Archief 745
Inventaris 745-301
Pagina 392
Dossier 7
Jaar 1939
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijke notitie/brief.

5 september 1939 (genoteerd als 5-9-"39). Van: Onbekend (ondertekend met een onleesbaar initiaal/handtekening).

Origineel

Handgeschreven ambtelijke notitie/brief. 5 september 1939 (genoteerd als 5-9-"39). Onbekend (ondertekend met een onleesbaar initiaal/handtekening). No 85/88/1 M 1939 22/8

Den Heer Inspecteur
vh Marktwezen
alhier.

Lindengracht.

Wat het verzoek van Joh No 104 J.S. Nijhuis
betreft diene het volgende.
Nijhuis heeft sinds 17 Jaar een eigen
kar gehad, zijn kar No was 1117.
Voor eenige tijd geleden is zijn kar
gestolen en heeft hij tijdelijk een kar
van Lufland gehuurd.
Inmiddels heeft hij zich weer een
nieuwe kar aangeschaft, en is er m.i.
geen bezwaar tegen dat hij er in het ver-
volg mee uitpakt.

5 - 9 - "39
[Handtekening] Dit document is een intern advies of rapportage binnen de gemeentelijke dienst die toezicht hield op de markten (Marktwezen). De tekst is geschreven in een duidelijk leesbaar 20e-eeuws cursief handschrift.

De kern van de zaak is dat marktkoopman J.S. Nijhuis (werkzaam op de Lindengracht) een probleem had met zijn werkmateriaal. Hij was al 17 jaar werkzaam met een eigen kar (nummer 1117), maar deze werd gestolen. Na een periode van huren heeft hij een nieuwe kar gekocht. De ambtenaar die dit schrijft, geeft akkoord ("geen bezwaar") dat Nijhuis voortaan met deze nieuwe kar zijn waar mag uitstallen ("uitpakt").

Interessant detail is de administratieve precisie: zowel het nummer van de marktkoopman (Joh No 104) als het specifieke nummer van de gestolen kar (1117) worden vermeld. Het document dateert van begin september 1939. Dit is een historisch beladen moment: de Tweede Wereldoorlog was net vier dagen eerder begonnen met de Duitse inval in Polen. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was en de mobilisatie gaande was, blef het dagelijks leven en de bureaucratie in de steden zoals Amsterdam gewoon doorgaan.

De Lindengracht in de Jordaan was (en is) een bekende Amsterdamse marktlocatie. In de jaren '30 waren handkarren het standaardvervoermiddel voor marktkooplieden. De diefstal van een kar was voor een kleine zelfstandige een grote schadepost en een administratieve rompslomp, omdat de karren geregistreerd stonden bij de marktinspectie. Dit document toont de menselijke maat in de bureaucratie van die tijd; na een periode van tegenspoed krijgt de koopman toestemming om zijn nering met nieuw materiaal voort te zetten.

Samenvatting

Dit document is een intern advies of rapportage binnen de gemeentelijke dienst die toezicht hield op de markten (Marktwezen). De tekst is geschreven in een duidelijk leesbaar 20e-eeuws cursief handschrift.

De kern van de zaak is dat marktkoopman J.S. Nijhuis (werkzaam op de Lindengracht) een probleem had met zijn werkmateriaal. Hij was al 17 jaar werkzaam met een eigen kar (nummer 1117), maar deze werd gestolen. Na een periode van huren heeft hij een nieuwe kar gekocht. De ambtenaar die dit schrijft, geeft akkoord ("geen bezwaar") dat Nijhuis voortaan met deze nieuwe kar zijn waar mag uitstallen ("uitpakt").

Interessant detail is de administratieve precisie: zowel het nummer van de marktkoopman (Joh No 104) als het specifieke nummer van de gestolen kar (1117) worden vermeld.

Historische Context

Het document dateert van begin september 1939. Dit is een historisch beladen moment: de Tweede Wereldoorlog was net vier dagen eerder begonnen met de Duitse inval in Polen. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was en de mobilisatie gaande was, blef het dagelijks leven en de bureaucratie in de steden zoals Amsterdam gewoon doorgaan.

De Lindengracht in de Jordaan was (en is) een bekende Amsterdamse marktlocatie. In de jaren '30 waren handkarren het standaardvervoermiddel voor marktkooplieden. De diefstal van een kar was voor een kleine zelfstandige een grote schadepost en een administratieve rompslomp, omdat de karren geregistreerd stonden bij de marktinspectie. Dit document toont de menselijke maat in de bureaucratie van die tijd; na een periode van tegenspoed krijgt de koopman toestemming om zijn nering met nieuw materiaal voort te zetten.

Gerelateerde Documenten 6