch verzoek van den heer Administrateur Uwer afdeeling heb ik nog eens nagegaan, of dezerzijds verbetering van den aanvoer ter Vischmarkt hier ter stede kan worden bevorderd. Ik heb dienaangaande overleg gepleegd met den Directeur der Nederlandsche Visschery Centrale te 's-Gravenhage, die myn opvatting, dat de Gemeente ten deze niet veel kan doen, volkomen bevestigde.
By het desbetreffende onderhoud heb ik in de eerste plaats getracht, om alsnog ten behoeve van de Vischmarkt consent te krygen voor den invoer van buitenlandsche visch. Inwilliging van myn verzoek bleek niet mogelyk (hetgeen my trouwens reeds bekend was), omdat de Amsterdamsche afslag in de "basisjaren", waarnaar de contingenteering wordt berekend, geen buitenlandsche visch heeft geïmporteerd. De Rotterdamsche afslag heeft wel dergelyke consenten, omdat by dezen dienst als ambtenaar is aangesteld een persoon, die vroeger als importeur van visch werkzaam was en die zyn consent op de Gemeente Rotterdam heeft overgedragen.
Door den bovengenoemden directeur werd er nog op gewezen, dat de toegestane invoer van buitenlandsche visch door de importeurs-consenthouders in het geheele land vry kan worden verhandeld. Het feit, dat zy nagenoeg den geheelen import te Ymuiden en te Rotterdam verhandelen wyst erop, dat te Amsterdam onvoldoende pryzen voor de visch worden gemaakt; Dit document is een ambtelijk verslag over de belemmeringen bij de visaanvoer op de Amsterdamse vismarkt in 1936. De kern van de problematiek is bureaucratisch en economisch van aard:
- Contingenteering (Quotas): Vanwege de economische crisis in de jaren '30 hanteerde de overheid een systeem van invoerquota gebaseerd op historische data ("basisjaren"). Omdat Amsterdam in die referentieperiode geen vis importeerde, kreeg de stad in 1936 geen nieuwe importvergunningen (consenten).
- Concurrentie met Rotterdam: Er wordt een interessante vergelijking gemaakt met Rotterdam. Rotterdam wist het systeem te omzeilen door een voormalig privaat importeur als ambtenaar aan te nemen, die zijn persoonlijke importrechten overdroeg aan de gemeente.
- Marktwerking: De schrijver concludeert dat Amsterdamse handelaren simpelweg te lage prijzen bieden vergeleken met IJmuiden en Rotterdam, waardoor de vrije importeurs de Amsterdamse markt mijden. Het document dateert uit het dieptepunt van de jaren '30 (de Grote Depressie). De Nederlandse regering voerde een stringent beleid van "contingenteering" om de eigen markt te beschermen tegen goedkope buitenlandse import. De Nederlandsche Visschery Centrale (NVC), gevestigd in Den Haag, was het centrale orgaan dat toezag op deze regels.
De tekst illustreert de felle concurrentiestrijd tussen de grote steden (Amsterdam vs. Rotterdam) en de overgang van de vismarkt van een lokale aangelegenheid naar een strikt gereguleerde nationale markt. De spelling (bijv. "Vischmarkt", "telephonisch") is kenmerkend voor de Nederlandse schrijftaal van vóór de spellinghervorming van Marchant.